volg Filip op facebook




ACTUEEL tot eind september 2021


Beste vrienden,


Ik was terug in Porto Velho op de vooravond van de Braziliaanse onafhankelijkheidsdag (7 september), na een fijne vakantie in België.


De voorbije vakantie was een deugddoend weerzien van familie en vrienden. Tot rust komen na toch wel een spannende periode en genieten van de goeie dingen van het (Belgische) leven zoals: het drinken van een Triple van Westmalle, het eten van tomates crevettes met frietjes, het lezen van een goede roman zonder gestoord te worden door telefoon, het wandelen in de natuur en vrij zijn van verplichtingen. Het 10-daagse isolement en de coronatesten nam ik er graag bij, als we daarmee veilig mekaar terug kunnen ontmoeten, is dat geen moeten .



Grimmigheid

Op de terugreis moest ik in Brasilia overstappen op een ander vliegtuig. Ik voelde al meteen een grimmige sfeer op de luchthaven.


Aanhangers van president Bolsonaro kwamen vanuit het hele land in de hoofdstad aan om op de onafhankelijkheidsdag te betogen. Al wekenlang beloofde Bolsonaro op 7 september klare taal te spreken en te laten zien aan de wereld wat het Braziliaanse volk wil. Impliciet liet hij uitschijnen dat een mogelijke staatsgreep in de lucht hing. Hij en zijn aanhangers willen al langer een militaire interventie en het sluiten van Kamer, Senaat en het Hooggerechtshof om “orde op zaken” te stellen en alleen te kunnen heersen.


De militaire politie had de toegang tot ‘het plein van de drie machten’ op die vooravond al afgesloten. Dat gebeurt altijd bij manifestaties. Ze lieten echter een voorhoede van aanhangers van Bolsonaro begaan die de barricades begonnen te doorbreken. De voorzitter van het Hooggerechtshof, Luiz Fux, reageerde snel en eiste onmiddellijke actie van de militaire politie, zoniet zou hij het leger inschakelen. De legercommandanten werden gedwongen om positie in te nemen, terwijl ze liever wilden afwachten wat er zou gebeuren.


Op de onafhankelijkheidsdag zelf hield Bolsonaro een verhit discours op de fameuze Avenida Paulista in São Paulo voor een massa aanhangers. Hij lanceerde een rechtstreekse aanval op Alexandre de Moraes, minister van het Hoog-gerechtshof, die een doorn in het oog is van Bolsonaro en dus uit de weg geruimd moet worden. Bolsonaro kent het woord dialoog niet.


Vrachtwagenchauffeurs die Bolsonaro steunen probeerden het land lam te leggen door de grote snelwegen te blokkeren en zo kunstmatig benzineschaarste te creëren. De benzineprijzen en de dollar gingen de hoogte in, wat meteen ook de inflatie deed toenemen. Niet alleen de oppositie en de pers, maar ook de industriëlen gingen op hun achterste pootjes staan.


Verkeerd gegokt


Het mocht allemaal niet baten en Bolsonaro moest de dag nadien op zijn stappen terugkomen. Hij schreef een verontschuldigende brief, na tussenkomst van ex-president Michel Temer, waarin hij bekent dat hij te ver is gegaan en zich in zijn toespraak heeft laten verleiden door de joelende menigte. Maar dat hij de grondwet en de verschillende machten van de republiek respecteert en erkent.


Door die brief is hij de sympathie van zijn meest radicale aanhangers ook kwijtgeraakt. Maar de tactiek van Bolsonari is aanvallen en zich nadien wat terugtrekken om dan weer aan te vallen en zo langzaam maar zeker terrein te winnen.

Ondertussen in Porto Velho


Hier in Porto Velho zag je duidelijk dat de betoging op de onafhankelijkheidsdag ter ondersteuning van het beleid van Bolsonaro gesponsord werd door de agrobussiness. Zij kwamen met hun machines en tractoren de straat.


Jammer dat de Braziliaanse vlag die toch de vlag van alle Brazilianen is, nu als boegbeeld van extreemrechts wordt gebruikt. Alsof zij de enige, echte burgers zijn. Het doet me denken aan de Vlaamse leeuw die nu door velen met extreemrechts wordt geassocieerd, terwijl het de vlag van alle Vlamingen is.


Stop de haat


Ik schreef een whatsapp-bericht voor de groepen van de parochie waarin ik alle Brazilianen feliciteerde met hun feestdag. Ik drukte mijn dankbaarheid uit voor dit gastvrije land dat me als een zoon heeft geadopteerd. Maar dat we niet kunnen ontkennen dat Brazilië een grote crisis doormaakt, en niet alleen omwille van de pandemie van COVID-19. De kloof tussen rijk en arm wordt terug groter, minderheidsgroepen worden gediscrimineerd, het Amazonewoud wordt platgebrand, het geweld neemt toe. Als christen kunnen of mogen we daar niet onverschillig voor blijven. Er zijn duidelijk verschillende meningen over hoe deze problemen aangepakt moeten worden.


Maar bovenal moeten we respectvol blijven tegenover wie er een andere mening op nahoudt, open blijven staan voor dialoog en de vrede bevorderen.

Daarom heb ik gevraagd om geen haatdragende of discriminerende boodschappen te posten op online-groepen van de parochie. Ik ben benieuwd of men zich aan deze ethische code kan houden. Want het belooft volgend jaar met de presidentsverkiezingen nog spannend te worden.


Filip


Sta op en wandel 2.0


Door de pandemie waren we genoodzaakt om ons project “Sta op en wandel” voor de daklozen in Porto Velho op te schorten. Ik schreef er al eerder over.


Het huis dat we ervoor huurden was te klein voor zoveel mensen. Het was onmogelijk om sociale afstand te houden. In de plaats daarvan kwam een noodprogramma voor daklozen op gang in samenwerking met het stadsbestuur dat anderhalf jaar functioneerde op de parochie Heilige Familie om de ergste noden te lenigen zoals maaltijden, voedselpakketten en gelegenheid om te douchen en kleren te wassen.


Heel wat mensen zijn, ondanks de pandemie, als vrijwilliger komen helpen in het uitdelen van maaltijden, klaarmaken van voedselpakketten, sorteren van tweedehandskledij. Langzaam maar zeker groeide er vertrouwen en vriendschap tussen de vrijwilligers en de mensen van de straat. Ze vertelden over hun gezondheidsproblemen, alcohol- of drugverslaving of familiale toestanden. Verschillende mensen van de straat hebben we kunnen doorverwijzen naar een ambulante medische post, een therapeutische gemeenschap, een psycholoog of psychiater. Het was een leerschool om evenwaardig om te gaan met mensen in zo’n kwetsbare situaties.


De vrijwilligers en professionele krachten van de sociale dienst van de stad begonnen elke dag met een gebed, een lezing uit het Evangelie en een uitwisseling van wat hen het meest treft in de lezing.


Nu het aantal slachtoffers en besmetten van het virus COVID-19 steeds verder dalend is, willen we ons oorspronkelijk project “Sta op en wandel” terug opnemen. We willen niet alleen de ergste noden lenigen van de daklozen, maar hen via werkateliers en allerlei activiteiten stimuleren om uit deze situatie te stappen van op straat wonen. Want iedereen heeft recht op een woonst, op werk, op een inkomen, op scholing.


Ons schoolvoorbeeld is het project “Sta op en wandel” in Salvador van de Trindade-gemeenschap dat reeds 20 jaar bestaat en waar ex-daklozen als ervaringsdeskundigen werden aangenomen.


Caritas Porto Velho kreeg een project goedgekeurd met financiële middelen om een professionele equipe aan te werven voor een jaar en toiletten, douchen en wasruimtes te bouwen voor de opvang van migranten en mensen die op straat leven.


Op de Sint Cristoffelparochie, naast het huis van de zusters, hebben we nog een ongebruikt terrein waar zo’n onthaalcentrum kan opgericht worden. Zo hopen we terug van start te kunnen gaan en onze oude droom waar te maken.


Filip


Een nieuw pastoraal plan

voor het aartsbisdom Porto Velho


In volle pandemie een proces op gang krijgen van luisteren naar de noden van elke gemeenschap en voorstellen van een vernieuwende pastoraal, is geen sinecure.


Met het slotdocument van de Amazone-synode en de brief van paus Franciscus “Geliefde Amazone” en de algemene richtlijnen van evangelisatie van de Braziliaanse bisschoppenconferentie als basis, wilden we een nieuw plan uitwerken. We willen de lokale kerk een eigen gelaat te geven van deze Amazone-streek: een arme, dienende, solidaire en missionaire kerk.


Synodale inspraak


Via videoconferenties en livemeetings werden de gemeenschappen gestimuleerd om hun gedacht te zeggen. We wilden zoveel mogelijk gelovigen van allerlei pluimage horen.


Alle reacties zijn verwerkt, samengevat, gecondenseerd in voorstellen en uitgewerkt tot een plan dat op de algemene vergadering uiteindelijk is goedgekeurd. Het nieuwe pastorale plan werd op een creatieve manier voorgesteld door de jongeren van het kleinseminarie. Ze beeldden het logo uit dat op de voorkaft van het pastorale plan staat: het samen op weg gaan begint met het volk van God dat zich voedt aan het Woord van God. De twee handen delen het brood, teken van broederlijkheid. De voetsporen links en rechts tonen de missionaire weg naar de verschillende realiteiten van het bisdom: de stad en de gemeenschappen in het binnenland, langs de rivier, de inheemse volkeren. Het kruis krijgt de missionaire kleuren omgehangen van de verrijzenis.


Met dit nieuwe plan als basis moet nu elke parochie en gemeenschap zijn eigen plan maken, uitgaand van hun realiteit en prioriteiten.


Moge dit plan concreet worden in de praktijk van ons pastoraal handelen en ons helpen om trouw aan Gods Woord Zijn wil te laten geschieden.


Filip


De Warao | een inheems volk uit Venezuela en Onze Lieve Vrouw van Coromoto, patrones van Venezuela.


De Warao zijn met de andere migranten uit Venezuela afgezakt naar Porto Velho op zoek naar betere leefomstandigheden. Ze wonen nu op onze parochie. Deze maand wilden ze het feest vieren van Onze Lieve Vrouw van Coromoto, de patrones van Venezuela.


Zuster Arceolídia die als religieuze van de congregatie van de H. Carlos Borromeu de migranten begeleidt, stelde zich ter beschikking van de Warao om het feest te helpen organiseren. Ze wilden dat het zou doorgaan daar waar ze wonen. De zuster kon van de sociale dienst van de gemeente een grote tent lenen. Van de parochie konden ze tafels en stoelen gebruiken. Met vrijwilligers werd er kip met rijst gemaakt voor zo’n 100 man in de grootkeuken van de parochie. Enkele parochianen sponsorden alles met het maken van T-shirts met de beeltenis van OLV van Coromoto voor die speciale gelegenheid.


Vlaggen van Venezuela en Brazilië werden opgehangen. De Warao-vrouwen namen het voortouw en lieten hun mannen een grote schoonmaakbeurt houden en een houten kapelletje bouwen voor OLV van Coromoto.


Na de traditionele dansen van de jonge meisjes en oudere vrouwen nam één van de ouderlingen het woord en vertelde de geschiedenis van OLV van Coromoto. Ze verscheen in 1652 aan een indianenleider van de Cospas, Coromoto genaamd, in het oerwoud waarin ze zich hadden teruggetrokken. Volgens de overgeleverde legende sprak OLV in de inheemse taal en zei dat ze bij de blanken water moesten gaan halen om over hun hoofd te gieten om zo naar de hemel te kunnen gaan. Zo gezegd, zo gedaan en na de catechese die Juan Sánchez, een Spaanse conquistador, had gegeven werd de ganse stam gedoopt, uitgezonderd de leider Coromoto. Hij had zo zijn reserves.


Toen verscheen OLV nogmaals aan hem en zei hij tot haar: “Hoe lang ga je me blijven vervolgen? Ik ga me niet laten dopen”. Coromoto werd woedend en wilde haar aanvallen, maar toen viel hij bewusteloos op de grond en toen hij wakker werd hield hij een kleine beeltenis van OLV in zijn hand. Hij vluchtte het woud in en werd door een slang gebeten.


Coromoto zag dit als een straf voor zijn wangedrag tegenover OLV en vol spijt bekeerde hij zich, genas en liet hij zich dopen. Het beeldje werd in een schrijn gezet en Juan Sánchez liet er een altaar voor maken. Steeds meer bedevaarders kwamen bidden om voorspraak van OLV en zo groeide die plek uit tot een groot nationaal heiligdom.


Na het verhaal over OLV van Coromoto, las ik het evangelie van het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabeth voor. Zuster Solange preekte in het Spaans over hoe ook zij snel moesten verhuizen op zoek naar overlevingskansen en we baden voor het welzijn van alle familieleden, ver weg in Venezuela of hier in Brazilië. Tot slot baden we samen het Onze Vader en ik gaf de zegen.


De Warao willen inderdaad hun kinderen onmiddellijk laten dopen. Ik daagde de twee seminaristen die bij ons op de parochie stage lopen, uit om de doopvoorbereiding van de ouders, peters en meters ter harte te nemen. Geen gemakkelijke klus, want ze spreken alleen hun eigen taal en een beetje Spaans en kunnen niet lezen. Het verhaal van OLV van Coromoto onderstreept het belang van dopen, maar wat houdt dit verder voor hen in? Is het enkel ter bescherming tegen slangenbeten of andere gevaren? Of kunnen zij het doopsel ook zien als initiatie om leerling van Jezus te worden? Wat is hun kosmos-visie? Ze zullen opzoekingswerk moeten doen. Beide seminaristen komen uit streken waar ook verschillende inheemse volkeren wonen. Het is dus een goede oefening in inculturatie en respect voor de eigenheid van de inheemse volkeren.

Filip



TER BEZINNING


Op 15 augustus 2021 – Feest van Maria ten Hemel Opgenomen en Moederdag in Antwerpen, ging ik voor in H. Drievuldigheidskerk te Berchem. Dit is mijn homilie.


Beste mensen,

In de eerste plaats wil ik mijn blijdschap en dankbaarheid uitdrukken om hier corona-vrij, gezond en wel voor u te mogen staan. Komende uit een land als Brazilië waar reeds 560.000 mensen overleden zijn aan het virus, is dit geen evidentie.

560.000 doden zijn niet alleen het gevolg van het virus COVID-19, maar ook van een wanbeleid die de economie boven het welzijn van de mensen stelt. Een wanbeleid geleid door een president die lang weigerde de richtlijnen van de Wereldgezondheidsorganisatie te volgen. Die weigerde om vaccins aan te kopen en in plaats daarvan een medicament promootte dat de besmetting zou voorkomen en waarvan wetenschappelijk bewezen werd dat het geen enkel effect heeft.

Vele parochianen, vrienden en kennissen zijn omgekomen in de file wachtenden op een bed in de spoedgevallendienst of in overvolle hospitalen, met een tekort aan zuurstofflessen. Ook hier veroorzaakt de pandemie veel leed en slachtoffers. Zoals we jullie parochiaan Jan De Smet hier vandaag gedenken, kennen we veel mensen die geleden hebben onder de ziekte of bekenden verloren hebben.

Het is voor ons allen een moeilijke tijd (geweest en nog) waarin we als gelovige of niet-gelovige uitgedaagd worden om hoopvol in het leven te blijven staan. Misschien kan Maria, die we vandaag vieren, ons mee op deze weg helpen. Het evangelie van vandaag toont ons hoe Maria haar geloof beleefde: luisterend naar God, beschikbaar om mee te werken aan bevrijding en dankbaar om al het wonderbaarlijke dat God in haar leven teweeg heeft gebracht. Ze gaat op bezoek bij Elisabeth om haar bij te staan omdat ze zelf bezocht werd door God. Maar hoe kunnen wij vandaag God daadwerkelijk aanwezig zien en Zijn bevrijdende kracht voelen?

In deze kerk staan Mariabeelden van verschillende kunstenaars. Het prachtige houten Mariabeeld van Poels, de OLV van Rik Sauter, de OLV van Banneux, de Maagd der armen, gemaakt door mijn grootvader Gerard Dupon, enz.


Mariabeeld (achtergrond) in parochiekerk Sint-Christoffel in Porto Velho


In de parochiekerk waar ik dienst doe, Sint Christoffel in Porto Velho, staat een Mariabeeld met haar armen opgeheven, God lovend en dankend, het Magnificat zingend. Als was het om te zeggen: Om God daadwerkelijk aanwezig te zien, moeten we met onze voeten stevig in de werkelijkheid staan, maar tegelijkertijd met onze armen en handen opgeheven openstaan voor Gods Geest.

In eerste lezing uit het boek Openbaring hoorden we het visioen van Gods aanwezigheid midden in de strijd: tekenen van een vrouw in verwachting van het nieuwe leven dat geboren moet worden enerzijds en van een reusachtige vuurspuwende draak van vernieling en dood anderzijds.

De scène doet me denken aan een enorm schilderij zoals “Guernica” van Pablo Picasso (3,5 m hoog en 7,8 m breed) die het bombardement in 1937 van de Duitse nazi’s boven de Baskische stad Guernica weergeeft en waarbij 1660 mensen omkwamen.



Het schetst de gruweldaden en de waanzin van een oorlog, de pijn en het lijden. Maar midden in het schilderij houdt er iemand een brandende lamp vast, een klein teken van hoop en verwachting op betere tijden.


Het visioen van het boek Openbaring doet me ook denken aan de voorstelling van Dom Helder Cameras “Symphonie des deux mondes” (symfonie van de twee werelden) die ik meemaakte in 1980 hier in de Arenahall te Deurne.


Misschien zat daar al de kiem van mijn liefde voor Brazilië. Op een bepaald moment vraagt Dom Helder, de bisschop van Olinda en Recife in het NO van Brazilië, en zingt het koor: “Qui va gagner, le fort ou le faible?” (Wie gaat er winnen, de sterke of de zwakke?).

In de logica van deze wereld heeft die vrouw in verwachting tegenover die enorme draak geen schijn van kans om te overleven, maar ze weet weg te vluchten met haar pasgeboren kind naar de woestijn, de plek van goddelijke openbaring.

In Rondônia maakt de agrobussiness zijn opmars: alle overblijvend Amazonewoud moet er aan geloven, om soja te planten of koeien te laten grazen. Kleine gemeenschappen verdwijnen om plaats te maken voor de industriële landbouw. Nu we in de droge periode zijn, ligt Porto Velho onder een dikke mist van stof van de brandhaarden. Dezer dagen moesten ze de luchthaven sluiten omdat er geen zichtbaarheid was voor het landen van vliegtuigen.



Nog nooit wordt er zoveel platgebrand als nu, omdat de overheid geen middelen meer ter beschikking stelt om te beboeten en de daders van brandstichting te bestraffen. En dat terwijl we ook in Brazilië de klimaatsveranderingen voelen van hogere temperaturen, overstromingen en droogtes. Het is het kortetermijndenken van winstbejag en eigenbelang.

Maar er zijn ook alternatieven zoals de coöperatieve van kleine boeren RECA die fruitbomen zoals açaí, pupunha en palmito planten tussen de lokale fauna en flora. Er is de elektriciteit van de waterkrachtcentrales die enorme stukken bos onder water zetten voor de stuwmeren, maar er wordt gelukkig meer en meer gebruik gemaakt van zonne-energie.



Qui va gagner, le fort ou le faible?”

Met Maria geloven we in de kracht van de liefde die de wereld kan omvormen tot een Rijk Gods. En het zijn vooral de moeders en de vrouwen die ons daarin voorgaan. Daarom is het een mooie traditie in Antwerpen om op deze dag de moeders in de bloemekes te zetten. Maria was geen braaf meiske die zich onderdanig onderwierp aan de wil van de Heer, maar een krachtige vrouw die zich liet begeesteren door Gods adem. Ik denk aan mijn moeder, wiens uitvaart we hier vierden, en als jonge maatschappelijk werkster, toen al in de jaren ‘50, opkwam voor de waardigheid van vrouwen die in de prostitutie verzeild geraakten. Ze ging daarvoor kijken bij het Maria Legioen van Frank Duff in Dublin/Ierland en werkte mee aan de opvang van vrouwen in de prostitutie in Brussel.

Ik denk aan vele vrouwen hier van deze gemeenschap die vrijwillig hun steentje hebben bijgedragen zoals Yvonne Wouters, mijn catechiste, Rosa Bergen, kosteres, Wieza Gurny, lector, Monique Torfs als leerkracht op school. Het zijn krachtige en liefdevolle vrouwen die mijn leven hebben getekend en mij hebben doen geloven dat een andere wereld mogelijk is.

Het zou echter een valstrik zijn om op deze dag de moeders te eren, maar in het dagelijkse leven de mond van de vrouwen te snoeren, het huishoudelijk werk en de zorg voor de kinderen aan hen alleen over te laten, de bijdrage van de vrouwen in het maatschappelijke leven te beknotten. Ik ken heel wat macho-mannen die hun moeders aanbidden, maar hun vrouwen niet respecteren.



Emancipatie

Ik weet niet hoe het hier zit, maar in Brazilië is tijdens deze pandemie het huishoudelijk geweld tegen de vrouwen erg toegenomen. Vandaar pleit ik na de emancipatie van de vrouw die nog steeds niet volledig is doorgevoerd, ook voor de emancipatie van de man. Emancipatie van zijn beeld of model van wat man-zijn eigenlijk betekent. Het gendervraagstuk gaat niet alleen over gelijkheid, maar ook over de verschillende soorten van mannen en vrouwen die er zijn. Vele mannen worden ziek omdat ze zich vastzetten in een keurslijf van wat man zijn betekent.

  


Er zijn nog altijd veel meer mannen dan vrouwen die in de criminaliteit terechtkomen, die verslaafd geraken aan drugs of alcohol, die niet over hun gevoelens durven of kunnen spreken. In die zin zijn we met een boeiend project bezig in de gevangenis, waar een sterke macho subcultuur heerst. Met gedetineerden leren we gevoelens verwoorden in gespreksgroepen rond allerlei thema’s. Sommigen beginnen te zien hoe onderdrukkend ze zijn tegenover vrouwen, anderen durven te vertellen over hun angsten. Veel is er eigenlijk niet voor nodig: een veilige omgeving, een luisterend en aandachtig oor, een bemiddelaar in de conflicten.

Maria, moeder en vrouw, vertegenwoordigt ook de gemeenschap van de gelovigen, de kerk. Op de synode over het Amazonegebied in 2019 waar er naast alle bisschoppen uit die regio, ook voor het eerst 38 vrouwelijke gedelegeerden aanwezig waren, pleitte men voor meer ruimte en erkenning van de vrouw, ook in het beleid van de kerk. De initiatieven daarrond zijn nog zeer aarzelend, in een beginstadium. Terwijl in de praktijk toch vooral de vrouwen de kerkgemeenschappen animeren, blijft de beslissingsmacht in de kerk hoofdzakelijk bij de (gewijde) mannen. Jonge seminaristen zijn soms klerikaler dan priesters en dulden geen tegenspraak. Het leren werken in teamverband met mannen en vrouwen in de priesteropleiding is van fundamenteel belang. Maar er is nog een lange weg af te leggen.

Maria zingt de overwinning van God die de machtigen van hun troon stoot en de rijken met lege handen wegstuurt, de armen verheft en de hongerigen overlaadt met alle goeds. Het is de gemeenschap die deelt en solidair is, die in overvloed zal leven.

Al anderhalf jaar deelt de parochie in samenwerking met de gemeente en de lokale TV-zender, 180 maaltijden uit aan mensen die op straat leven. Het aantal daklozen is tijdens de pandemie fel toegenomen. Natuurlijk mag het niet blijven bij dit louter caritatieve, we moeten ijveren voor structuren die voorkomen dat mensen op straat terechtkomen. Daarvoor moet je deelnemen aan de bestaande overlegorganen en de rechten van de zwaksten verdedigen. Zo bekwamen we voor de daklozen prioriteit voor het vaccineren. Maar ook voor de vele vrijwilligers die komen meehelpen in het onthaal van die daklozen is het een verrijking: omgaan met mensen die niet gezien worden, niet in hun waardigheid erkend worden, vraagt veel tact, geduld en volharding, maar doet ons ook de maatschappij zien van onderuit, doet ons Jezus herkennen in de armsten, maakt ons gevoeliger voor de noden van anderen.

In de ontmoeting met mensen in armoede-situaties leren wij loslaten, ook wat ons zelf belemmert en onvrij maakt.
Paus Franciscus, denkend aan Maria ten hemel opgenomen, bidt op deze wijze:



Maria, de moeder die de zorg had voor Jezus, zorgt nu met moederlijke genegenheid en smart voor deze wereld. Zoals zij met haar doorboorde hart weende over de dood van Jezus, zo heeft zij nu medelijden met het lijden van de gekruisigde armen en met de schepselen van deze wereld die door menselijke macht te gronde worden gericht. Zij, geheel van gedaante veranderd, leeft met Jezus en alle schepselen bezingen haar schoonheid. Zij is de vrouw, “bekleed met de zon, de maan, onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren” (Apok. 12, 1). Opgenomen ten hemel, is zij moeder en koningin van heel de schepping. In haar verheerlijkt lichaam, verenigd met de verrezen Christus, heeft een deel van de schepping de volheid van haar schoonheid bereikt. Zij bewaart in haar hart niet alleen het gehele leven van Jezus, die zij met zorg “bewaart” in haar hart (vgl. Luc. 2, 19.51), maar begrijpt nu ook de zin van alles. Daarom kunnen wij haar vragen dat zij ons helpt met wijze ogen naar deze wereld te kijken.” Laudato Si nr. 241

Filip Cromheecke


IN MEMORIAM | Zuster Fátima


Zuster Fátima, in wit gekleed, in de kring


Ik kreeg telefoon van Lourdes, die met een verstikte stem zei dat Zuster Fátima gisteren op 18 september overleden is in Salvador op 85 jarige leeftijd. “Ze was als mijn moeder”, zo zei Lourdes, “ik zal haar zo erg missen”. Lourdes is al vele jaren terug op vrije voeten en gelukkig getrouwd met Joselito. Maar Zuster Fátima is ze nooit vergeten. In de donkerste periode van haar leven is zuster Fatima als een licht verschenen dat haar nooit meer verlaten heeft.

En zo zijn er vele mensen die kunnen getuigen van haar geloof, hoop en vooral liefde waarmee ze gebroken mensen in de gevangenis nabij is geweest.

Voor mij was ze een sterke “companheira da caminhada” zoals we zeggen, mijn “tochtgenote voor de Weg”. We hebben vele jaren samen gewerkt in de gevangenispastoraal van Salvador da Bahia. We waren heel verschillend van karakter. Uiterlijk was ze een klassieke non in een smetteloos wit habijt met een kap waardoor we niets van haar haren te zien kregen. Voor mij bleef het altijd een mysterie hoe zij haar habijt zo wit en smetteloos kon houden in die gevangenissen die we bezochten. Maar innerlijk had ze een ongelofelijke kracht en enthousiasme om te blijven vechten voor de rechten en de waardigheid van de gevangenen.

Toen ik haar in augustus nog bezocht heb in Salvador, was ze reeds door een hersenbloeding beperkt in haar spreken. Toch liet ze verstaan dat van zodra ze beter zou zijn, terug op gevangenisbezoek zou gaan.

Ze is jarenlang lid geweest van de gevangenisraad van de staat Bahia die het toezicht op het naleven van de mensenrechten moet garanderen. Ze heeft ontelbare petities van schending van mensenrechten in de gevangenissen ingediend. We hebben ettelijke keren samen vorming gegeven voor nieuwe vrijwilligers in de gevangenispastoraal, niet alleen in Salvador, maar in alle grotere steden van Bahia waar er een gevangenis was. Ze volgde ook vele ex-gevangenen op en steunde hen op alle mogelijke en onmogelijke manieren opdat ze een nieuw leven zouden kunnen uitbouwen. Ze had een groot geloof in OLV van Genade, patrones van haar congregatie. Als ze niet meer wist, hoe een moeilijke situatie het hoofd te bieden, rekende ze op de voorspraak van OLV van Genade of Pater Pio.

Ze is lang directrice geweest van de gerenommeerde school “OLV van Licht” in de wijk Pituba nabij de zee in Salvador. Het is lang het hoofdkwartier geweest van de gevangenispastoraal van Salvador. Toen ze al ver over haar pensioengerechtigde leeftijd was, heb ik erop aangedrongen dat ze haar taak als directrice zou overlaten aan een jongere zuster opdat ze zich volledig zou kunnen toewijden aan de gevangenispastoraal, waarin ze na veel overleg op in is gegaan. Ze hield ook veel van haar school, de leerkrachten, de leerlingen. Ze was streng, maar rechtvaardig. En achter haar streng voorkomen, zat een gouden hart.

Mijn ouders die haar op vakantie in Bahia leerden kennen, noemden haar “de luxe-non” omwille van de begoede omgeving waarin ze woonde, terwijl ik in de favelas woonde. Maar eigenlijk was ze zeer sober voor zichzelf. En dankzij haar contacten met welgestelde burgers, gaf ze veel weg aan de armsten.


Dankbaar voor haar getuigenis nemen we voorlopig afscheid tot we mekaar terug zullen vinden in de Heer.