|
WELKOM
op deze actuapagina van de pastorale activiteiten van Filip Cromheecke.
Hier houden we je op de hoogte van recente evoluties en gebeurtenissen
in de projecten waar Filip aan werkt.
9 april 2012
DELEGATIE
ANTWERPSE DIACONIEPASTORES MET INZET EN CREATIVITEIT HUISWAARTS
Salvador da Bahia, 26
april 2012 – De Antwerpse diaconiepastores hebben afscheid genomen van
Salvador da Bahia met een vriendschappelijke maaltijd, een vrije dag en een
aantal werksessies om hun ervaringen te bundelen. Ze staken met inzet en
creativiteit de grens over. ‘Er is iets met mij gebeurd’, getuigden de één. ‘Ik
wil doorgeven wat ik hier heb gezien, gevoeld en gehoord.’, een ander. ‘Ik weet
nog niet goed hoe ik dit moet communiceren, maar deze uitwisseling heeft van
alles in mij omgeploegd’, sprak een derde. Gezongen en samenvattend klonk het
zo: ‘Geloven begint in het opstaan van armen, hopen begint in het diepst van de
wanhoop, liefhebben waar je geen liefde meer krijgt.’ In het kader van de
slotmanifestaties van Kerk Onder Stroom zal de delegatie ruimte en tijd nemen
om het verhaal van deze dialoogreis helder en beeldrijk over te brengen.
Nochtans drijven nu al een tiental vaststellingen en belevenissen boven. Alle deelnemers hebben ervaren
hoe sterk de solidariteitswerkingen die ze bezochten, tijd, ruimte en aandacht
besteden aan een geleefde Bijbelse en evangelische spiritualiteit. Voor de
solidariteitspastoraal in Antwerpen een echte uitdaging. Die dimensie die nu
zwak staat in een Welzijnsschakelwerking, de straat- en
gevangenispastoraal, verdient volle aandacht om ze ook mensen ‘optilt’. Even sterk was de ervaring dat
sociale pastoraal in Salvador da Bahia van onderuit en in grote vrijheid wordt
ontwikkeld. Er wordt geanalyseerd waar de kerkgemeenschap een verschil kan
maken om de menswaardigheid en het leven te dienen. Als iets moet gebeuren, dan
gebeurt het. Waar het leven op het spel staat, moet worden ingegrepen. Het is
een profetische stijl van kerkopbouw. Het veronderstelt een kerkbeleid dat
ruimte geeft aan gedoopten – of ze nu gewijd, gezonden zijn of niet – die hun
verantwoordelijkheid opnemen. Het veronderstelt dat de angst
wordt neergelegd om voluit te gaan voor een kerk- en geloofsgemeenschap die op
tocht gaat met de arme, de lijdende, de gekruisigde mens. Tenslotte benadrukten de
diaconiepastores het belang van voldoende ‘bruggen’ tussen de diaconale en
territoriale pastorale werkvelden. Die bruggen komen er niet zomaar, die moeten
bewerkstelligd worden. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor de
communicatiepastoraal van een bisdom. Die vertelt niet alleen wat gebeurde,
maar geeft ook stem aan wat moet gebeuren opdat elk zou leven in menswaardige
overvloed. De deelnemers onderlijnden tot
slot de nood aan pastorale Noord-Zuid uitwisselingen. Er is meer in de wereld
dan de navel van de Vlaamse diaconie. Over grenzen kijken verruimt niet alleen
het blikveld, maar is tegelijk een teken van waardering voor de gastgemeenschap
en van nederigheid van de bezoekers.
P.S. De deelnemers van deze
diaconiedelegatie zullen hun ervaringen ook neerschrijven in een speciale
editie van het kwartaalblad van Filip Cromheecke, ‘De Kleine Prins’. Wie graag
deze editie ontvangt schrijft naar redactie.dekleineprins@hotmail.com of Solidariteitsgroep Filip Cromheecke, p/a Wapenstilstandlaan 57, 2600
25 ontmoetingen en confrontaties in Salvador da Bahia
zinderen door Antwerpse diaconiepastores Salvador da Bahia, 22 april 2012 - Op een zucht van het einde van onze dialoogreis door de metropool
Salvador, is het al voelbaar dat het een tocht van betekenis zal geweest zijn.
Met in totaal 25 ontmoetingen en confrontaties met dienstbare inzet enerzijds
en harde realiteiten anderzijds, werd één en ander omgewoeld en omgeploegd in
hart, hoofd en ziel. In de loop van de volgende dagen nemen we de tijd om
uitdrukking te geven aan wat in - elk en samen - gebeurde. Meteen zal dat ook
de basis leggen voor de communicatie naar ons pastoraal werkterrein en het
bisdom Antwerpen. Wellicht zullen ook een aantal aanbevelingen voor het
toekomstige beleidsplan het licht zien.
Het is teveel om op te noemen, maar de voorbije vijf dagen werden we als
diaconiepastores nog dieper in het bad van pastorale initiatieven en
spiriitualiteiten ondergedompeld. Na de sterke ervaring in de
'Drievuldigheidskerk aan zee' verkenden we de spiritualiteit van de
Drievuldigheidsgemeenschap van Salvador nog sterker door er een hele dag door
te brengen o.l.v. van fidei donumpriester Jan Van den Hoven (Bisdom Brugge).
Jan is even veel jaren in Salvador als Filip Cromheecke, maar nog maar enkele
jaren effectieve medebewoner in de Drievuldigheidsgemeenschap. Hij legt de
nadruk op de term 'levensgemeenschap'. Het is geen woongroep, geen
opvanggemeenschap, geen
charismatische gemeenschap, maar een open kerkgemeenschap met een bijzonder
hart voor mensen van de straat. "Ooit, vertrouwde Jan ons toe, "ooit
borstelde ik een 'straatloper' uit deze kerk, toen ik enkel administrator
was van het patrimonium. Vandaag onthaal ik ze hier van harte, samen met de
andere vast bewoners.'
De Trindadekerk is echt de kerk van de ommekeer en bekering. Dat getuigt ook
Elias die hier ooit schoorvoetend de eerste stappen zette op een moment van
zware crisis. Hij herinnert zich het warm onthaal op het moment van het
ontbijt, de lichtjes die brandden in de kerk en de tijd die voor hem werd
gemaakt. Hij vertelt het - als op een wolk gezeten. Hij is dankbaar dat hij na
vele jaren straatleven bevrijd is van alle kommer en kwel, weer leeft in
overvloed. 'De weg naar de kerk telt 51 trappen, vertelt hij, 51 is in Brazilië
ook de naam van de populaire en goedkope rietsuikerjenever. Die drank heeft mij
neergehaald, deze 51 trappen hebben me opgetild. Het waren moeilijke stappen,
maar ze brachten mij tot het ware leven.'
Het verlangen tot ommekeer merkten we ook in 'Levanta ti e ande' (Sta op en
wandel), een initiatief van de levensgemeenschap in een ander nabijgelegen -
ooit leegstand en onderkomen - kerkgebouw. Een trefplaats voor mensen van de
straat die - onvoorwaardelijk - een pleisterplaats vinden in dit sterk
uitgebouwde project. Je komt er - met of zonder verslaving - meedoen aan een
aantal activiteiten in de namiddag. En door een goed doordacht doorschuifsysteem
kan je aldus belanden in een strakker aanbod dat omgaat met je verslaving(en).
Het personeel van 'Levanta Ti' is deels ook samengesteld uit
ervaringsdeskundigen. Samen werken ze aan bevrijding vanuit de 'pedagogie en de
spiritualiteit van het verlangen'.
Tenslotte konden we kennismaken met 'Aurora da Rua' of 'Ochtendgloren van de
straat', de tweemaandelijkse krant van de mensen van de straat die voor en met
hen wordt gerealiseerd. Elke krant krijgt een thema en wordt redactioneel in
sterke participatie met de straatbewoners tot een sterk product gemaakt. De
krant wordt ook verkocht door mensen van de straat, en helpt hen op die manier
ook aan een gedeeltelijk inkomen. De krant werd ook de tunnel naar bewustmaking
in de academische, politieke en kerkelijke wereld. Ze opent deuren om het leven
van de straat langs getuigenissen te laten klinken.
Naast dit bezoek waren ook de contacten met de gezondheidspastoraal, het
Netwerk van de Sociale Pastoraal en het project 'Vrijheid en Burgerzin' voor
reïntegratie van ex-gedetineerden, echte blikopeners. De ontmoeting met de
verantwoordelijken van de communicatiepastoraal leerde ons - eens te meer - het
belang en het voordeel om met verenigde krachten te boodschappen over ons
kerkenwerk op een eigentijdse en professionele manier.
Vandaag, zondag, verkennen we de parochie Saõ Francisco de Assis en de wijk
Saramandáia, waar Filip eerder pastor was. Het wordt één van de laatste duiken
in de levensrealiteiten van duizenden mensen die samenleven op de heuvels van
deze stadsmetropool. Ooit kwamen mannen, vrouwen en kinderen die heuvels één
voor één 'bezetten' op zoek naar een beter leven. De kerkgemeenschappen hebben
zich bij hen aangesloten, want God toont zich solidair met mensen die onderweg
zijn, de mensheid die speurt naar leven, leven in overvloed.
Antwerpse delegatie diaconiepastores verdiepen hun contactenSalvador da Bahia, 16 april 2012 - De acht diaconiepastores van het bisdom Antwerpen die op bezoek zijn
in Salvador da Bahia/Brasil zijn de voorbije dagen - samen met Filip Cromheecke
-begonnen aan intensieve contacten met hun collega's. Vandaag, op de feestdag
van de Heilige Benoit Labre, hadden ze een intense ontmoeting met Pelgrim
Henrique in de kleine 'Drievuldigheid aan Zee - kerk'. Gisteren zondag gaf een
wijkbezoek in de Saõ Gonçaloparochie een indruk van de strijd van kleine
kerkgemeenschappen voor menselijke waardigheid. Zaterdag ontmoette de delegatie
lekenmissionaris Hilde Hendrickx. Veertig jaar actief in het catechetische
vormingswerk in Bahia en nu op haar 79ste in de gevangenispastoraal.
Ver-rijkende ontmoetingen die telkens doen blikken naar de eigen attitudes en
werkdomeinen.
Hilde Hendrickx is een kleine breekbare vrouw, maar ze werd ervaren als een
'grote madam'. In wat ze vertelt over haar leven zijn de onbelangrijke flarden
weggevallen, het belangrijkste drijft boven. Voor haar primeren Jezus en haar
geloof in het evangelie. Dat is de leidraad geweest van haar werk bij
seminaristen, catechisten, religieuzen... . Ze deed dat vanuit ISPAC - een
vormingsinstituut dat ook pastorale leiders heeft opgeleid. Haar devies haalt
ze bij de Braziliaanse pedagoog Paulo Freire. Toen men hem vroeg wat ons te
doen staat om met mensen te dialogeren, toen antwoordde hij: "Luisteren,
luisteren en nog eens luisteren". Hilde zegt ons: "Als je wil weten
bij wie je zit en met wie je in dialoog wil gaan, dan start je met een lang
luisterproces". Ze gaf ons nog mee dat ze tevreden terugblikt op haar
leven in Bahia. Het was vaak hard en je moet hier soms op je tanden bijten,
maar "waar je een taak hebt, daar ben je thuis...".
Zondag brachten we de dag door in de geëngageerde parochie Saõ Gonçalo waar
o.a. de Belg Maurice Abel en de Brugse Zwartzusters actief zijn. Saõ Gonçalo
beslaat een gebied van negen lokale kerkgemeenschappen die stap voor stap van
onderuit zijn opgericht door enkele Zwartzusters. Er wordt bijzondere aandacht
besteed aan roepingenpastoraal en een sterke lekenparticipatie in het voorgaan
van gebeds- en communiediensten. Eén van die begeesterende vieringen mochten we
meemaken. Een volle kerk waar mensen veel symbolisch gebaren stellen tijdens
het zingen en waar we op het einde van de viering door de gemeenschap gezegend
werden. Eén van de leden van de Antwerpse delegatie noemde het haar sterkste
zegenervaring ooit. Even diepgaand was onze ervaring op bezoek bij moeders en
hun jonge kinderen die bereikt worden door de 'Kinderpastoraal'. Deze sociale
actie van de katholieke kerk is in feite het 'Kind en Gezin' dat we kennen in
de Vlaamse Gemeenschap. Maar dan met massa's vrijwilligers en een sterke inzet
om de armste gezinnen te bereiken. De huisjes die we bezochten waren vaak maar
één kamer breed en bieden onderdak aan een tiental gezinsleden. Povere
omstandigheden in een verzengende hitte die aanvoelde als de ovenwarmte van de
gevangeniscellen de we eerder deze week bezochten. Ongelijke kansen die
door deze parochie toch worden bevochten van generatie op generatie.
Vandaag maandag bracht een boottocht ons naar het eiland Itaparica tegenover
Salvador. Pelgrim Henrique en de leden van de gemeenschap van de
'Drievuldigheid aan Zee - kerk' deelden van hun spiritualiteit en hun geloof.
Het kleine vervallen kerkje dat aan het strand gelegen is, werd de voorbije
vier jaar gerevitaliseerd. Gabriël, een tachtigjarige rondreizende man, had er
sinds jaren zijn slaapplaats van gemaakt. Door ziekte getroffen was hij er
vereenzaamd achtergebleven. Leden van de Trindadegemeenschap uit Salvador
maakten kennis met hem en startten een pelgrimskerkgemeenschap waar hij de
eremiet van werd. Vandaag biedt het onderdak aan mensen die een nieuw
leven willen starten. De leidraad doorheen onze spiritualiteitsdag werd: 'De
kracht van de macht dood, en de kwetsbaarheid van de liefde brengt Leven'.
Pelgrim Henrique zei nog: " In de voetwassing heeft Jezus zich getoond als
Gods Zoon die zicht neerbuigt voor en over de mens. In die houding ligt de
toekomst van onze wereld, van de mensheid, van de kerk. Als we niet meer kunnen
of willen buigen, dan barsten we". We sloten de dag af met het 'Laudate
omnes gentes' van Taizé. Een bron van spiritualiteit ook voor de
Drievuldigheidsgemeenschap van Salvador. Donderdag bezoeken we hun initiatieven
op het vasteland. Alvast gaf deze dag ons 'grond onder de voeten'.
Delegatie Bisdom Antwerpen begint dialoog in Salvador da Bahia
Salvador da Bahia, 13 april 2012 - Meteen na aankomst in Salvador da Bahia/Brasil is de achtkoppige
delegatie van ons bisdom in dialoog gegaan met collega's in de sociale en
diaconale pastoraal. Vermoeid door de reis, maar wakker voor nieuwe ervaringen
werd de eerste dag een inleefmoment van 8 uur in de ochtend tot 21 uur 's
avonds. De toon zit goed en de onderlinge verbondenheid is sterk. Het
perspectief is leren en dialogeren. In een andere maatschappelijke, culturele
en religieuze context ontdekken hoe christenen aan de slag gaan met de opbouw
van het Rijk Gods, het Rijk van Barmhartigheid en Gerechtigheid. Filip
Cromheecke, sinds 22 jaar fidei donum priester van ons bisdom is onze gids.
Lode Carlier, Malou Eelen, Ernest Kabongo, Cecile Planckaert, Mark De Cordt,
Riet Smulders, Willy Peeters en Didier Vanderslycke zetten elk vanuit hun
diaconale werkveld de voelsprieten op. Hun werkvelden raken aan die van
collega's hier in Salvador da Bahia. Gevangenispastoraal, straat- en
drugspastoraat, intercultureel en interreligieus werken, bevorderen van gelijke
kansen en armoedebestrijding, versterken van rechtvaardigheid, vrede en zorg
voor de schepping. De eerste dag startte in de gevangenisafdelingen voor mannelijke
gedetineerden. De groep werd verdeeld over vier deelgevangenissen om de
Paasviering mee te beleven met de gedetineerden. Zo'n viering in de gevangenis
is altijd ook een moment van luisteren en tegemoetkomen aan juridische en
sociale vragen. Op de middag hielden we halt in het nabijgelegen
kinderopvangcentrum voor de kinderen van de gedetineerden. In de namiddag
gingen twee deelnemers naar de vrouwengevangenis. De anderen maakten kennis met
het preventief educatief en opvangcentrum Acopamec. Een multifunctioneel
centrum voor kinderen en jongeren dat zich tot doel stelt te voorkomen dat
kinderen straatkinderen zouden worden.
Als aanloop naar een (kerk)historische rondleiding door de stad Salvador werd
de delegatie vergast op een lezing van Eduardo Hoornaert.
Eduardo Hoornaert is kerkhistoricus en groot kenner van de ontwikkeling van de
bevrijdingstheologie en het leven van Jozef Comblin, de Belgische theoloog die
onlangs in Salvador overleden is op 88 jarige leeftijd.
In de komende dagen verdiepen we ons in de diaconale initiatieven in deze
regio. Daarover komt later verslag.
29 februari 2012
ANTWERPSE KERK OP ‘WISSEL-STROOM’
IN SALVADOR DA BAHIA
Acht christenen van het
bisdom Antwerpen in april op diaconale dialoogreis naar collega’s in Brazilië.
Binnenkort vertrekken
acht christenen uit mijn bisdom op uitwisselingsreis naar Salvador da Bahia in
Brazilië. Van 11 tot 23 april verkennen ze verschillende diaconale initiatieven
in deze derde grootste stad van het land. Ik zal ze opwachten en gidsen. De
focus van de reis is ‘de geïnteresseerde uitwisseling’ met collega’s in de
diaconie, actief zijn in gelijkaardige domeinen van dienstbaarheid. ‘Want de
eigen navel is een beperkte horizon’, zei één van de medereizigers.
Acht heel diverse
reizigers
Ze vertrekken in Antwerpen met acht heel
diverse reizigers. We stellen ze even voor. Lode Carlier, die verantwoordelijk is voor de fidei donumpriesters,
is de vertegenwoordiger van ons bisdom tijdens de reis. Hij was eerder ook
actief in de gezondheidspastoraal, thema trouwens van de vastenactie 2012 van
de Braziliaanse bisschoppenconferentie. Vandaag ook contactpersoon naar Missio,
havenpastoraal en Rechtvaardigheid en Vrede. Willy Peeters is onder meer actief vrijwilliger bij ‘Het Vlot’, de
straatpastoraal in de stad Antwerpen. Ernest
Kabongo is in ons bisdom de verantwoordelijk voor Missio, lid van Commissie
Rechtvaardigheid en Vrede, en actief pastor in Antwerpen-Zuid. Cecile Planckaert is vrijwilligster in
de Welzijnsschakel van Kontich en dus actief met mensen in armoede. Eerder was
ze met ‘Withuis’ actief in Paraguay. En dan zijn er die reizigers met het
profiel van gevangenispastores Malou
Eelen, eerder pastoraal werkster nu vrijwilligster in de
gevangenispastoraal, Mark De Cordt
voltijds pastoraal werker in de gevangenis van Merksplas en Riet Smulders, sinds 1 juli ook actief
als pastoraal werkster in de gevangenis van Antwerpen. Met Didier Vanderslycke, die pastor is in Borgerhout, lid van het
Netwerk Rechtvaardigheid & Vrede, deelt zij haar andere engagement in KMS –
Kerkwerk Multicultureel Samenleven.
Diaconie in wereldwijd
perspectief
De reizigers zullen hier Salvador gelogeerd
zijn bij een gemeenschap van Zusters met een bijzondere zending naar
gevangenispastoraal en onderwijs. Zuster Fatima die een rots in de branding is
in onze gevangenispastoraal is er gastvrouw.
Maar ze zullen vooral op trektocht gaan in de
stad. Kennismaken met het kerkhistorisch erfgoed en met het pijnlijk koloniaal
verleden van deze - ooit - eerste hoofdstad van Brazilië. Met de Braziliaanse
groei, maar ook met de grote schaduwzijden van armoede, tekort aan onderwijskansen
en corruptie. Maar vooral ook met de hoop die mensen daar en hier drijft in
kleine en grote diaconale projecten. Het is hun optie om luisterend en lerend
in dialoog te gaan. Creativiteit zal worden uitgewisseld. Maar ook geloof en
hoop in een liefdevolle rechtvaardige toekomst.
Bij terugkomst zullen zij in het kader van de
slotmanifestatie van Kerk onder Stroom in oktober van 2012, hun gevoel en hun
bevindingen vertolken voor de brede Antwerpse kerkgemeenschap. Het wordt een
sterke oefening in diaconie in wereldwijd perspectief.
25 december 2011
De Solidariteitsgroep Filip Cromheecke wenst bezoekers van onze website in deze Kerst- en Nieuwjaarstijd, een zinvolle herdenking van de geboorte van Jezus en een jaar lang vrede, goede moed

Goede vrienden,
Dit jaar vier ik Kerstmis op
een andere manier. Op 14 december zijn padre Gabriel en ik, samen met twee
seminaristen Leandro en Nordini, naar het bisdom Santarém in de deelstaat Pará.
Een deelstaat in het Noorden van Brazilië, daar waar de Tapajós-rivier in de
Amazone-rivier terechtkomt. We gaan er deelnemen aan de “missie” op de parochie
Almeirim.
Prado-bisschop Dom Esmeraldo nodigde ons uit om
gedurende 40 dagen op bezoek te gaan bij de mensen aan de rand van de rivier,
met hen het leven te delen, te bidden en eucharistie te vieren. De parochie heeft de grootte van twee maal
België en telt 35.000 inwoners. Ten noorden grenst de parochie aan Frans
Guiana. De gemeente is één van de grootste producenten van buffelmelk in de
staat Pará. Er wonen verschillende indianenstammen.
Ik ben ooit met mijn ouders naar Manaus geweest, de
hoofdstad van de staat Amazonas, en ik heb bezinningsdagen begeleid in
Itacoatiara in het Amazonegebied, maar telkens voor een korte periode. Deze
keer krijg ik de kans om de situatie en de mensen in de Amazone beter te leren
kennen: een grote diversiteit aan inheemse culturen, maar bedreigd door de
houtkap. Die houtkap is weliswaar vermindert, maar gaat gestaag door, evenals
de agrobusiness groeit met zijn oprukkende sojaplantages. Om nog te zwijgen van
grootse projecten zoals de bouw van de waterkrachtcentrale Belo Monte op de
Xingu-rivier die 516 km² indianengebied onder water zullen zetten om de vraag
naar steeds meer elektriciteit te kunnen voldoen.
‘Kerstmis
anders vieren’ is ook het voorstel van ons bisdom Salvador, dat met een
grootscheepse campagne Jezus terug centraal wil stellen i.p.v. de
consumptiefeestende Kerstman. Door middel van een kerststallenwedstrijd en
allerlei alternatieven wordt daar de aandacht op gevestigd.
Mijn ervaring leert dat kerstmis vieren met daklozen
onder een viaduct of in de gevangenis met de gedetineerden de mogelijkheid
biedt om de ware betekenis van God die mens wordt, beter aan te voelen. Jezus
is gekomen als Licht in onze duisternis, om te redden en niet om te
veroordelen, om heel te maken wat gebroken is.
Bidden wij opdat we Hem mogen herkennen en Hem
aanbidden in de kleine, zwakke mens. Jezus, de Christus, wil opnieuw geboren
worden in elk van ons. Laat ons daartoe de wegen effenen, de hindernissen van
eigenbelang, onverschilligheid, jaloezie en vijandschap opheffen. Opdat Hij in
ons mag komen wonen en wij ook licht zouden mogen zijn voor anderen. Dan zal er
een nieuwe hemel en een nieuwe aarde tot stand komen.
Dat is onze hoop. Zalig
kerstmis!
Filip
21 oktober 2011
GIFTEN MET FISCAAL ATTEST: PROBLEEM OPGELOST
Beste schenkers en toekomstige schenkers, Beste lezers van De Kleine Prins, we hebben goedkeuring van Kontinenten vzw.
om bij hen aan te sluiten als partner om verder te kunnen
zorgen voor fiscale attesten en dus belastingvermindering voor schenkers
die dat willen. De vzw. Kontinenten werd opgericht voor projecten van missionarisen en religieuzen in het Zuiden. Individuele schenkers die dus een storting van minimum 40 euro (op jaarbasis) wensen te doen voor de projecten van Filip, en die daarvoor een fiscaal attest willen ontvangen kunnen vanaf nu terecht op het nieuwe rekeningnummer: BE21 0000 7186 7603 (BIC: BPOTBEB1) van Kontinenten vzw. te Kortrijk. Gelieve telkens te vermelden: Solidariteitsgroep Filip Cromheecke. Schenkers die hun stortingen eerder al deden (aan vzw. Volens) met een permanente opdracht en die hebben stopgezet, kunnen nu opnieuw starten met een permanente opdracht naar vzw. Kontinenten langs dit nieuwe rekeningnummer. Neem daarvoor contact met uw bankinstelling. U kan dat ook aanpassen langs uw pcbanking. Nog even uw aandacht: -
indien u tussen 01/01/2011 en 15/10/2011 al één of meerdere stortingen
deed aan vzw. Volens voor in totaal 40 euro of MEER, dan zal u van vzw.
Volens nog een fiscaal attest ontvangen voor het volledig gestorte
bedrag. - indien u tussen 01/01/2011 en 15/10/2011 één of meerdere
stortingen deed aan vzw. Volens voor in totaal MINDER dan 40 euro, dan
zal u van vzw. Volens natuurlijk geen attest ontvangen. - indien
u voor uw giften langs de nieuwe vzw. Kontinenten voor dit jaar 2011
een fiscaal attest wil ontvangen, dan moet uw gift minumum 40 euro
bedragen en hen bereiken vóór 31 december 2011. De schenkers die geen fiscaal attest willen kunnen hun giften verder doen langs het andere gekende rekeningnummer BE76 0832 4110 2795 (BIC: GK CCBEBB) van Filip Cromheecke, met vermelding: gift projecten Filip Cromheecke-Brazilië We herinneren er u graag aan dat de giften worden gebruikt voor de projecten van Filip in Salvador da Bahia. De projecten hebben betrekking op de zorg voor gedetineerden, ex-gedetineerden, hun families en hun kinderen. Onze
steun vanuit België is noodzakelijk voor de werking van de talrijke
vrijwilligersgroepen die wekelijks op bezoek gaan bij de gedetineerden
en voor de sociale en pastorale activiteiten in de gevangenis. Dat geeft
'Licht achter de tralies'. Maar uw steun helpt ook voor de verdere
uitbouw van het mensenrechtencentrum van de gevangenispastoraal, voor de
hulp door een jurist en van de medewerk(st)ers die actief zijn met de
ex-gedetineerden. Ook voor het kinderopvangcentrum Nova Semente
naast het gevangeniscomplex, waar tientallen kinderen in
internaatsverband een thuis vinden. En voor de werking met de
ex-gevangenen, om met hen aan een nieuwe toekomst te werken door
opleiding, tewerkstelling en reintegratie in de samenleving, langs het
project 'Vrijheid en Burgerzin'. De gevangenispastoraal werkt in heel
de staat Bahia aan de bevordering van een menswaardige benadering van
de gedetineerden en hun families, en wil ook een structurele aanpak
langs een vernieuwend beleid. Bedankt voor uw keuze om de projecten verder te steunen of om te beslissen dat vanaf nu te doen! Van harte gegroet, Solidariteitsgroep Filip Cromheecke Meer nieuws in De Kleine Prins - ons kwartaaltijdschrift/volgende editie december 2011 en op www.filipsalvador.be
kerk en leven 12-10-2011
Brazilië, land van wolkenkrabbers en favela’s, dooreengeschud door eigen groei een interview met Filip Cromheecke in Kerk + Leven van 12 oktober 2011.
Augustus 2011
Hallo,
Ik heb de laatste tijd stilgestaan bij de verrijzenisicoon
van de Grieks - Romaanse school van de 18 de en 19 de eeuw met een grafische
voorstelling van de verheerlijkte Christus die de poorten van de hel vertrapt
en de hand van Adam vastgrijpt om hem
met kracht uit de duisternis van de dood te trekken. Met Adam wordt gans de
mensheid gered uit de dood. Aan zijn rechterkant komt Eva uit het graf, met een
rode mantel omgeslagen, symbool van de mensheid en de nederigheid, als moeder
van alle levenden. Achter Adam en Eva verschijnen de rechtvaardigen: achter
Adam staan koning David en zijn zoon Salomon (met kroon), daarachter Johannes
de Doper. Achter Eva staan Mozes, Jonas en een andere profeet.
Het tafereel omvat een aantal vaste elementen: het doorboren
van de rotsachtige aardkorst, het verbrijzelen van de hellepoorten met
gekruiste deurpanelen, sleutels, boeien en andere symbolen van dood en
slavernij onder de voeten van Jezus.
De gevangenis doet sterk aan dit dodenrijk denken. “We worden hier levend begraven” zei
één van de gevangenen uit het gesloten systeem me. Toch is er die reddende hand van Gods liefde.
ZOALS BIJ FABIO
Fabio, een van de gedetineerden, voelde die op zijn
schouder. Ooit dacht hij eraan om in het seminarie binnen te gaan. Maar toen
ontvlamde plots de woede in hem zo fel dat in één moment van
zinsverbijstering alles anders werd. Hij
werd veroordeeld voor poging tot doodslag en kwam in de gevangenis terecht.
Vorige week kwam hij terug vrij. Hij
kwam ons onmiddellijk opzoeken op het bisdom om te danken voor alle steun. Wat
een vreugde om hem in vrijheid te kunnen ontmoeten. Zijn ogen glinsterden en
hij wist met zijn blijheid en vrijheid geen blijf.
Nu is er in zijn leven een nieuwe fase aangebroken om al die
plannen en dromen in werkelijkheid om te zetten. Dat gaat niet zomaar vanzelf.
Er is veel doorzettingsvermogen voor nodig. In de gevangenis nam hij deel aan
het koor van het Dom Avelarfonds. Hij is nog teruggegaan om deel te nemen aan
de slotvoorstelling. Ontroerend hoe op relatief korte tijd ze een mooie potpourri
instudeerden van liedjes uit verschillende genres. Ook de familie mocht
aanwezig zijn. Ik belde hem op zijn verjaardag en omdat niemand aan een taart
gedacht had, hebben we thuis “lang zal hij leven” gezongen, een kaars
uitgeblazen en een stuk taart gegeten. Hij wil maatschappelijk werker worden.
Misschien kunnen we een beurs voor hem bekomen aan de katholieke sociale
hogeschool. Ik bid dat hij zijn weg mag vinden. Is dat niet een beetje uit de
doden opstaan? Ik geloof dat Jezus
Christus nedergedaald is ter helle.
ZOALS OP MOEDERDAG
Moederdag is in de vrouwengevangenis altijd een moeilijk
moment. Velen zijn moeders, maar zien nauwelijks hun kinderen of vragen zich
angstig af wie er nu voor hen zorgt. Sommigen mogen rekenen op familie die hun
kinderen opvangen, anderen wisten de weg naar ons opvangcentrum Nova Semente te
vinden. Schuldgevoelens van geen goede moeder geweest te zijn; van gemiste
kansen om hun kinderen goed op te voeden, drukken als een zware steen op hun
hart. Hoe kan je dan “gelukkige moederkesdag” zeggen?
Maar de First Lady van de gouverneur, Fátima, wilde de
vrouwengevangenis vlak voor moederdag komen bezoeken om een cursus bakken in de
kersverse bakkerij in te huldigen. Na veel aandringen en geduld is het Dom
Avelar-fonds van het bisdom erin geslaagd om de medewerking van de directrice
te verkrijgen om die cursus op te zetten. De nieuwe directrice is een
politiecommissaris die enkel aan veiligheid denkt. Het is een fel contrast met
de vorige met wie we jarenlang een zeer goede verstandhouding hadden. Maar
goed, de vrouwengevangenis die in verbouwing is, werd zo goed en zo kwaad als
het kon in gereedheid gebracht om de vrouw van de gouverneur waardig te kunnen
ontvangen.
De kinderen van de gedetineerden die bij ons in Nova Semente
verblijven, hadden liedjes en dansjes ingestudeerd voor het onthaal. Ze hadden
tegen Letícia gezegd dat ze die rozen aan die vrouw in het wit moest geven op
het einde van hun presentatie. Maar vermits er twee vrouwen in het wit gekleed
waren, kreeg niet Fátima, maar de andere de bloemen (ha,ha). Toen volgden de
toespraken, maar Fatima had algauw door dat de kinderen niet zo lang konden
blijven stilzitten, zodat ze het protocol verbrak en vroeger dan voorzien de
koffiepauze met versnaperingen aankondigde. De politiekers die van de
aanwezigheid van de pers gebruik wilden maken om zich in de kijker te stellen,
zagen hun kans mooi verkeken.
Ik maakte van de koffiepauze gebruik om met haar het
probleem van de vrijgekomen moeders aan te kaarten. Justitie dringt erop aan
dat ze zo snel mogelijk hun moederschap terug zouden opnemen, maar hoe doe je
dat zonder woonst of werk? Ik vroeg haar
of ze niet kon bemiddelen om voorrang te geven aan die moeders in het
overheidsprogramma “Mijn huis, mijn leven” die de sociale huisvesting regelt.
Ze vond dat een goed idee en ze zou er zich voor inspannen.
De gevangen bakkersvrouwen van de cursus waren in het wit,
de gevangen moeders met kindjes in het knalgele uniform dat ze haten. Een
vriendin van Fatima, een zakenvrouw van verschillende chocoladewinkels van het
merk “Kopenhagen”, deelde zakjes met chocolade uit. De kinderen gingen door het
dolle heen. De genodigden stapten terug in hun officiële wagens, de moeders
terug naar hun cel. Moederdag zit erop. Maar toch is er weer een beetje hoop,
op nieuw leven.
Van die hoop leven wij,
Filip
JOSEPH (JOSÉ) COMBLIN, PROFEET IN BRAZILIË
Brussel 1923 – Salvador da Bahia/Brasil 2011
Een reflectie van Eduardo Hoornaert.
Op
zondag 27 maart 2011 is de Belgische priester Joseph Comblin gestorven
in Salvador, hoofdstad van de Braziliaanse staat Bahia. De tekst die
hier volgt is hoofdzakelijk opgebouwd uit zeldzame vertrouwelijke
gedachten die bij hem opwelden toen zijn vrienden (en vriendinnen) in
2007 rond hem samenkwamen om zijn zestig jaren priesterschap te
herdenken. Hij heeft zich dan ‘bezondigd’ aan het vertellen van enkele
markante feiten uit zijn eigen leven, iets wat helemaal niet in zijn
aard lag.
1.
Reeds als jongen werd zijn intellectuele begaafdheid alom erkend door
familie en opvoeders. Toen hij, naar vermoeden rond de 15 of 16 jaar,
aan zijn nonkel pastoor vertelde dat hij missionaris wou worden,
antwoordde deze: ‘Geen missionaris, daarvoor zijt gij te verstandig.
Professor, dat wel. Professor aan de universiteit van Leuven!’.
Inderdaad, Joseph studeerde theologie in Leuven en werd aldaar sterk
beïnvloed door de werklust, degelijkheid en intellectuele eerlijkheid
van professoren als Lucien Cerfaux en Gustave Thils. Toen de doctor
theologicus werd benoemd als onderpastoor in Brussel, viel de parochie
helemaal buiten zijn smaak. Hij voelde aan dat er geen toekomst meer
was voor het katholicisme in België. Toen, op aanvraag van paus Pius
XII, in Leuven een Latijns-Amerikaans college werd geopend voor
seculiere priesters die wensten naar Amerika te vertrekken, was hij dan
ook een van de eerste kandidaten.
2.
Op 35-jarige leeftijd, in 1958, vertrok hij naar Brazilië. Gedurende
het gesprek van 2007 stond hij erop te vertellen dat hij niet
vertrokken was om aan de oproep van de paus te beantwoorden noch omdat
het continent gevaar liep van communisme, protestantisme en spiritisme.
Hij vertrok ook niet omdat er in Brazilië priestertekort was. Hij
vertrok omdat hij had ingezien dat het christendom in Europa verleden
tijd was, definitief misvormd door eeuwen kolonialisme, slavenhandel,
uitmoorden van volkeren, verdrukking ook van menselijke capaciteiten en
levenskracht.
Alleen
buiten Europa zag hij nog kans voor het christendom. Het was voor hem
dan ook een aangename verrassing dat hij hier mensen ontmoette die deze
visie bevestigden. Hij was onmiddellijk onder de indruk van de
Braziliaanse mens. Zijn eerste contacten verliepen met jonge mannen en
vrouwen van de katholieke arbeidersjeugd (KAJ - JOC). Zoals vele
priesters van zijn generatie was Comblin beïnvloed door de uitstraling
van Cardijn en zo begon hij dus met JOCisten. Het was een verrassing.
Opgevoed in een milieu waar beleefdheid, volgzaamheid, discretie en
zelfs schuchterheid in zekere mate werden gewaardeerd en zelfs
aangemoedigd, deed het hem goed in contact te komen met mensen die noch
beleefd, noch volgzaam, nog schuchter waren. ‘Ik ontmoette mensen die
zich toonden zoals ze waren, rechtuit. Ik ontmoette echte mensen’.
De
fascinatie voor de Braziliaanse mens heeft hem blijkbaar nooit meer
losgelaten en dit werd me onverwachts bevestigd in 1980, toen zijn
zuster me zei, ter gelegenheid van een ontmoeting in Brussel: ‘Wat
hebben ze aldaar met mijn broer gedaan? Hij is dezelfde niet meer!’.
3.
Comblin was nooit in Rome: ‘Wat zou ik daar doen?’. Maar toen
aartsbisschop Helder Câmara hem vroeg een tekst op te stellen voor de
Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie van Medellin (Colombië) in
1968, typte hij een ganse dag door, zonder ophouden, op zijn
schrijfmachine. Ik ben getuige want we woonden toen in hetzelfde huis,
deuren en vensters stonden altijd open. Voornamelijk uit teksten van
Joseph Comblin, Gustavo Gutiérrez (Peru) en Juan Luis Segundo (Uruguay)
is dan de fameuze slogan ‘optie voor de armen’ ontstaan. Het was
de uitdrukking en bevestiging van een nieuwe spiritualiteit,
onstaan bij het ‘pact van de catacomben’ dat door enkele bisschoppen op
het einde van het Vaticaans concilie in Rome werd ondertekend.
De
drie theologen wisten dat ze op stevige grond bouwden, zoals later
bleek door de ontwikkeling van de bevrijdingstheologie. Dom Helder
Câmara, die een scherpzinnig mens was, had in 1965 aan Joseph Comblin
gevraagd bij hem te komen werken in Recife. Zo kwam de raadsman van
Câmara mettertijd in aanraking met andere vooruitstrevende
Latijns-Amerikaanse bisschoppen zoals Leônidas Proaño (Ecuador),
Aloísio Lorscheider (Brazilië) en vele andere.
De
visie van de bevrijdingstheologen bestond hoofdzakelijk in het
verwerpen van de ontwikkelingsideologie en het leggen van de nadruk op
thema’s zoals verdrukking, dictatuur van de wereldeconomie, verdwazing
van de mens door de media.
Toen
zijn tekst van 1968 wegens indiscretie in de handen viel van de
militairen (sinds 1964 heerste in Brazilië een militair regime) kwam
Comblin in een moeilijk parket. In 1972 werd hij uit het land gezet.
Hij poogde dan naar Chili te gaan wonen maar ook daar nam Pinochet de
macht in 1974. De enige mogelijkheid die overbleef, bij de geleidelijke
politieke ‘openheid’ sinds 1977, bestond erin als ‘toerist’ sporadisch
voor drie maanden in Brazilië te verblijven. Zijn civiel statuut werd
genormalizeerd in de loop van de jaren 1980.
4.
Ondertussen veranderde Comblin nogmaals van koers. Vaarwel aan
priesteropleiding op seminaries en theologische instituten, vaarwel aan
de grote steden. Comblin verdween en begon een jarenlange pelgrimstocht
kris kras doorheen het immense binnenland van Noord-oost Brazilië, op
zoek naar mensen die iets voelden voor de ‘haktheologie’ die hij aan
het uitbouwen was.
De
traditionele landbouw in het binnenland van Noord-oost Brazilië bestaat
erin de grond met een soort schoffel om te hakken om die losser te
maken en dan te zaaien (er bestaat geen ploeg). De ‘haktheologie’
vertrekt vanuit de wereldvisie van de landbouwer, iets wat een echte
‘omwenteling van alle waarden’ betekent voor een theoloog gevormd door
Cerfaux en Thils. Als ‘haktheoloog’ was Joseph Comblin pelgrim tot drie
dagen voor zijn dood, toen hij rustig op zijn bed ging gaan liggen en
stierf.
In
de laatste jaren had hij het geluk te kunnen rekenen op de
onvoorwaardelijke toewijding van Mônica Muggler, die alles deed om de
‘haktheoloog’ in staat te stellen te werken en te reizen tot hij 88
jaar oud werd. Zij was zijn chauffeur (hijzelf kon niet sturen!),
belegde vergaderingen (in de laatste jaren intensief langs GSM), legde
contacten, stippelde reisplannen uit, zetten teksten langs haar laptop
op het internet, knoopte contacten aan met lokale leiders. Joseph had
ook zijn laptop en heeft me nog enkele woorden gestuurd ter gelegenheid
van zijn verjaardag, vijf dagen voor zijn dood.
5.
Het wonder bestaat hierin dat een buitenlandse intellectueel van
teruggetrokken aard erin slaagde een blijkbaar stabiel verband te
leggen met de ongeletterde cultuur van het Braziliaanse binnenland. Een
wonder dat, zoals alle wonderen, onbegrijpelijk is.
Op
dit moment verneem ik dat de kaarsjes reeds branden op zijn graf in
Solânea, in de mooie rustige natuur van het Paraibaans binnenland,
onder de bomen. Een vrouw verklaarde reeds dat ze genezen is na een
gebed bij het graf van Joseph Comblin. Sic transit historia mundi.
Eduardo Hoornaert, 31 maart 2011
E-mail: e.hoornaert<at>yahoo.com.br
KARNAVAL
VOORBIJ – VASTENCAMPAGNE GESTART -
OP
DE UITKIJK NAAR PASEN!
Goede
vrienden,
In
Brazilië
begint het werkjaar pas echt na karnaval. Vermits het paasfeest bepaald
wordt
door de maankalender viel ook karnaval – op 8 maart - laat. Daardoor
kregen we hier
in Bahia een lange warme zomer met veel volkse feesten.
De
toeristische sector kon zich in de handen wrijven. Er werd een record
geboekt
aan hotelbezettingen, aanmerende cruiseschepen en extra vluchten die
werden ingelegd.
In andere streken van Brazilië zoals Rio de Janeiro en Mato Grosso
waren het
moeilijker tijden. Overstromingen als gevolg van de felle regens,
maakten vele
dodelijke slachtoffers, daklozen. Ze veroorzaakten ook een mislukte
oogst.
De
opwarming
van de aarde en de klimaatveranderingen, die we aan den lijve
ondervinden,
brengen ons meteen bij het thema van de vastenactie die hier in
Brazilië in
alle katholieke gemeenschappen met Aswoensdag begonnen is. “Het leven op onze planeet”
is de titel van de
campagne. Dat leven wordt bedreigd door onze levenswijze. We moeten
dringend
anders gaan leven, is de kernboodschap. Of nog: vanuit christelijk
perspectief
moeten we onze relatie als schepselen met onze Schepper herzien en
herwaarderen.
Het
doet me
denken aan de Wereldraad van Kerken die in het Zwitserse Basel in 1989
al
opriep tot een conciliair proces voor gerechtigheid, vrede en heelheid
van de
schepping. Niets is echter zo moeilijk als het veranderen van gewoontes
en het
bewustmakingsproces om tot een nieuw mentaliteit te komen.
Brazilië
is
een land met continentale afmetingen, met een ongelooflijke rijkdom aan
natuurlijke bronnen en ecosystemen. Brazilianen moeten beseffen dat
deze
bronnen ook eindig zijn en deze ecosystemen kwetsbaar.
Juist
nu de
economische groei in Brazilië de welvaart heeft doen toenemen, moet er
op de
rem geduwd worden en gedacht worden aan een ander economisch model dat
duurzamer is. Dat leidt onvermijdelijk tot belangenconflicten tussen
milieuactivisten
en economische machten. Voorbeelden daarvan zijn de omstreden
megaprojecten
Belo monte (waterkrachtcentrales) in de staat Pará en de
wateroverheveling van
de Sint-Franciscusrivier in het Noord-Oosten.
Maar
ook op
individueel vlak laten we ons eerder leiden door het gemak dan door de
duurzaamheid: huisvuil selecteren, de auto enkel gebruiken als het niet
anders
kan, geen wegwerp-producten kopen, enz. Veel tijd is er echter niet
meer,
willen we alsnog het tij keren.
Een
interessante actie is bijv. die die door een katholieke school gevoerd
wordt hier
in Salvador. Er worden voedselpakketten
(rijst, bonen, suiker, spagetti, enz.) ingezameld voor arme gezinnen.
Ze krijgen
die in ruil voor het binnenbrengen van geselecteerd huisvuil dat op
zijn/haar
beurt verkocht wordt aan recyclagefirma’s. Met de
opbrengst worden boompjes
gekocht om te planten aan de Sint- Franciscusrivier.
Enfin,
ik
ben blij dat we – nu karnaval voorbij is - terug in de normale gang van
zaken
zijn beland. En dat het terug wat minder warm is.
Filip
Cromheecke, Salvador da Bahia
VAN RIVALITEIT
naar SAMENWERKING!?
De
rivaliteit die er bestaat tussen de verschillende christelijke kerken
die
“evangeliseren” in de gevangenis, is – in mijn ervaring - een
anti-getuigenis
van wat Christus altijd bedoeld heeft met: “Dat allen één mogen zijn. (
Jo
17,21) Één kudde en één herder.”(Jo 10, 16)
De
katholieken beschuldigen de protestantse pinksterkerken proselieten
(bekeringsijveraars) en op geld uit te zijn. De protestanten
beschuldigen de
katholieken van het aanbidden van valse goden (heiligenbeelden). In een
gevangenis heeft het toch geen zin om te beginnen discussiëren over
doctrine.
“We zitten allemaal in hetzelfde schuitje?” Daarom heb ik altijd
vermeden om
kritiek te uiten op andere kerken die ook actief zijn in de gevangenis,
ook al
is hun intolerantie soms hemeltergend.
Raimundo,
de
informele leider van de gevangenen van paviljoen 1 in de Lemos
Brito-gevangenis, nam in februari het initiatief om de
vertegenwoordigers van
de verschillende religieuze groepen en levensbeschouwingen uit te
nodigen voor
een bijeenkomst. Het zou zijn bedoeling zijn om één keer per maand een
gemeenschappelijke
activiteit te organiseren, waar alle levensbeschouwingen zouden aan
deelnemen.
Ik
vond het
een schitterend idee. Ik had me trouwens al een paar keer laten
ontvallen dat
we een weg moesten vinden om de muren tussen de verschillende groepen
af te
breken. In een gevangenis staan al genoeg muren die ons scheiden.
Ik
was
uitgenodigd bij Raimundo – in de cel - op zondagmiddag te komen eten.
De
babalorixá (de priester van de candomblé) Ricardo zat reeds aan tafel
te
genieten van een kippenboutje toen ik aankwam. We geraakten in gesprek.
Hij
dacht
dat ik een conservatieve pastoor was omwille van een incident dat ooit
had
plaatsgevonden tijdens TV-opnames voor een reportage over godsdiensten
in het
gevangeniswezen. Ik verduidelijkte dat het me toen niet ging om de
sessie van
de candomblé die gefilmd werd, maar om het lawaai tijdens onze
paasviering die
in een ruimte ernaast plaatsvond. We hadden immers toen alles duidelijk
op
voorhand met de directeur afgesproken hadden.
Doordat
hij
van mij die toelichting bij dat oude ‘incident’, werd het nu een
hartelijke
uitwisseling. Na de maaltijd, toen de dominees van de andere kerken
toegekomen
waren, begon de vergadering. Raimundo legde de bedoeling van de
vergadering uit
en gaf het woord aan een dominee van de ‘Universele
kerk van het Rijk Gods’ die een radioprogramma heeft met als
naam: “Het
Moment van de Gevangene”. Het wordt door veel gevangenen en hun
families
beluisterd. Hij stak meteen van wal met een vurige preek, en noemde de
vertegenwoordiger van de candomblé een macumbeiro
(wat hier als een scheldwoord wordt beschouwd). Het zou
in Vlaanderen
klinken als makkak tegenover een immigrant.
De
babalorixá Ricardo reageerde meteen en eiste respect. Hij legde de
oorspronkelijke betekenis van het woord uit. Macumbeira is in feite
diegene die
het muziekinstrument macumba bespeelt, een soort trommel. De dominee
verontschuldigde zich. Het incident was gesloten.
Toen ik aan
het woord kwam, loofde ik de initiatiefnemer en zei dat we op die
manier elkaar
beter kunnen leren kennen. Het zou ons helpen om vooroordelen weg te
nemen die
we soms ongewild in ons meedragen. Bij stemming werd er beslist om een
eerste
gemeenschappelijke activiteit te organiseren rond het thema ‘de
familie’. We
kwamen er nog niet uit hoe dat moest gebeuren. Zoiets vraag tijd. Het
zal nog
wel even duren vooraleer we samen tot een concrete actie kunnen komen,
maar de
weg die we gaan is al de moeite waard. Het begin van een
interlevensbeschouwelijke samenwerking.
Filip.
BIODANSEN met
mensen van de straat
Bij
deze foto horen niet veel woorden. Het is het slotmoment
van een namiddag ‘biodansen’ met een twintigtal mensen die op straat
geleefd
hebben of dat nog doen. Twintig mensen die in het kader van het project
Levant
Te (Sta op) regelmatig een aanbod krijgen om meditatief in beweging te
komen.
Tijdens deze sessie gaf Filip hen de begeleiding voor een
aantal dansoefeningen die tot rust en verdieping brengen, tot
beweeglijkheid en
ontstressen. Tot de kern.
De laatste
twintig minuten van de sessie wordt een
Bijbeltekst gelezen. Deze keer een Paulustekst over onze roeping om één
lichaam
te vormen en respect te hebben voor elk onderdeel omdat het volle
betekenis
heeft. Elk van de deelnemers mocht een lichaamsdeel – een voet, een
arm, het
hoofd, een hand,… uitkiezen. Vanuit die keuze konden zij inbrengen welk
rol zij
speelden in de gemeenschap van dit project.
Op het einde van de sessie werden de delen weer
samengevoegd.
We laten elkaar
niet los. Toch?!
ZORGZAAM
NIEUWJAAR 2011
Hallo,
Kerstmis
en het jaareinde staan voor de deur.
Tussen
evaluatie- en planningsvergaderingen door wil ik iets van het leven
weergeven: van achter de tralies of op de straat, kleine tekenen van
een nieuwe toekomst of grote gebeurtenissen die willens, nillens ons leven mee bepalen,
echte dingen tussen zoveel schijn en licht in de duisternis, voor wie
met ogen van geloof het goddelijke in het menselijke ontwaart.
Advent
is een tijd om onze realiteit met ander ogen te bekijken, om ons niet
te laten meesleuren in negativisme, maar de Messias te ontwaren tussen
de gemarginalizeerden
van onze maatschappij. “Zijt
Gij de komende of hebben we een ander te verwachten?” vraagt Johannes
de Doper aan Jezus. “Gaat aan Johannes zeggen wat ge hoort en ziet”
antwoordt Jezus. “Blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden genezen
en doven horen, doden staan op en aan de armen wordt de Blijde
Boodschap verkondigd.” Mensen die opstaan uit wanhoop, depressie,
minderwaardigheidsgevoel, onmacht, uitbuiting, slachtofferrol, cunsumptiedrang, verslaving...
Zie
je het gebeuren? Geloof je dat het kan? Johannes zat vast in de
gevangenis en kon dus niet gaan kijken. Hij stuurde zijn leerlingen
erop uit en zij getuigden van de messiaanse tekenen. Ook vandaag hebben
gevangenen nood aan mensen die kunnen getuigen van het Licht, het ware
Licht dat iedere mens verlicht en in onze wereld is gekomen om de
duisternis weg te nemen. Niet alleen gevangenen...maar wij allen kijken
hoopvol uit naar dat volle Licht dat tot ons is gekomen, in ons wil
wonen en door ons heen wil stralen.
Zalig Kerstmis en gelukkig Nieuw Jaar.
KERSTMIS
Kerstmis
in de gevangenis is geen gemakkelijke tijd.
Er zijn veel mensen die hopen dat deze periode zo snel mogelijk voorbij
gaat. Dat is trouwens niet alleen zo in de gevangenis. Het hangt sterk
samen met wat er van Kerstmis gemaakt wordt: een familie-feest, gezellig met z’n
alles thuis rond de kerstboom vol cadeautjes en de feestdis met
kalkoen. De reclame met al zijn glitter en bellen die iedereen opjut om
er een mooi feest van te maken. Voor velen is dat niet weggelegd, want
de familie is ‘uit elkaar’ of er is geen geld voor al dat moois.
Eigenlijk gaat Kerstmis om heel wat anders. Kerstmis moet gevierd
worden met de mensen die aan de rand van de maatschappij leven, want
daar werd/wordt Jezus geboren. Er was geen plaats voor Hem in de
herberg. Je ziet het Licht beter vanuit de duisternis. Als je midden in
het licht gaat zitten, wordt je verblind. Kerstmis is voor de hoeders
van de schapen die de nacht buiten doorbrengen.
De
gevangenen van Paviljoen 1
wilden een kerstviering in openlucht op de binnenplaats waar ze elke
dag rondlopen. Ze vormden een koortje en studeerden enkele kersliederen
in. Ze schreven een brief naar Padre
Aderbal, wiens stem ze kennen van onze diocesane katholieke radio
Excelsior (http://am840.fdabv.com.br/),
om hem uit te nodigen de viering voor te gaan. Aderbal is directeur van
Radio Excelsior.” Hij is ook een collega van mij in de Pradobeweging (zie verder). Hij
kwam nog nooit in een gevangenis. Na enige aarzeling, ging hij met een
klein hartje in op hun voorstel.
De aandacht tijdens Aderbals preek was treffend, je kon een speld horen
vallen. Hij had het over de herder die zijn 99 schapen in de steek laat
om het ene verloren schaap te zoeken. Hij wist het hart van deze mannen
te raken en werd zelf ook geraakt door hun onthaal.
Als verbroedering
achteraf wilden de gedetineerden voor iedereen een hotdog en frisdrank
serveren. Edinha en
Lourdes, twee vrijwilligsters van de gevangenispastoraal, schooiden in
hun parochies de ingrediënten bij elkaar en maakten 200 hotdogs klaar.
Wat een eenvoudige vreugde straalde er uit van deze mannen die
initiatief hadden genomen om echt Kerstmis te vieren. Ver van alle
drukte in en rond de shoppingcentra,
waren we getuigen van de ware kerstvreugde die niet te koop is, maar
gevonden kan worden in het verlangen naar nieuw en echt leven.
João
Batista
(Johannes de Doper), zo heet de man die tijdens een bijeenkomst in de
voorhechtenisgevangenis getuigde over zijn ommekeer. Niet meer van de
jongste, met zijn ruige baard en zijn brilletje doet hij aan de kerstman denken.
Voor
hij gevangen genomen werd, zo zei hij, kende hij God noch gebod.
Tijdens een depressieve bui begon hij de Bijbel te lezen en ontdekte er
interessante verhalen in die hem veel over zijn eigen leven duidelijk
maakten. Ze gaven hem kracht en een nieuw perspectief. Nee, dit is geen
goedkoop opgepept verhaaltje om zieltjes te winnen voor de Heer, zoals
het Leger des Heils er
tien in een dozijn opdient. Dit is echt. Hij ontpopt zich tot een echte
apostel of profeet, niet alleen in woorden, maar ook in zijn
bekommernis voor zijn medegevangenen. Hij meldt ons wanneer er iemand
ziek is, of iemand al langer dan een jaar op een audiëntie met de
rechter wacht. Hij bedenkt schuilplaatsen tegen de felle zon of regen
op de patio om samen te komen en klaagt wantoestanden aan.
Elke week wil hij uitwisselen over een nieuwe ontdekking in de Bijbel.
De psalmen zijn nu zijn geliefde inspiratie. Door de “evangelicals” (de sektekerken
die heel actief zijn in de gevangenissen) wordt hij als heiden
beschouwd, omdat hij zich niet wil vastzetten in hun kerkdoctrine. Hij
grinnikt als hij dit vertelt. Hij denkt veel aan zijn zoon en alles wat
hij nagelaten heeft om hem met liefde op te voeden. “Ik
ben hier niet toevallig aanbeland. Ik heb hier al veel met scha en
schande geleerd”. João Batista,
waarlijk een profeet.
Filip,
december 2010.
KINDEREN
VAN DE GEVANGENIS
Aline D’Éca
is in 2006 met grootste onderscheiding afgestudeerd in journalistiek
aan de Federale Universiteit van Bahia
(UFBA) met haar eindwerk: “Kinderen van de gevangenis”. Het werd
onlangs in boekvorm uitgegeven.
Aline
deed voor haar onderzoek vooral beroep op ons Centrum
Nova Semente
dat kinderen van gevangenen opvangt tijdens de periode dat hun ouders
hun straf uitzitten. In tegenstelling tot de klassieke berichtgeving
over het gevangenissysteem die meestal oppervlakkig en sensationeel is,
gaat Aline dieper in op de oorzaken van de criminaliteit en het profiel
van mensen die tegen de lamp lopen: hun socio-economische context, hun
onderwijsniveau en hun familiale relaties.
Het
feit dat kinderen geboren worden, opgroeien en leven in een
gevangenismilieu en blootgesteld worden aan allerlei risico’s, is voor
de meesten nog een ongekend gegeven. Dit onderwerp wordt in de
Braziliaanse strafwetgeving samengevat in het recht van gedetineerde
moeders om hun kinderen bij zich te hebben tijdens de
borstvoedingsperiode (de eerste 6 maanden) én
in de plicht om in de vrouwengevangenissen crèches te organiseren. Als
enkel de vader in de gevangenis zit is de moeder vrij om voor het kind
te zorgen en kan ze naar de gevangenis komen met het kind om hun vader
te bezoeken. Maar wanneer het tegenovergestelde gebeurt en de moeder
gedetineerd is, leven de kinderen in de gevangenis of komen ze in
instellingen voor minderjarigen terecht.
Een
crèche buiten de gevangenismuren die specifiek kinderen van
gedetineerden onthaalt - zoals ons Centrum
Nova Semente - is nieuw
en voor zover we weten een unicum in Brazilië. Vandaar dat de
auteur van het boek uitgebreid inging
op de manier van werken en de problemen die we ondervinden in het
Centrum.
Via interviews met
vrouwelijke gevangenen, hun familieleden, sociaal assistenten en
verzorgsters in de crèche is Aline er in geslaagd een scherp beeld te
geven van deze complexe realiteit. Enerzijds moet het kind beschermd
worden tegen negatieve invloeden, anderzijds heeft de moeder (en de
vader) het recht haar/zijn kind te zien. Het centrum Nova Semente doet er alles aan om de
band tussen ouder en kind levend te houden, opdat ze na hun vrijlating,
hun ouderschap op natuurlijke manier terug zouden kunnen opnemen.
We zijn Aline dankbaar voor haar liefdevolle
kijk op deze realiteit en tegelijkertijd haar competentie waarmee zij
dit interviewboek heeft geschreven.
EEN
GROET uit de LENTE
naar jullie in HERFSTDAGEN
Verjaardagen
worden in Brazilië uitgebreid gevierd. Als
nuchtere Belg, wat ik toch altijd blijf, lijken zo’n feesten wat
overdreven.
Anderzijds kan ik niet ontkennen dat het deugd doet zoveel genegenheid
en
erkentelijkheid te mogen ontvangen.
Het is ook mij
onlangs weer overkomen. Je
hoeft niks te organiseren, maar gewoon
thuis te blijven om je vrienden te ontvangen. Al van ’s morgens vroeg
kreeg ik
telefoontjes, soms van gespecialiseerde firma’s die boodschappen met
gelukwensen op achtergrondmuziek laten horen. Een andere firma komt een
ontbijtmand brengen. ’s Avonds komen de vrienden met taart en
frisdrank, met
allerlei hapjes, wijn en cadeautjes: parfum, zeep, hemden, een broek,
sandalen,
een pyjama, een riem, handdoeken met mijn naam erop geborduurd, enz.
Iemand
komt met een gitaar zingen, anderen dansen en in een mum van tijd is er
een
geweldige sfeer. Op een bepaald moment, naar het einde van de avond,
moet de
jarige de taart aansnijden. Daarvoor wordt er “Lang zal ‘m leven”
gezongen en
moeten de kaarsjes op de taart uitgeblazen worden (meestal kaarsjes die
vanzelf
weer aangaan). Wensen en blijken van genegenheid worden uitgesproken en
men
kijkt stiekem toe of je geen traantje van emotie laat. Brazilianen
zullen
altijd spontane, hartelijke en warmbloedige mensen blijven.
Nog meer
verjaardagen
Gisteren – 19 september - hebben de gevangenen van het
Observatiecentrum een verrassingsverjaardagsfeestje georganiseerd voor
twee
vrijwilligers van de gevangenispastoraal die deze week verjaarden.
Maria die 50
is geworden en Alex 27. “Het mooiste cadeau dat we hen kunnen geven, is
de
eucharistie” zei een gevangen priester. Daar stemden de anderen
volmondig mee
in. Ze hadden ballonnen opgehangen en een gelegenheidskoortje zong
tijdens de
mis.
Na het
evangelie over de parabel van de zaaier, gaven
verschillende aanwezigen commentaar. “Deze verjaardag , gevierd in de
gevangenis, zal je niet gauw vergeten” zei Tomas, één van de oudsten
tegen
Alex. Maria kon haar tranen niet bedwingen, toen ze vertelde hoe ze
dankzij het
contact met de mensen in de gevangenis innerlijk gegroeid is en nu echt
weet
wat leven volgens het evangelie betekent. “Hier heb ik geleerd om mijn
kwetsuren te laten genezen” zo zei ze. Ze heeft als gescheiden moeder
geen
gemakkelijk leven en grote kinderen met grote zorgen. Ze had taart en
frisdrank
meegebracht om na de mis samen te verorberen. Alex is seminarist, heeft
een
broer die drugverslaafd is, en is door de scheiding van zijn ouders als
puber
een jaar gaan zwerven op straat, tot zijn moeder hem teruggevonden
heeft en hij
bij zijn grootmoeder gaan wonen is. Ze schreef hem in bij de catechese
en zo
leerde hij de kerk kennen. Hij straalde toen hij verwelkomt en omhelst werd door de
gedetineerden.
Ik was onder de indruk van het gebeuren: mensen die in een
nabij of ver verleden soms verschrikkelijke misdaden hebben begaan,
worden
geraakt door de eenvoudig warmmenselijke
aanwezigheid van vrijwilligers, drukken hun
erkentelijkheid uit en
leggen in alle eerlijkheid hun leven in
Gods handen. God zo
werkzaam mogen zien
is pure genade.
Naar een congres
De meeste
onderzoekers en specialisten in strafrecht en
criminologie zijn het erover eens: de gevangenis als instelling doet
meer kwaad
dan goed, is niet effectief en moet dus afgeschaft worden. Anderzijds
zijn de
meesten het er ook over eens dat misdaden niet ongestraft mogen
blijven. In dat
dilemma leven we al eeuwen en tot op de dag van vandaag zijn er buiten
de
gevangenis, nog maar weinig alternatieve straffen. Er zijn nog geen
afdoende
middelen gevonden om de criminaliteit te bestrijden en delinquenten
terug op
het rechte pad te helpen. Er worden dikke doctoraatsthesissen
geschreven over
al deze begrippen, maar in de praktijk zie ik weinig concrete
alternatieven
vorm krijgen.
Ik stond dan ook met grote ogen te kijken, hoe op een
internationaal congres hier in Salvador met verschillende buitenlandse
sprekers
(waaronder ook de Vlaming Gert Vermeulen, professor aan de Universiteit
Gent),
ons programma met ex-gevangenen “Vrijheid en Burgerzin” in één van de
werkwinkels over educatieve praktijken na detentie als blikvanger alle
aandacht
kreeg en door de specialisten onderzocht wil worden. Enerzijds kan ik
daar
alleen maar blij om zijn, maar anderzijds dacht ik “als zo’n
initiatief, dat in
principe eenvoudig is, als iets héél bijzonder en speciaals wordt
beschouwd,
hoe erg moet het dan niet gesteld zijn op andere plaatsen?”
Camille van de gevangenispastoraal van de deelstaat Espirito
Santo werkt op het openbaar ministerie, vroeg me om met twee openbare
aanklagers, vóór het congres begon, de
psychiatrische gevangenis te bezoeken. Ze had een
video gezien over deze
instelling. Ik ging hen op de luchthaven afhalen. Toen we in de
gevangenis
aankwamen, was onze equipe van de gevangenispastoraal reeds aanwezig.
We werden
goed ontvangen en in de paviljoenen rondgeleid. Het is een oud gebouw
met
gebrekkige infrastructuur. De bedden staan op de gang. De
gevangenispastoraal
vraagt bijv. al lang kastjes in de slaapruimtes waar de patiënten hun
gerief in
kwijt kunnen. We willen ook waterfilters laten installeren. Binnen het
chaotische gevangenissysteem is de psychiatrische gevangenis het
zwakste
broertje, omdat de gedetineerden hun stem niet kunnen laten horen om
voor hun
rechten op te komen. Toch moet gezegd dat de hygiëne verbeterd is,
omdat er nu
een speciale firma voor is gecontracteerd.
Ondanks
de chaos, ontdek je soms mensen die met hart en ziel
hun taak opnemen en werkelijk ongelooflijke dingen realiseren. Zo
leerden we
Graça kennen die les geeft aan de patiënten. Ze is sociologe en heeft
een
specialisatiecursus gevolgd in mensenrechten. Ik was onder de indruk
over de
manier waarop ze haar leerlingen boeide, met de beperkte middelen die
ze heeft.
Ze vond het spijtig dat ze niet ingelicht was over het congres hier in
Salvador
dat juist over onderwijs in de gevangenissen gaat. Ik beloofde haar
alle
materiaal dat ik op het congres kon krijgen, door te spelen.
Na het bezoek bracht ik hen naar het vijf sterren hotel waar
het congres doorging. Toen ik Camille de volgende dag in het restaurant
van het
hotel ontmoette, zei ze dat het contrast tussen de psychiatrische
gevangenis en
het vijfsterrenhotel haar nog lang had wakker gehouden die nacht.
Het
salomonsoordeel
Met
de publicatie van een nieuwe wet die het verblijf regelt
van minderjarigen in een instelling, is het voor de kinderrechter zo
klaar als
pompwater. Kinderen hebben recht op een familie. Langdurig verblijf in
een
instelling (meer dan 2 jaar), hoe goed die ook mag zijn, werkt negatief
voor de
affectieve ontwikkeling. Ouders die niet willen of kunnen zorgen voor
hun
kinderen moeten vervangen worden door pleegouders. Als de kinderen nog
klein
zijn, is de druk voor adoptie groter, omdat er daarvoor nog pleegouders
te
vinden zijn. De redenering is eenvoudig en logisch, de praktijk is
echter heel
wat ingewikkelder.
Deze week kwam de kinderrechter Dr. Salomão (mooie naam voor
een rechter, niet?) met zijn gevolg ‘Nova Semente’ - ons opvangcentrum
voor
kinderen van gevangenen - “bezetten”. In opdracht van de nationale
justitieraad
worden immers alle opvangcentra voor kinderen en adolescenten door de
rechter
bezocht en alle dossiers op punt gesteld. Speelgoed, kleurboeken en
schoolgerief maakten plaats voor de laptops van het gerecht, het
openbaar
ministerie en de openbare verdedigers.
De tafels van ons opvangcentrum werden op dezelfde manier opgesteld
zoals in het gerechtshof. Bange kinderen en ouders, al dan niet
gedetineerden,
moesten hun opwachting komen maken. Angstig wachtten ze op het verdict.
De
meeste ouders van de kinderen die bij ons in het Centrum Nieuw Zaadje
opgevangen worden, zitten straffen van meer dan twee jaar. Zelfs als ze
vrijkomen is het niet gemakkelijk om onmiddellijk het ouderschap terug
op te
nemen, zonder werk of vaste woonplaats of omdat hun partner nog in de
gevangenis
zit, of in de drugswereld. Kinderen zomaar naar het ‘thuisfront’ sturen
is
gewoon schadelijk voor hun toekomst.
Ik voelde een heftige woede in mij opkomen. Wat doet dezelfde
overheid immers opdat ex-gevangenen hun kinderen menswaardig zouden
kunnen opvoeden? Buiten
ons programma ‘Vrijheid en Burgerzin’
bestaat er geen enkele begeleiding voor deze mensen. Als men geen
rekening
houdt met de moeilijke situatie van ex-gevangenen, dan is het
gemakkelijk om
iemand als onverantwoordelijk te veroordelen en zijn ouderschap af te
nemen.
Dr. Salomão liet de kinderen niet letterlijk in twee hakken, maar liet
wel
innerlijk verscheurd achter. et
laatste
woord is echter nog niet gesprokenHet
Het
laatste woord is nog
niet gevallen. Ik ging het probleem aankaarten bij een bevriende
rechter van
het hooggerechtshof die ik nog ken uit andere conflictsituaties. We
wachten nu
op zijn advies. Of wordt het een salomonsoordeel?
Twee
barmhartige
Samaritanen
Lúcio is een
grapjas, een entertainer en
dé romantische zanger in afdeling 1 van de Lemos Brito gevangenis. Hij
kwam
deze maand meedoen aan onze jaarlijkse bezinningsdag. Met zijn deelgroepje bracht hij
een eigentijdse toneelversie
van Jezus’ parabel over de barmhartige Samaritaan. Hij putte daarvoor
uit een
recent voorval op zijn gevangenisafdeling.
De “geredde man” die zij speelden in het toneelstuk, zat
in werkelijkheid tussen het publiek. Hij
kreeg langzaam door dat het over hem ging. Na afloop getuigde hij dat
het inderdaad
echt zo gegaan was. Op een dag werd hij ziek terug op de afdeling
gebracht.
Lúcio zag hem dubbel geplooid van de pijn op de grond zitten en vroeg
of hij
een aspirientje nodig had. Dat nam hij maar al te graag aan. Lúcio
raadde hem
aan om veel water te drinken om het vochtverlies te compenseren. Hij werd langzaam beter.
Dagen nadien kwam de
moeder van de zieke op bezoek. Hij vertelde wat er gebeurd was en hoe
een
medegevangene hem geholpen had. Toen zijn moeder Lúcio kwam bedanken,
bleek hij
die vrouw reeds te kennen, ook al wist hij niet dat de man die hij
geholpen
had, haar zoon was.
Van emotie begon Lúcio een lied te zingen over eenzaamheid
en saudades in de nor. Iedereen kreeg tranen in de ogen. Maar op het
einde zei
hij, “Vergeet echter het verdriet van de familie van de slachtoffers
niet.” Ik
stond versteld van zijn oprechte bekommernis. Ik had dit nog maar
zelden uit de
mond van een gevangene gehoord.
Flávio, een kleine,
jonge man uit het
binnenland, had zijn beste kleren aangetrokken om mee te doen aan de
bezinningsdag. Zijn celmaten vroegen lachend of zijn lief op bezoek
kwam. Van
kindsbeen af was hij altijd sterk betrokken geweest bij zijn parochie,
als
catechist, jeugdleider en bloemenschikker in de kerk. Hij had zelfs al
deelgenomen aan een voorbereidende groep voor het seminarie en droomde
ervan om
priester te worden. Tot hij door een drama plots in de gevangenis
terecht kwam
en alles in rook zag opgaan.
Als trouwe
deelnemer deed het hem pijn dat er maar weinigen
gehoor gaven aan de oproep van de gevangenispastoraal. Maar mede
dankzij zijn
volhardend uitnodigen was er die dag toch een behoorlijke groep komen
opdagen.
Hij gaf een sterke getuigenis over zijn engagement en zei dat dit de
mooiste
dag van zijn leven was, omdat hij nu de kans had om tegen zijn
collega’s te
zeggen wat hem op het hart lag. Ik bewonderde zijn moed om zich zo
kwetsbaar op
te stellen tegenover gasten die God nog gebod kennen.
Al bij de
ingang van de patio kwam ik de beruchte drugbaron Ravengar
tegen, de onbetwiste leider van de gevangenen van afdeling 1, “de wieg
van de
gevangenisbeschaving” zo had hij aan de ingang van het paviljoen laten
schilderen. Hij gaat er prat op dat in “zijn” afdeling geen geweld
voorkomt.
Inbreuk op
zijn wetten wordt niet geduld en geweldenaars
moeten de afdeling verlaten of overleven het niet. Ik vroeg hoe het met
hem
ging, hoewel ik aan zijn gezicht wel kon zien dat hij het moeilijk had.
Toen
vroeg hij me plots of een mis opdragen of bidden voor overledenen zin
had. Ik
voelde meteen vanwaar de wind kwam, maar vroeg hem vanwaar die vraag.
“Wel”, zo
zei hij, “je zult wel vernomen hebben dat enkele maanden geleden mijn
zoon door
de politie vermoord is. Dat doet nog altijd veel pijn.” Ik zei dat het
in elk
geval helpt om het leed te dragen. “Op het einde van onze bezinningsdag
hebben
we een eucharistieviering en ik zal je zoon er speciaal in gedenken. Je
bent
alvast uitgenodigd.” Hij bedankte en kwam even later met zijn gevolg
meedoen.
Bij de uitwisseling van ervaringen over helpen en geholpen worden,
vertelde hij
dat hij altijd veel mensen geholpen had met het geld van zijn
drughandel. Maar
toen hij gevangen werd genomen van zo goed als niemand steun heeft
gekregen,
uitgezonderd een eenvoudige vrouw uit
zijn wijk die hem zeep en tandpasta kwam brengen. Daar was
hij diep door
geraakt.
Van harte,
Filip
GODDELIJK
GASTVRIJ
Filip
Cromheecke sprak op 18 juli 2010 in onze kerk
onderstaande predicatie uit, bij de
lezingen Gn.18,1-10 en
Lc.10,38-42. Hij
deed dat in het kader van de dankviering voor de 20ste
verjaardag
van zijn zending naar Salvador da Bahia, Brazilië. Het afdrukken van
deze
homilie is meteen ook een dankwoord voor de giften van die dag (650 €),
die
integraal worden besteed aan de gevangenispastoraal en de kinderen van
de
gedetineerden.
Goede
vrienden,
Het
centrale tema van de lezingen van deze
zondag is de gastvrijheid en hoe het goddelijke daarin voelbaar kan
worden.
Iedereen kent de ervaring van onthalen en onthaald worden. Zo
vreugdevol het is
om goed ontvangen te worden, zo triestig is het wanneer men slecht
onthaald
wordt. We kunnen verlangend uitzien naar iemand en het onthaal tot in
de
kleinste details van dagen tevoren voorbereiden. We kunnen ook plots
iemand
onverwacht ontmoeten en onthalen, en temidden onze dagelijkse
beslommeringen
ineens een feestje bouwen. De kwaliteit van het onthaal bepaalt of het
een
echte ontmoeting kan worden, van ziel tot ziel.
In
de eerste lezing uit het boek Genesis
hoorden we het verhaal van Abraham die drie mannen onthaalt, die plots
voor hem
staan. De iconenschilder Rublev zal dit verhaal als inspiratiebron
gebruiken om
de Goddelijke drie-eenheid te schilderen. Het is God zelf die bij
Abraham op
bezoek komt, daar onder de eik van Mamré. Abraham nodigt hen uit om bij
hem
onder de boom te rusten. Hij laat water halen om de voeten te wassen en
te
verfrissen en laat een maaltijd bereiden.et
is Gd zelfH Terwijl zij aten, bleef hij staan. En dan komt
de
belofte van nieuw leven: Sara, hoewel een vrouw op leeftijd en
kinderloos, zal
een zoon krijgen. Het onmogelijke wordt plots mogelijk. God wil bij ons
op
bezoek komen, wil in ons wonen, wil ons nieuw leven schenken. Maar
staan we er
voor open? Hebben we er tijd en ruimte voor? Zijn we niet teveel bezig
met onze
eigen planning, onze zelf-ontplooing, zodat er geen ruimte meer is voor
een
onverwachte ontmoeting waarin het goddelijke zich kan openbaren?
Het
bezoek van Jezus aan Marta en Maria in
het evangelie van vandaag, volgt op de lezing van vorige zondag: het
verhaal
van de barmhartige Samaritaan. Het vertrekpunt is in de ander je naaste
zien.
De evangelist Lucas gaat nog verder: in de ander het goddelijke,
Christus zien.
Dat vragen wij ook telkens in gebed met de vrijwilligers vooraleer we
de
gevangenis binnengaan: dat we in de gevangenen Christus, de Lijdende
Dienaar, mogen herkennen, ondanks het
leed en de pijn die de gedetineerden hebben berokkend aan anderen. We
bidden om
het goddelijke te mogen ontwaren en niet alleen de misdaad te zien.
We
vragen in ons gebed ook dat zij in ons
iets van Gods liefde mogen ervaren en dat het tot een echte ontmoeting
mag
komen. God niet ver daarboven, maar aanwezig en herkenbaar in je
medemens is
misschien wel de unieke bijdrage van het Christendom waarin de
“caritas” zich
ontwikkeld heeft tot een bron van geloof en inspiratie. In het contact
met de
gevangenen en hun families leren we geloviger worden, kunnen we God
meer plaats
geven in ons leven.
Maar
in het onthaal gaat het niet alleen om
van alles klaar maken, lekker eten, een zacht bed, een aangename
propere
omgeving, maar om aanwezigheid en luisterbereidheid. Marta
is zo druk met vanalles bezig en ergert
zich aan het feit dat Maria daar maar zit te luisteren en niets doet om
haar te
helpen. De Marta uit het evangelie is in een patroon geraakt waarin ze
alleen
maar waardering voelt voor wat ze doet, maar niet voor wat ze is.
Ik
herken mijzelf in die houding als ik
mijn agenda volzet omdat ik me dan nuttig en betekenisvol voel, omdat
ik op die
manier waardering krijg van andere mensen. Onbewust hengel ik naar
erkenning in
mijn doen, maar daarin loop ik mezelf soms voorbij. Jezus wil niet
zeggen dat
we maar bij de pakken moeten blijven zitten, dat we het allemaal maar
op zijn
beloop moeten laten. Om goed te ontvangen, moet je het ene en het
andere doen. Heel
liefdevol spreekt Jezus Marta aan bij haar naam (tot tweemaal toe) en
zegt: “
Jij mag er voor mij ook gewoon zijn. Ik waardeer je niet alleen om wat
je voor
mij allemaal doet, maar om wie je bent.”
In
deze prestatiemaatschappij klinkt deze
boodschap bevrijdend. In die 20 jaar Brazilie
heb ik leren “tijd verliezen” om bij mensen te zijn.
Efficientie en
punctualiteit staan daar niet op de eerste plaats. Ik heb al veel
geduld moeten
oefenen, maar tegelijkertijd ook al veel gekregen in toevallige
ontmoetingen
die alleen maar mogelijk waren omdat ik niet vast zat aan mijn schema
of er soepelder
leerde mee omgaan.
Tenslotte
ervaren we een ontmoeting als
iets goddelijks als er niet allen gepraat, maar ook echt geluisterd
wordt. “
Luisteren met het hart” zo zeggen we bij Marriage Encounter. Dat
betekent zo
aanwezig zijn bij iemands verhaal, dat de gevoelens die verwoord worden
in
onszelf weerklank beginnen te krijgen. Echt luisteren is niet
gemakkelijk.
Steeds weer komen er andere gedachten en associaties in ons op: van wat
nog
komen moet, van wat we zelf al meegemaakt hebben. Bij de ander blijven,
zeker
als we het verhaal al eens of meerdere malen gehoord hebben, zoals in
een
gevangenis, vraagt discipline. Zo ook in het luisteren naar het Woord
van God.
We moeten kunnen stilvallen, ons leegmaken, om ruimte te maken voor wat
God ons
te zeggen heeft. Het Woord van God niet manipuleren of gebruiken om
onze
standpunten te onderleggen, maar ons erdoor laten bevragen. Telkens
weer
ontdekken we dan een ander aspect dat ons uitdaagt om intenser te
leven,
zielsverbondener. Zo gaat het Woord van God beluisteren in een
gevangenis radicaler
klinken. Het wordt een kwestie van leven of dood. Het kan ons niet
onverschillig laten.
Onthalen
en onthaald worden, waarderen en
gewaardeerd worden, luisteren en beluisterd worden. Dankbaar kijk ik
terug op
die “eerste” 20 jaar in Brazilie. Dankbaar om er mee kerk en
maatschappij te
mogen vormen. Als vreemdeling je thuis mogen voelen in een andere
cultuur,
dankzij het hartelijke onthaalvan zovele mensen daar. Maar ook dankbaar
om
jullie hier, trouwe medestanders, die
me
laten gaan en steunen in gebed, financieel, moreel en psychologisch en
me
telkens weer onthalen met een aandachtig oor. Zonder die achterban, dat
vertrouwen,
weet ik niet of ik zou kunnen doen wat ik doe of zijn wie ik ben. Mogen
delen
van wat ik daar krijg, in verbondenheid en geloof uitwisselen wat me
ten
diepste toe beweegt en ontroert hier, is een goddelijke ervaring en
ontmoeting.
Het geeft me kracht om weer verder te gaan, vol van hoop op ongebaande
wegen...
.
Filip
WERELWIJD VOETBAL/WERELDWIJD ARMOEDE – juni 2010
Hallo,
De
voetbalwaanzin is weer begonnen. Dat de Brazilianen mij
niet horen, want voetbal is hier koning en zowat de helft van de
bevolking
loopt hier al rond in de geelgroene voetbaltruitjes van de nationale
voetbalploeg. Bekijk goed de kalender om geen enkele andere activiteit
te
plannen tijdens een belangrijke voetbalmatch, want die is gedoemd te
mislukken.
Ook het nieuws
op radio en TV herleidt zich tot voetbal,
alsof er plots niets anders meer gebeurd in de wereld. Grote merken
(bierbrouwers, automobielindustrie, banken, elektronica, cosmetica,
etc.)
sponsoren het gebeuren en eisen exclusiviteit, zodat de kleinen bij
voorbaat
uitgesloten worden. En vooral, de volgende keer, in 2014, is het aan
ons,
Brazilië. Dus laten we goed kijken hoe je zo’n wereldgebeuren
organiseert.
Het enige
echte nieuws is dat de wereldbeker in Zuid-Afrika
doorgaat en daardoor de aandacht van de wereldpers, voor één keer, naar
dit
“vergeten continent” gaat. In de rand krijgen we dan toch reportages
die het
cliché van het arme Afrika met zijn hongerende kinderen moeten
doorprikken. Om
onvergeeflijke uitlatingen te voorkomen zoals die van president Lula
die ooit
op reis in een Afrikaans land zei ‘dat
het niet leek dat hij in Afrika was, omdat het er zo proper en
georganiseerd
uitzag’.
Maar laat ik
niet alleen zo negatief kritisch zijn. Er is
ondanks dit alles een charme van met de ganse wereld verenigd te zijn
rond één
gebeuren, de simpele vreugde van een goal, het samenbrengen van mensen
onafgezien hun sociale klasse. Maar moest het zijn om de honger uit de
wereld
te helpen of om iedereen gelijke kansen te geven in onderwijs,
gezondheidszorg,
huisvesting...
Laten we
ons geen zand in de ogen strooien als we ontroerd
kijken naar het levensverhaal van één van die Braziliaanse voetballers
die arm
geboren zijn en nu steenrijk in Italië leven? Wat draagt het bij aan
een
rechtvaardigere wereld?
Mijn vraag is
altijd: Hoe zou Jezus naar dit gebeuren
kijken? Wat zou Hij doen? Wat zou Hij zeggen? Moet ik niet zijn
spreekbuis
zijn? Hij zou zeker de vreugde van zovele eenvoudige mensen die zich
fier en
erkend voelen in hun natie niet ontnemen. Maar zou hij het goedvinden
dat die
voetballers zoveel loon verdienen? En de “big business” die daarrond
draait?
Zovele dingen die niet gezegd en verzwegen worden.
Brazilië staat in de top 10 van de ongelijkheid. In een land
met 200 miljoen inwoners, hebben de 10 % rijksten 50 % van alle
rijkdom. En de
10 % armsten slechts 1 % van alle rijkdom. In de wereld leven 1 biljoen
mensen
onder de armoedegrens, met minder dan twee dollar per dag. In Brazilië
zijn dat
7,5 miljoen mensen. Om deze realiteit te veranderen moeten we de
economische en
politieke macht democratiseren. Dat kan alleen als we ons niet in slaap
laten
sussen door de consumptiemaatschappij.
Als wakkere
burgers moeten we de onderliggende
onrechtvaardige structuren durven blootleggen, politieke invloed
uitoefenen en
zelf bewust anders gaan leven: soberder, stiller en samenhoriger. Dat
heeft
alles te maken met Jezus zijn project: een nieuwe hemel en nieuwe
aarde, nieuwe
relaties, geen onderdrukker en onderdrukte meer, broeder en zuster
worden van
mekaar. Er moeten andere wereldbekers gewonnen worden.
Van harte,
Filip Cromheecke
 
Ook in Brussel hangen
Braziliaanse immigranten de Braziliaanse nationale vlag uit t.g.v. de
Wereldbeker voetbal. Zoals hier in de Huidevettersstraat, midden de
Marollen.
ZALIG
PASEN 2010!
Goede vrienden,
Terwijl wij hier uitkijken naar een beetje frisse
wind, wachten jullie op de warme zon. Sneeuw in België en 35 graden in Bahia in maart,
zijn uitzonderlijke toestanden. De klimaatswijzigingen doen zich
gevoelen. Dat heeft te maken met ons model van economische
ontwikkeling, groei ten koste van...het leven op deze planeet. Het begrip “economie” komt
van het Griekse “oikos + nomos”
wat letterlijk het beheer,
de zorg voor het huis betekent.
Vastenactie over economie
De vastenactie in Brazilië wil dit jaar de
christelijke kerken en alle mensen van goede wil, samenbrengen ter
bevordering van een economie ten dienste van het leven, zonder
uitsluiting, en bijdragen aan de opbouw van een cultuur van
solidariteit en vrede. Nu Brazilië economisch in de lift zit, moet men
beseffen dat er grenzen aan de groei zijn en we zorgvuldiger moeten
omspringen met de natuurlijke bronnen.
Aardbeving doodt Braziliaanse stichteres
kinderpastoraal
In januari werd de wereld opgeschrikt door de
aardbeving in Haiti die het leven aan meer dan 100.000 slachtoffers
kostte, waaronder 11 Braziliaanse militairen van de VN-vredesmissie en
Zilda Arns, zus van de kardinaal op rust van São Paulo, Paulo Evaristo
Arns, en stichteres van de kinderpastoraal die dankzij hun netwerk en
effectieve aanpak het aantal kindersterftes in Brazilië drastisch heeft
doen dalen.
Zilda was een voordracht aan het geven toen de
aardbeving het kerkgebouw waar ze zich bevond, deed instorten. Ze
stierf in zending, zoals ze geleefd heeft, “opdat allen zouden leven en
wel in overvloed” Ik leerde haar persoonlijk kennen op een congres in
São Paulo van de kinderpastoraal in mei 2007 waar ik een werkwinkel
moest geven over de kinderen van gevangen moeders. Ze maakte toen op
mij een grote indruk en behoud goede contacten met haar zoon Nelson die
ook pediater is en achter de schermen van de organisatie werkt. Er
kwamen ook in Brazilië heel wat solidariteitsacties op gang om het leed
van de Haïtianen te verzachten. De ruines van een kerk waar alleen maar
het kruisbeeld van rechtop bleef, deden ook hier op internet de ronde.
Ondertussen in Salvador en omstreken
Ik leerde een ander carnaval kennen in het
binnenland. Carnaval in Salvador is een grote industrie geworden voor
toeristen, brengt wel veel geld in het laadje, maar verliest zijn
volkse karakter. In Maragogipe, 139 km. van Salvador, is er nog een
traditioneel carnaval waar iedereen zich verkleed en zijn creativiteit
botviert, waar er gezongen en gedanst wordt met de ganse familie en
kinderen zonder gevaar kunnen spelen. We gingen er met onze Franse
gasten een kijkje nemen.
Pelgrimstocht doet halt houden en vooruitgaan
We zijn ook op pelgrimstocht geweest met de mensen
van de Trindade-kerk in het binnenland. Zeven dagen stappen, alleen het
hoogstnoodzakelijke meenemen, leven van de goddelijke voorzienigheid,
onthaald worden ten huize van de mensen van de gemeenschappen, bidden
en zingen, eenvoudiger en aandachtiger worden. Soms alleen in stilte
stappen, soms per twee of meer uitwisselen, mekaar leren kennen.
Af en toe halt houden, om te rusten en te eten, in
de schaduw van een boom langs de weg, om het evangelie te lezen en het
leven van Charles de Foucould te horen vertellen, een man die Jezus zo
letterlijk mogelijk in armoede wilde navolgen en in Nazareth in de
anonimiteit is gaan leven. Daarna als universele broeder in de woestijn
verbleef, aan het einde van de wereld, in volledige overgave aan zijn
Heer. Zo moet Jezus zijn leerlingen onderricht hebben, al stappend van
het ene dorp naar het andere, getuigend van de Blijde Boodschap. Een
vrouw huilde bij ons afscheid en zei : “Wat hou ik van de dingen van
God. Ik wou dat ik met jullie meekon.”
De gevangenis is een kruistocht
Vandaag werd
er in de gevangenis een kruisweg gehouden tijdens deze vastenperiode.
Jezus’ lijden gedenken in een gevangenis, geeft een bijzonder gevoel.
Jezus die gevangen genomen en gemarteld werd, wiens kleren werden
afgenomen, beschimpt en bespuwd werd. “Dat maken wij nu ook aan den
lijve mee,” zei Walter, “alleen was Hij onschuldig en heeft Hij zijn
leven voor ons gegeven.” “De rijken hebben geen gedacht van wat wij
beleven”, zei Erivelton, na de kruisweg gegaan te hebben “een
innerlijke vreugde die niet te koop is, van leven en hoop die de dood
overwint”.
Dat elk van ons, in onze armoede, die vreugde mag
aanvoelen, van goddelijk nieuw leven, over alle pijn en lijden heen.
Dat is mijn paaswens voor u.
Van harte, Filip
20 JAAR: FILIP IN SALVADOR
En meteen beseft u ook dat u mogelijks één van
de mensen bent die Filip heeft weten vertrekken, en
dus nu twintig jaar ouder bent. Dat u al zolang trouw
bent en tegelijk veel hebt bijgedragen aan de pastorale en
sociale projecten. Mogelijks bent u iemand die later aangepikt hebt.
En dan zal het u mogelijks verwonderen dat met vereende
krachten zoveel pastorale en sociale geschiedenis is
geschreven in Bahia.
Hoe dan ook. Filip heeft doorheen het
tijdschrift De Kleine Prins vele geïnteresseerden te
laten delen in hoop en vrees, in opstanding en lijden, in nieuwe
projecten en soms ook tegenslagen. Ook al twintig jaar dus. De website
die sinds enkele jaren wereldwijd bericht van die realiteit heeft
dezelfde bedoeling: hoop en perspectief geven door goed nieuws!
Wil je die twintig jaar een beetje
meevieren dan kan je ingaan op onze uitnodiging. We willen die twintig
jaar in Brazilië vieren tijdens een eucharistieviering op zondag 18
juli om 10 uur in de Drievuldigheidskerk aan de Wapenstilstandlaan 55 in 2600 Berchem.
Filip zal er ook zijn. We houden het eenvoudig. Uw aanwezigheid is het
belangrijkste.
Van harte welkom!
CHRIS DE STOOP
WINT NOORD-ZUID Persprijs 2009
Vorig jaar trok
Knack-journalist Chris De Stoop naar Filip in Salvador da Bahia, om er
een reportagereeks te maken over de gevangenis- en 'onderwereld' van
Brazilië. De voorbereidingen werd in België doorgepraat en Chris De
Stoop reisde Filip achterna voor een korte tijd.
We vernemen dat
Chris de Noord-Zuid Persprijs van 2009 wint. Proficiat!
Je kan er alles
over lezen - ook de bekroonde artikels - langs deze link: http://ontwikkelingssamenwerking.vlaanderen.be/nlapps/docs/default.asp?id=156
KERST- EN
NIEUWJAARSGROETEN 2009 - 2010
Goede vrienden,
De
trommels beginnen weer
feller te roffelen vanuit de Pelourinho. Het zijn de
oefeningen in
percussie om de traditionele zomerfeesten op te luisteren.
Het begon op 4
december 2009 met het
feest van Santa Barbara met vuurwerk en knallertjes in alle
vroegte en dat
gaat door tot aswoensdag 2010: O.L.V. Onbevlekt Ontvangen, Santa Lucia,
Kerstmis, Onschuldige kinderen, oudejaarsavond, nieuwjaarsdag met Bom
Jesus dos
Navegantes (Goede Jezus van de stuurlui), ‘Lavagem’ do Bomfin en alle
andere ‘schoonmaakbeurten’
van de trappen van de kerken met reukwater en dansende Bahianas,
Driekoningen,
Yemanjá.
Kleuren schitteren in het zonlicht,
een nieuw hoogseizoen is weer van start gegaan, toeristen alom. Gymmen
om er op
het strand presenteerbaar uit te zien, etc. Zonnecrème factor 50, veel
water
drinken, veel douchen, de tijd van mangos en cajús. Bahia zet
een nieuwe
zomer in terwijl in São Paulo door de vele regens alles onderloopt.

Ik wens jullie allen een zalig
kerstfeest. Dat Jezus opnieuw geboren mag worden in elk mensenkind en
Zijn
Liefde alle duisternis mag verdrijven.
Dank voor die
blijvende
verbondenheid en solidariteit weldra al 20 jaren lang. Want
dit is de
vierde Kleine Prins van de 19de jaargang.
Volgend jaar jubelen we
met de 20ste jaargang.
Um
abraço forte,
Filip
Salvador da
Bahia, 10 december 2009
(Mensenrechtendag)
DEZE
KERSTACTUEEL is ook een oproep voor steun
Deze
kerstactueel op onze website is een oproep om te denken
aan een bijdrage.
Dat kan in de
vorm van een steun voor ‘De Kleine Prins’.
Je leest veel meer in dat tijdschrift
van ons dat straks zijn 20ste jaargang ingaat.
Ga naar de rubriek
‘De Kleine Prins’ en stort een bijdrage op het rekeningnummer.
Maar
je kan ook steunen
in de vorm van een kerstgift voor de algemene werking van de
gevangenispastoraal en de deelprojecten. Met deze link kom je
bij de
rekeningnummers terecht http://www.filipsalvador.be/projecten.htm#Onderstaande_projecten
Volgend werkjaar zetten we immers door met onze werking en
zullen we ook ons mensenrechtensecretariaat versterken. De oproep van
de
regering om terug de alternatieve gevangenismethode APAC op de agenda
te
zetten, zal ook gevolgen hebben voor onze inzet. Zoals je verder zal
merken
werken we ook ernstig door aan de vorming van vrijwilligersploegen in
heel de staat
Bahia.
Bedankt dat we
op u
kunnen rekenen!
GEVANGENISPASTORAAL
IN
SALVADOR EN BAHIA IN ACTIE
ESPERAR
Het
Portugese
werkwoord “esperar”
betekent zowel
wachten of verwachten als hopen, verlangen. Dat ene werkwoord geeft
goed weer
waar het in deze adventstijd, als voorbereiding op Kerstmis, om gaat. Wat
is
mijn diepste verlangen? Niet alleen voor mezelf of mijn familie, maar
voor de
ganse wereld? Dat was ook het thema van onze eerste
adventsbijeenkomst met
de gedetineerden.
Het
begon
nogal stroef, ieder zat er zo futloos bij, maar een lied en een
kennismakingsdynamiekje
deed de grimmige sfeer langzaam wegebben. We stelden de vraag naar hun
diepste
verlangen in de kring van gedetineerden en gaven hen tijdschriften om
een foto
uit te knippen die het beste hun hoop en verlangen op dat moment
weergaf.
Vogels in de lucht vertelden over het verlangen naar vrijheid. Een
bouwvakker over
hun verlangen naar werkgelegenheid bij hun vrijlating.
Een vader die zijn kind omarmt, een lachende
familie, het verlangen naar thuiskomen, verbondenheid. Iemand die water
aan de
planten geeft, het verlangen om terug in de aarde te kunnen wroeten en
in de
natuur te zijn, enz.
De
uitwisseling maakte ons menselijker, beweeglijker, de goede Geest kwam
ons
bewonen. Het woord van God werd voorgelezen en ging over het verlangen
naar
bevrijding, naar heelheid, naar gerechtigheid en vrede dat in Jezus
gestalte
krijgt.
Kerstmis
is
niet alleen gedenken dat Jezus lang geleden geboren is in een kribbe,
maar dat
Hij voortleeft in de harten van de mensen die voor zijn boodschap open
staan en
één met Hem worden en dat Hij door ons heen alles nieuw maakt met Zijn
liefde.
Kerstmis is geloven dat Hij terug zal komen, op het einde der tijden,
om te
vervolmaken, wat we met al onze inspanningen voor een betere wereld
geprobeerd
hebben te doen. Niemand weet precies wanneer dit zal geschieden. Daarom is het beter waakzaam te
zijn, aandachtig de
tekenen van de tijd te ontwaren en als wakkere burger initiatief te
nemen daar
waar het leven bedreigd wordt, samen met andere mensen van goede wil. En dit zowel
op macro- (de klimaatsconferentie in Kopenhagen,
Noord-Zuid verhouding,
de migratieproblematiek bvb.) als op micro-vlak
(recyclage, aandacht voor de buren, zieken,
bejaarden bvb.)
VALSELIJK
BESCHULDIGD
Dat doet me
denken aan Hilda, één van onze vrijwilligsters van de
gevangenispastoraal, die
onlangs valselijk beschuldigd werd geprobeerd te hebben om een chip van
een GSM
binnen te smokkelen. Ze was in de andere gevangenis gewoon om haar tas
aan de
ingang in bewaring te geven en had die kleine chip vergeten. Er werd
een
onderzoek ingesteld en ze moest zich verantwoorden tegenover een
commissie. Dat
deed bij haar alle pijn van discriminatie weer boven komen. Ze werd al
vroeg
als kind als een soort Assepoester bij een familie in de stad
grootgebracht,
omdat er geen eten was voor iedereen van het gezin in het binnenland.
Toch wist
ze zich altijd door haar geloof in een liefhebbende Vader gedragen, ook
wanneer
haar huwelijk mislukte en ze er alleen voorstond als moeder van vier
kinderen.
Een
gemakkelijk leven heeft ze nooit gehad. En wanneer gevangenen vertellen
over
hun strijd om te overleven herkent ze veel van haar eigen verhaal. Ze
kwam in
de verleiding om de gevangenispastoraal vaarwel te zeggen na zoveel
onbegrip.
Toch zette ze door en kreeg haar toegangskaart terug. Ik moest denken
aan de
zaligsprekingen: “Zalig zij die vervolgd,
misprezen en gehoond worden omwille van Mijn Naam. Verheug u want groot
zal uw
beloning zijn in de hemel.”(Mt.5, 11-12)
ZE
HEBBEN HAAR VADER VERMOORD
Jamile
is
mijn petekind. Het eerste kindje dat werd opgevangen in onze crèche
Nova
Semente. Ze heeft haar eerste vijf levens jaren met haar moeder in de vrouwengevangenis
doorgebracht.
Enerzijds gaf die behouden moederband haar een basisvertrouwen in het
leven,
anderzijds werd ze al heel vlug blootgesteld aan allerlei negatieve
invloeden
van een gevangenis. Nu blijven kinderen die geboren worden in de
gevangenis
maximaal zes maanden bij hun moeder voor de borstvoeding.
Jamile is
ondertussen 15 en al een hele jufrouw geworden. Ze woont terug bij haar
moeder
die ondertussen is vrijgekomen, maar komt regelmatig nog naar de crèche. Ze volgt naast de gewone
school een cursus
informatica en heeft daar een vriendje leren kennen. Vorige week is
haar vader
die voortvluchtig was, door de politie vermoord.
Ze is naar de begrafenis geweest die zeer
tumultueus en emotioneel is verlopen. Veel kans om haar vader beter te
leren
kennen heeft ze niet gehad.
Toch
zag ze
hem graag en hoopte ze dat hij uit de criminaliteit zou stappen. Ze
heeft nog
een broer in de gevangenis en haar moeder die al een tijd gescheiden
was, heeft
een nieuwe vriend waar ze niet veel van moet hebben. Haar grote
referentie is
het centrum Nova Semente en zuster Adèlia. Daar voelt ze zich thuis en
heeft ze
vriendinnen.
VRIJ
EN NU BEGINT HET
Jorge
is
vrijgekomen! In de gevangenis was hij gekend als Jorgette, de “vrouw”
van
Ravengar, één van de voormalige grote drughandelaars van Salvador en
bendeleider van paviljoen 1. Normaal denk je dan aan een transseksueel,
maar
niets is minder waar in het geval van Jorge die huurling was in Afrika
en het
Midden Oosten en daar de bijnaam van beschilderde duivel had, omdat hij
zijn
gezicht camoufleerde met zwarte verf.
Hij
heeft
verschillende kinderen verspreid over de wereld
die ondertussen al volwassen zijn en in het
voetspoor van hun vader een
militaire opleiding hebben gevolgd. Hij heeft slechts
één dochter, Taisa, die hem is blijven
bezoeken in de gevangenis, tegen de wil van de familie in die hem de
rug
toekeerde en Salvador verlaten hebben. Jorge is de nor ingedraaid, niet
omwille
van zijn misdaden in Afrika of het Midden Oosten, maar omdat hij zich
emotioneel met de dochter van een rechter had ingelaten die hem
beschuldigde en
onschuldig veroordeelde tot 10 jaar gevangenisstraf. De nationale
justitiecommissie die in een grootscheepse schoonmaakbeurt alle
processen
nakijkt, stelde vast dat de veroordeling op luchtkastelen was gebouwd
en
verplichtte de rechtbank van Bahia om hem onmiddellijk vrij te laten.
Nu
zoekt hij
steun bij de gevangenispastoraal om een nieuw leven te beginnen, samen
met zijn
dochter die haar carrière als atletiekster in rook zag opgaan en zich
volledig
voor de gevangenen van paviljoen 1 inzette. Ze vroegen een tent, want
hebben
geen huis en leven graag in de natuur. Het lijkt wat utopisch, maar
omdat hier
nu het droge seizoen begint, is dat nog geen slecht gedacht en kunnen
ze zich
makkelijk verplaatsen al naar gelang de plaats waar ze werk vinden.
Jorge
heeft
een haat-liefde verhouding met de kerk. Het heeft te maken met een
affaire in
de jaren tachtig van diefstal van antieke beelden in verschillende
kerken. Hij
zoekt naar een manier om in het reine te komen met zichzelf en
tegenover God,
maar hij is bang dat door het verleden terug op te halen, zijn
psychologische
kwetsuren nog meer pijn gaan doen.
Toch
is er geen andere weg om tot verzoening te komen met zichzelf, de
anderen en
God.
SUBSIDIES VOOR
EEN VAN
ONZE PROJECTEN
Een laatste
goed bericht: onze
subsidie voor ons programma Vrijheid en
Burgerzin is verlengd. We hebben
nu twee sociaal
assistentes (Andréia en Marcelo) een sociale ondernemer (Hélio) en een
administratieve hulp (Leandro, de broer van Fabíola). We kunnen
daarnaast nog
rekenen op een sociaal assistente (Fátima) van de gevangenisraad en
vier
studenten recht van het patronaat voor gevangenen en ex-gevangenen die
nu ook
hun publiek voor juridische bijstand hebben verruimd tot de familie van
de
(ex-)gedetineerden.
Het programma
begint in de
gevangenis met een cursus ter voorbereiding van hun in
vrijheidsstelling,
een computerklas, een bakkerij en een cursus op afstand (via internet
en TV) in
bouw, elektriciteit, loodgieterij. Eens ze vrijkomen worden ze
uitgenodigd voor
een gesprek met de sociaal assistente op het secretariaat van de
gevangenispastoraal op het bisdom. Daar wordt er samen bekeken wat
mogelijk is
i.v.m. de werkgelegenheid, woonst, gezondheidszorg, administratie,
documenten.
Maandelijks hebben we vormingsbijeenkomsten met de ex-gevangenen en ook
met de
ondernemers die hun eigen zaakje hebben opgezet.
In Nova Semente
zijn de kinderen een kerstspel aan het
voorbereiden dat zondag op ons kerstfeestje met de vrijwilligers wordt
opgevoerd.
De kinderen zijn enthousiast. Fernando, een ex-gevangene en artiest,
leerde de
kinderen het kerstspel aan. Het is in Franciscaans-Middeleeuwse stijl
en Edinha
en Dilma leggen de laatste hand aan hun naaiwerk voor de kostuums.
Volgend jaar
willen we een kapel-multifunctionele ruimte bouwen en nog een
tweede
module voor woonst. Zuster Adèlia is terug uit Italië en men vroeg haar
of in Nova Semente ook het noviciaat van haar
congregatie kon komen.
Er zijn momenteel twee aspiranten die meewerken in de equipe van de
crèche. Ze
heeft nu eindelijk ook beslist dat ze haar knieën zal laten opereren.
Gelukkig
is de jonge Braziliaanse zuster Edi een sterke
rechterhand.
En tenslotte
kunnen we ook rekenen
op onze kardinaal Dom Geraldo die dit jaar onze kerstviering
wil voorgaan in de
speciale disciplinegevangenis.
Vierend
het jaar uit.
VAN
DE WINTER NAAR DE LENTE 2009
Salvador
da Bahia, 7 september 2009 - Bij jullie is het nieuwe
werk- en
schooljaar begonnen en de herfst is in al zijn kleurenpracht in
aantocht.
Bij ons wordt het lente, minder regen, meer bloemen en hogere
temperaturen. Op onze vrije maandagen kunnen we terug af en
toe naar het
strand, hoewel de zee nog vrij woelig is.
In
het gevangenissysteem zijn er verschillende nieuwe directeuren benoemd.
Het
zijn meestal militairen
en vak-bondsvertegenwoordigers
van het cipierssyndicaat . Allemaal hebben ze het discours dat de
gevangenispastoraal
als vrijwilligersorganisatie een belangrijke rol speelt in het systeem
en door
hen als partners beschouwd worden. In de praktijk blijven wij van de
gevangenispastoraal voor velen pottenkijkers, een steen des aanstoots,
en
moeten we goed oppassen dat we niet mis-/ge-bruikt worden om hun
lacunes op te
vullen .
De
“linkse” regering in Bahia slaat regelmatig de bal mis als het over de
basisbehoeften van de mensen gaat. Ze pakken graag uit met
hun
verwezenlijkingen en geven nu al het dubbele uit aan propaganda in
vergelijking
met de vorige regering. Zo subsidieerden ze heel zwaar de komst van het
Canadese
Cirque du soleil, met toegangskaartjes aan de
prijs van een minimum
maandinkomen. Veel geld ging ook naar de organisatie van een wedstrijd
van stockcars
op
de terreinen en wegen van het
administratief centrum. Deze autorace moest het toerisme en de
automobielindustrie komen bevorderen. Straks wacht ons ook nog een
Formule 1
manifestatie. Maar
de gezondheidszorg,
het onderwijs en de openbare veiligheid waar vooral de armsten
afhankelijk van
zijn, laat veel te wensen over. Ik was blij dat toch één parochie in
die zin reageerde
en aan het regeringsgebouw betoogde met spandoeken. Aanvankelijk werden
ze
gewelddadig geweerd door de politie, maar nadien werd een commissie van
vijf
leden ontvangen door een woordvoerder van de gouverneur.
Op
nationaal vlak is Marina da Silva, senator van de staat Acre,
ex-minister van
milieu en medestichtster van de arbeiderspartij, naar de Groenen
(Partido
Verde) overgestapt. Ze stond er in de regering alleen voor en ondervond
veel
druk van de agro-industrie die alleen maar denkt in termen van
economische
groei en export. Ze was ook aanwezig op de 12de
interkerkelijke
bijeenkomst van de basisgemeenschappen die plaatsvond te Porto Velho
(Rondônia)
van 21 tot 25 juli en als thema had: “Ecologie en Missie; van moeder
aarde, de
kreet die komt van het Amazonegebied”. Er waren 3010 gedelegeerden
aanwezig, 56
bisschoppen, 331 priesters en vertegenwoordigers van meer dan 20
landen. De
bedreigingen voor de indianenvolkeren die in het Amazonegebied wonen
zijn
groot. De bouw van nieuwe stuwdammen, de ontbossing ten voordele van
weiland,
soja- en suikerrietplantages en de houtindustrie, werden sterk
aangeklaagd. Men
verbond zich ertoe om in de basisgemeenschappen politiek actief te
blijven aan
de basis, het ecologisch bewustzijn en de Bijbelstudie te bevorderen,
en een
diaconale kerk te zijn met vele verschillende diensten in dialoog met
andere
kerken en instellingen.
September
is traditioneel de Bijbelmaand in de Braziliaanse kerkgemeenschappen.
De twee
boeken worden samen gelegd: het boek van het leven en het Woord van
God. Samen
doen ze ons zien waar God vandaag op aanstuurt, waar Gods Geest
aanwezig is en
waar niet, hoe we als gelovige en als gemeenschap licht kunnen zijn in
deze
soms duistere tijden. In het Evangelie leren we Jezus kennen en worden
we
uitgenodigd om in Zijn Liefde te blijven. Dat is onze eerste taak, zegt
Antoine
Chevrier, de Franse priester die eind 19de eeuw
radicaal voor de
armen kiest en de Pradobeweging stichtte.
Het
symbool van de pradobeweging: kribbe, kruis en het
tabernakel
Tijdens
een nationale sessie eind augustus op het eiland Itaparica waren we met
een
50-tal Pradopriesters uit gans Brazilië samen om via evangeliestudie
waarachtige leerlingen en apostelen van Jezus te worden. Het gaat niet
alleen
om verkondiging van bevrijding in Jezus’ naam, maar ook om het
profetisch
aanklagen van onrecht, uitsluiting en onderdrukking.
Vandaag,
7 september, viert Brazilië haar onafhankelijkheid. Na de officiële
militaire
defilé, komen kerkgemeenschappen, syndicaten en sociale bewegingen op
straat in
een optocht die de “Kreet van de uitgeslotenen” wordt genoemd. Daarin
wordt
ondermeer de corruptie, de concentratie van macht en communicatie
middelen, de
privatisering, de milieuvervuiling en de economische politiek gebaseerd
op
productie voor de export, de banken en de hoge intresten op de
buitenlandse
schuld aangeklaagd. Daarin wordt het geloof uitgedrukt dat door
organisatie een
volk in staat is om een nieuwe wending aan haar geschiedenis te geven.
Brazilianen zijn fier op hun land van continentale afmetingen en een
rijke
culturele verscheidenheid, maar tegelijkertijd bewust van de enorme
problemen
die enkel aangepakt kunnen worden als elke burger zijn
verantwoordelijkheid
opneemt. Hier en bij jullie, wereldwijd.
Van harte een
goede
start van nieuwe werkjaar!
GEVANGENISPASTORAAL
IN
SALVADOR EN BAHIA IN ACTIE!
Vrijwilligers
zetten door: na 12 jaar of na een stage
In de voorbije maanden hebben we in
Salvador een nieuwe groep vrijwilligers een kadervorming en een stage
aangeboden. Maar tegelijk blijven we onze ‘oudere’ vrijwillig(st)ers
koesteren
en kansen geven. Een aantal van die sterkhouders nemen ook meer
verantwoordelijkheid op. Marie-José is er één van. Eer portret.
Marie José – een vrijwilligster met
anciënniteit
Maria José was
op de nationale conferentie over openbare veiligheid in Brasilia eind
augustus.
Ze verkocht er artesanaat van onze gevangenen in Bahia en kreeg in de
wandelgangen te horen waar de knelpunten lagen. We laten haar aan het
woord
over haar engagement in de gevangenispastoraal
en haar visie op dit hete hangijzer: de openbare
veiligheid als een
opdracht van de staat, maar ook een recht en verantwoordelijkheid van
allen...
Maria-José
(58) is één van de vrijwilligsters die in 1997, het jaar van de
vastenactie
over gevangenen, begonnen is in de gevangenispastoraal. Ze werd door
haar
pastoor als vertegenwoordigster van de parochie naar de animatiedag ter
voorbereiding van deze vastenactie gestuurd en was meteen geboeid door
het
thema. Ze was altijd al bezig geweest met mensen die aan de rand van de
maatschappij leven. Zo deelde ze wekelijks pap uit aan straatkinderen,
tot
ergernis van de goegemeente. Haar vader was iemand die altijd bereid
was om anderen
in nood te helpen en de christelijke waarden van naastenliefde kreeg ze
van
jongsafaan mee in haar familie.
Maria-José
was reeds actief in de parochie als catechiste en lid van het
Marialegioen,
maar is iemand die houdt van uitdagingen en toen ze in datzelfde jaar
’97 op
vervroegd pensioen kon gaan van de bank waar ze altijd gewerkt had,
besloot ze
om haar tijd volledig in dienst aan God en de mensen te stellen.
Na de
vormingsdagen in het Franciscanenklooster, begon ze meteen met
gevangenisbezoek
in het halfopen systeem, waar ze als pastor werkt tot op vandaag. Het
halfopen
systeem vindt ze van alle gevangenissen het moeilijkst, omdat de
gedetineerden
meer vrijheid hebben, verstrooider zijn en minder naar God zoeken. In
een
gesloten systeem zoeken de gevangenen meer religieuze bijstand als
steun in hun
lijden, zo zegt ze. Toen ze enkele jaren geleden eraan dacht om van
gevangenis
te veranderen, heeft ze uiteindelijk besloten om te blijven omdat ze
niet wou
kiezen voor de gemakkelijkste weg en haar collega’s ook niet in de
steek wilde
laten. Ze houdt van de ongedwongen, spontane manier waarop de
gevangenispastoraal contact legt met de gedetineerden. Ze worden tot
niets
verplicht, maar uitgenodigd, terwijl andere religieuze groepen
onmiddellijk met
hel en vagevuur afkomen als ze niet doen wat ze willen. Het getuigenis
van de
andere vrijwillig(st)ers is een steun voor haar om het niet op te
geven, ook al
ziet ze dikwijls geen resultaat. “Het gaat om aanwezigheid in Jezus’
Naam, dus
moet het kwaliteitsvol zijn” zo zegt ze.
Ze herinnert
zich verschillende ex-gevangenen die een nieuw leven zijn begonnen en
achteraf
vertellen hoe belangrijk haar aanwezigheid was tijdens hun
gevangenschap. Of
hoe wraakgevoelens, dankzij geduldige begeleiding, kunnen omslaan in
vergeving
en barmhartigheid. Ze heeft een schrift waarin ze de voor haar
belangrijkste
gebeurtenissen of merkwaardige uitspraken in de gevangenis noteert. Ze
voelt
zich langzaam maar zeker steviger in haar zending tussen de gevangenen,
dankzij
de permanente vorming die maandelijks aan de vrijwilligers wordt
gegeven. “De
vergaderingen van de gevangenispastoraal hebben inhoud waar ik telkens
wat aan
heb,” zo getuigt ze. “Ook in het gevangenissysteem zijn we langzaam
maar zeker
meer aanvaard en erkend geworden. Het ministerie van justitie neemt nu
verschillende ideeën van ons over, terwijl we vroeger eerder argwanend
werden
bekeken en als indringers beschouwd.”
Haar
teleurstelling is het gebrek aan engagement van de gevangenen ten
opzichte van
Christus. “Ze luisteren wel naar het Woord van God, bidden tot God als
ze ’t
moeilijk hebben, maar zijn het allemaal ook snel vergeten, wanneer ze
de
vrijheid terug geproefd hebben. Het is zoals met het zaad in de parabel
van de
zaaier.”
Eind
augustus heeft ze als vertegenwoordigster van onze gevangenispastoraal
deelgenomen
aan de eerste nationale conferentie over openbare veiligheid te
Brasilia waar
ze artesanaat van de gevangenen heeft verkocht. De conferentie werd
door het Ministerie
van Justitie georganiseerd op vraag van de president Luís Inácio da
Silva
(Lula) om de nationale politieke richtlijnen i.v.m. de openbare
veiligheid te
bepalen. Er waren een 3000 deelnemers vanuit 27 staten van de federatie
van
Brazilië, zowel van de overheid als van niet-gouvernementele
organisaties.
Het
slotdocument bevat 10 principes en 40 richtlijnen die als basis zullen
dienen
voor de nationale politiek i.v.m. openbare veiligheid. De
gevangenispastoraal
heeft op nationaal vlak geprobeerd om zoveel mogelijk
vertegenwoordigers van
niet-gouvernementele organisaties naar de conferentie te sturen. Maria
José zei
dat ze toch vooral politie en penitentiair beambten heeft gezien. “Maar
het
wonderbaarlijke was dat het leek op het visioen van Jesaja waar het lam
en de
wolf samen grazen,” zo zegt ze. “Ook al waren er tegenovergestelde
meningen, er
was een sfeer van dialoog en wederzijds respect.” Ze vertelt fier dat
Bahia de
staat was die het meest artesanaat heeft verkocht. Maar ze sprak ook
vol lof
over een modeshow gebracht door 9 vrouwelijke gedetineerden uit de
Paraná met
kleren die ze zelf in de gevangenis hadden gemaakt. En een
theatervoorstelling
gebracht door gevangenen uit São Paulo over het leven in de gevangenis.
De
conferentie was prima georganiseerd en ze logeerde op kosten van de
overheid in
een hotelkamer met collega’s van de gevangenispastoraal uit Rio Grande
do Norte
en Sergipe. Het was voor haar een boeiende ervaring, waar ze
verschillende
mensen heeft leren kennen uit andere staten van Brazilië met dezelfde
bekommernis: een vredevolle en rechtvaardige samenleving.
(interview
Filip 9/9/2009)
Maar ook nieuwe
vrijwilligers treden aan.
Veertien
nieuwe kandidaat-vrijwilligers zetten na een
vormingsaanbod in april hun eerste stappen in de gevangenisafdelingen
in
Salvador. Vanuit die persoonlijke ervaring en vanuit onze evaluatie
over hun
engagement, werd hen gevraag om te kiezen voor dit engagement om dan
gezonden
te worden. De zendingsviering vond dit jaar plaats in de periode van
vaderdag,
Onze Lieve Vrouw Hemelvaart en het Naamfeest van de Heilige Maximiliaan
Kolbe.
Eén van
onze hulpbisschoppen – Don Josafat – ging voor in de
zendingsviering. De foto’s getuigen van de intensiteit van het moment.
Veertien
mannen en vrouwen vervoegen zo de groep van getrouwe medewerkers. Een
sterk
moment.
Samen opstappen
voor
meer gerechtigheid!
In de ‘Grito
dos
excluidos’ op 7 september, onafhankelijksdag.
Voor het eerst
hebben we het grote processiekruis dat we
tijdens de vasten wordt gedragen in de vastenoptocht
naar de kerk van de Bomfin, ook in de mars "De kreet van de
onderdrukten" gedragen. We bevestigden er de namen op van vermoorde
jongeren.
Seminaristen
die dikwijls uit dezelfde wijken komen waar
deze jongeren slachtoffer werden van het geweld, droegen het kruis.
Diezelfde
onafhankelijkheidsdag werden er 's morgens verschillende
bussen in brand gestoken en politie-eenheden aangevallen als
represaille bij de
overplaatsing van een bendeleider naar een federale gevangenis in het
zuiden
van Brazilië. Woensdag konden we geen gevangenisbezoek doen omdat de
politie de
cellen doorzocht naar GSM's waarmee ze contact houden met de
buitenwereld en
hun aanvallen coördineren. Deze acties die nu al een paar dagen duren,
creëren
paniek in de stad en uit angst blijven de mensen meer binnen.
Filip.
Gevangenispastoraal
Salvador da Bahia in actie !
Een samenvatting van het
jaarverslag
2008
Ook 2008 was
voor het gevangenissysteem in Bahia een
turbulent jaar. Het begon al in
januari toen de overheid 20
containercellen kocht voor 280 gevangenen om de overbevolking
in de
politiekantoren te ontlasten in het vooruitzicht van de komende
carnavalperiode. De gevangenispastoraal die deel uitmaakt van de
mensenrechtenraad van Bahia veroordeelde het gebruik van deze
containercellen
omdat ze niet beantwoorden aan de vereiste normen van de wet der
strafuitvoering. Toch werden er vlak voor carnaval 360 gevangenen uit
de
politiekantoren naar overgebracht in een politieactie die de naam
“grote
schoonmaak” kreeg (!?). De
rechter Andremara
dos Santos van de uitvoeringsrechtbank te Salvador verbood uiteindelijk
het
gebruik van deze cellen nadat er 8 gevangenen uit ontsnapten en anderen
er uit
protest brand stichtten.
Maar
de grootste politieactie in het gevangenissysteem van
het jaar was ongetwijfeld operatie “Big
Bang” op 2 juni die de georganiseerde misdaad in en vanuit
de Lemos Britto
gevangenis ontmantelde. Men vond in de cel van de bendeleider Genilson
Lino da
Silva, beter gekend als Perna R$ 280.000 (het equivalent van US$
100.000), twee
pistolen van 9 mm,
8 kg
cocaine, 1 kg
cannabis en 50 blokjes crack. We mogen ons terecht de vraag stellen hoe
dit
allemaal in een cel kan terechtgekomen zijn?
Perna werd
overgeplaatst naar de federale gevangenis te
Catanduva/Parana. De gevangenisdirecteur Luciano Patricio werd
ontslagen en 8
cipiers werden verplaatst. Maar ook de
gerechtelijke macht werd aan een onderzoek naar de “verkoop van
veroordelingen”
onderworpen. Dit onderzoek van het Openbaar Ministerie
waarbij advocaten en
rechters betrokken zouden zijn, is nog steeds lopende. Deze acties
ontketenden
een oorlog tussen de twee grote misdaadbendes die de drughandel in
Bahia in
handen hebben, met dodelijke slachtoffers in verschillende
wijken.
Toch heeft de gevangenispastoraal binnen het
systeem zijn
activiteiten normaal kunnen verder zetten. Naast de wekelijkse
gevangenisbezoeken waar vooral wordt geluisterd naar ieders persoonlijk
levensverhaal, gedeeld rond Gods Woord en gevierd in Jezus’ Geest,
werden in de
verschillende gevangenissen, in het kader van het Paulusjaar, bezinningsdagen over de bekering van
Paulus georganiseerd. Na een presentatie met bibliodrama
werd er in kleine
groepjes dieper ingegaan op ieders persoonlijk bekeringsproces. In een
eucharistieviering werden de deelnemers uitgenodigd tot een
fundamentele
levenskeuze om een nieuwe weg te gaan.
Zoals elk jaar werden ook vormingsdagen
voor nieuwe vrijwilligers georganiseerd. Na een
stageperiode en evaluatie werden dit jaar op het feest van de Heilige
Maximiliaan Kolbe 26 nieuwe
vrijwilligers de handen opgelegd door de bisschop.
In samenwerking
met het Ministerie van Justitie zetten we cursussen
op touw voor gevangenen die
dicht bij hun vrijlating staan om hen voor te bereiden op hun re-integratie. Via het programma
“Vrijheid en Burgerzin” hebben we 21
ex-gevangenen terug op de arbeidsmarkt gekregen door hen te
stimuleren een
eigen onderneming op te zetten (als kapper, fotograaf, naaister,
ambulante
verkoper). Ze worden begeleid door de sociaal ondernemer Hélio en
sociaal
assistente Andréia die terplekke gaan kijken en helpen in budgetbeheer.
Anderen
werden geholpen om terug en niet met lege handen thuis te geraken
(busticketten, voedselpakketten) of met het terug in orde brengen van
hun
papieren (identiteitskaart, arbeidskaart, sociale zekerheid, enz.) of
met
cursussen of studiebeurzen, materiaal voor het vervaardigen van
artisanaat,
kleding, geneesmiddelen, enz.
In het centrum “Nieuw
Zaadje” dat naast het gevangeniscomplex te Mata Escura ligt,
werden 40 kinderen tussen 6 maanden
en 15 jaar
opgevangen wiens ouders in de gevangenis straf uitzitten en geen
familie hebben
die deze kinderen kunnen opvangen. Een 15-tal vrijwilligerskoppels
nemen deze
kinderen op in hun gezin tijdens het weekend. Er is ook een dagverblijf met 94 kinderen waarvan hun
vader in de gevangenis verblijft, opdat de moeder kan gaan werken om
het gezin
in zijn levensonderhoud te voorzien.
Brazilië is het
vierde land met de meeste gevangenen van de
wereld. (440.000) Er leeft nog een sterke cultuur om overtreders van de
wet vast
te zetten. Alternatieve straffen voor
kleinere delicten worden door justitie nog te weinig toegepast. Daarom
besliste de overheid van Bahia dit jaar om een netwerk van
justitiehuizen op te
zetten ter ondersteuning en begeleiding van mensen die door
gemeenschapswerk in
hospitalen, crèches, bejaardentehuizen, jeugdhuizen, hun straf
“uitzitten”.
Buiten het feit dat dit goedkoper is voor de overheid dan gevangenissen
bouwen,
liggen recidivecijfers daar veel lager dan in het klassieke
gevangenissysteem.
De kerk in
Brazilië wil in dit verband via de vastenactie
van 2009 bijdragen tot een breed maatschappelijke discussie over
openbare
veiligheid en ook de Braziliaanse overheid plant voor
het eerst in de geschiedenis een nationale conferentie over
openbare veiligheid in augustus 2009 te Brasilia. De
gevangenispastoraal
wil bij dit proces zoveel mogelijk mensen betrekken en organiseerde
reeds in
september 2008 een seminarie ter voorbereiding van deze kampanje met
vertegenwoordigers van de verschillende bisdommen in Bahia.
De
gevangenispastoraal
maakt ook deel uit van een commissie die herstelrecht wil inplanten,
waarbij sommige conflicten
(sneller) kunnen opgelost worden zonder dat het tot een rechtszaak moet
komen.
De NGO “Juspopuli” heeft reeds in verschillende wijken wetswinkels
opgezet die
aan bemiddeling doen en geeft vorming aan lokale leidersfiguren. Vooral
de
sensatiepers en media bemoeilijken een evenwichtige kijk op de
problematiek van
toenemend geweld en criminaliteit. De gevangenispastoraal pleit voor
nieuwe
kansen voor wetovertreders, maar wil ook begeleiding voor slachtoffers;
wil
mensenrechten gerespecteerd zien zowel voor slachtoffers als
overtreders. In
2008 kon ze die problematiek opentrekken en allerlei organisaties
aantrekken om
samen aan een vreedzaam samenlevingsmodel
te werken.
Filip.
100 jaar Dom
Helder Cámara
Mijn
onvergetelijke ontmoetingen met een charismatisch man
Op
7 februari 2009 zou Dom Helder 100 jaar geworden zijn. Op vele plaatsen
in Brazilië en de wereld werd die verjaardag herdacht met een eerbetoon
dat nog over verschillende maanden loopt. Voor mij een reden om u te
vertellen hoe ik deze man leerde kennen en wat hij in mijn leven
betekende.
Ik
ontmoette Dom Helder zelf voor de eerste keer toen hij kwam spreken in mijn geboortestad Antwerpen. Dat was
in de jaren 70. Ik zat toen in het middelbaar. Dom Helder sprak Frans
met een sterk Portugees accent, zijn enthousiasme werkte echter
aanstekelijk en zijn woorden werden onderlijnd door wijdse armgebaren. Het maakte
zijn kleine gestalte een stuk groter.
De
volgende ontmoeting vond in een huiselijke
sfeer plaats, in de leefgemeenschap van Gust van Haegenborgh en Leona Derde, twee
personaliteiten in ons bisdom Antwerpen die ooit de Commissie
Rechtvaardigheid en Vrede oprichtten. Wanneer Dom Helder in Antwerpen
langskwam, logeerde hij bij hen. Zij vertelden mij dat hij weinig sliep
en in de vroege ochtend opstond om te waken. Tijdens die uren, vertelde Dom Helder, tracht ik
eenheid te vinden, vooral de eenheid met Christus. Dat aspect
intrigeerde me: hoe deze man strijd en contemplatie verbond. Opvallend
was ook hoe ontspannen hij was en vol humor, schertsend met iedereen.
Hij
was de eerste Braziliaan die ik ontmoette.
Hij vertegenwoordigde voor mij een kerk, dicht bij het volk, warm,
begaan met het bouwen aan het Rijk Gods. Hij sprak over de noodzaak om
oude onrechtvaardige structuren
in de geïndustrialiseerde landen te vervangen zodat ook de
ontwikkelingslanden kansen zouden krijgen. Alles moest gebaseerd worden
op rechtvaardigheid en liefde. Hij noemde zichzelf “de ezel van de
Heer” en wou de Blijde Boodschap wereldwijd brengen. Zijn initiatieven
zorgden voor een boycot van grote multinationals zoals Coca-Cola en
Nestlé, door het niet aankopen van hun producten, zodat ze verplicht
zouden worden de mensenrechten te respecteren van hun werknemers in
ontwikkelingslanden. Hij noemde dit de Morele Liberale Druk.
In
het begin van de jaren tachtig woonde ik de voorstelling bij ‘de Symfonie van de twee werelden” in de Arenahal
in Deurne. Deze symfonie was gecomponeerd door pater Pierre Kaelin, een Zwitserse dirigent,
met teksten van Dom Helder Camara,
die hij persoonlijk kwam voorlezen. Hij voelde zich zo betrokken bij
het onderwerp dat hij weende tijdens de voorstelling. Het werd een
immens succes in de tot de nok gevulde sporthal, men voelde daar hoe de
hoop opnieuw geboren werd. Het was een artistieke evocatie over een
droom van een betere wereld.
Dom
Helder vertelde dat hij zich nergens ter wereld een vreemdeling voelde,
hij beschouwde alle mensen als broeders. José Comblin
herhaalde deze uitspraak in Olinda,
tijdens een bijeenkomst over de spiritualiteit van Dom Helder, een tijdje na het
overlijden van de gepensioneerde aartsbisschop. Om Dom Helder zijn
universele geloofsvisie te begrijpen, haalde Comblin
deze woorden aan: ‘In alles plaatste hij God centraal, en dat maakte
dat hij zich goed voelde met mensen van gelijk welke religie of zonder
religie’. Deze houding, die de weg opent naar dialoog en vrijheid van
geest, heeft me enorm aangesproken in Dom Helder.
Op
een dag sprak ik met mijn Antwerpse bisschop en haalde aan dat we nood
hebben aan meer bisschoppen zoals Dom Helder, mensen die de moed hebben
onrecht in naam van het Evangelie aan te klagen. Hij voelde zich
ongemakkelijk en zei: ‘Maar ik ben Dom Helder niet!’. En dat klopt, we moeten onszelf blijven.
Dom Helder was uniek, net zoals wij uniek zijn, maar hij laat een
leegte achter, dat kan niemand ontkennen.
Filip
Cromheecke
Zie
ook de websites: http://www.centenariodomhelder.com.br/homenagens of
http://www.ccesp.puc-rio.br/helder100/homem.html
* Op 25 en 26 april
namen een 60-tal vrijwilligers en kandidaat-vrijwilligers deel aan de
vormingsdagen van de gevangenispastoraal die doorgingen in de school
OLV van Licht te Pituba/Salvador.
Het werden twee rijk gevulde dagen
met speciale inbreng van de rechter van de uitvoeringsrechtbank
Andremara dos Santos voor het juridische apect van de vorming. De
franse pelgrim Henrique van de Drievuldigheidskerk die mensen van de
straat opvangen, stond in voor de spiritaliteit van waaruit we de
gedetineerden benaderen. De priester-psycho-analist João Batista
Deferrari gaf een inleiding over de psychologisch-pastorale begeleiding
van gedetineerden. Tussendoor waren er getuigenissen zowel van
vrijwilligers als van ex-gevangenen over de betekenis van de
gevangenispastoraal in hun leven.
Dit
was ook de laatste activiteit van Fabiola die ontslagnemend is, omwille
van familiale redenen. We zijn haar erg dankbaar voor de zes jaren dat
ze met hart en ziel heeft gewerkt aan de uitbouw van dit netwerk voor
gevangenen, hun familieleden en ex-gevangenen. We verwelkomen Luciene
(30) die haar vervangt. Ze studeert administratie en is pastoraal
actief op haar parochie Dom Bosco waar de Belg André Seutin pastoor is.
Filip Cromheecke
* Van vasten naar pasen, maandag 30 maart - Salvador da Bahia
Goede vrienden,
Terug
vanuit mijn vertrouwde plek aan het pleintje van de Saúde, heb ik
gewerkt aan de inleidende woorden van het lentenummer van “De Kleine
Prins”, die terug in jullie bus is gevallen. Een beetje een bijzonder
nummer omdat we wegens computer en tijdsproblemen niet alle info hebben
kunnen doorsturen.
Wil je een
abonnement op 'De Kleine Prins' dan kan je dat bestellen langs
redactie.dekleineprins@hotmail.com.
Maar
ondertussen ben ik blij terug aan de slag te kunnen, te midden het
bruisende leven van deze fascinerende grootstad Salvador, maar soms ook
met heimwee terugkijkend naar een contemplatieve periode, waar veel
meer ruimte voor gebed en stilte was. Het zal wel altijd een zoeken
blijven om een evenwicht te vinden tussen strijd en inkeer.
Na
een maand geestelijke oefeningen bij de Jezuïeten te Itaici/Sao Paolo,
besef ik meer dan ooit dat de band met ons innerlijke zelf, met God,
fundamenteel is om in het spoor van Jezus aan bevrijding te werken,
zowel in mezelf als naar de gemeenschap toe. In die zin ben ik blij dat
onze kardinaal Dom Geraldo me gevraagd heeft om te helpen op het
seminarie bij de geestelijke begeleiding van de seminaristen. En
volgens de laatste berichten is de kans groot dat ik er zelfs een
Vlaamse collega bijkrijg, met name Jan de Bie hulpbisschop-emeritus van
Mechelen/Brussel, die eerder rector was van dit seminarie.
De
vraag waarmee ik zat -of ik op mijn vijftigste niet iets anders moest
gaan doen- vertaalt zich meer naar een bezinning over de manier waarop
ik bezig ben en me laat leiden door de Geest. In de leerschool van
Jezus blijven staan, om van Hem te leren hoe God verlangt dat ik
bijdraag aan de nieuwe schepping, lijkt me nu essentiëler.
Dat
wil niet zeggen dat we bij de pakken moeten blijven zitten,
integendeel. Het is vijf voor twaalf, zoals L. Boff terecht sprak op
hjet Wereld Sociaal Forum in Belèm, over de huidige crisis. Niet alleen
kijken naar het resultaat (in deze maatschappij, die dikwijls alleen op
efficiëntie gericht is), maar aandacht hebben voor de manier waarop je
samen het resultaat probeert te bereiken. “We build the road and the
road builds us” (Wij bouwen aan de weg en de weg bouwt aan ons), een
zin van de Sarvodaya-beweging in Sri Lanka die nog steeds in mij blijft
nazinderen.
Het
doet me denken aan de startdag voor echtparen van Marriage Encounter
die we enige tijd geleden organiseerden. Het zag prima in elkaar, al
zeg ik het zelf. Maar plots kwam er een koppel binnen waarvan de man
zwaar fysiek gehandicapt was en op uitnodiging van een ander koppel
zijn poëziebundel kwam voorstellen. Wij van de organisatie wisten van
niets en vermits de man maar langzaam en met veel moeite uit zijn
woorden geraakte, duurde het een hele tijd en geraakte het tijdsschema
hopeloos achterop. Ik kon geen geduld opbrengen om hem te beluisteren
en begon samen met enkelen alvast de schotels af te wassen van het
middagmaal. Maar nadien tijdens de toespraak van een criminoloog over
openbare veiligheid, het thema van de vastenactie dit jaar, gaf hij
zijn mening over hoe we allen op één of andere manier kunnen bijdragen
tot een vredevollere samenleving. Ik begon me in te spannen om zijn
boodschap te begrijpen. Ik begon zijn moed te bewonderen om, tegenover
een voor hem toch vreemde groep, zijn opinie te geven. En ik dacht aan
al die mensen die, toen ik hier pas aankwam, moeite hebben gedaan om
mijn Portugees te verstaan. En ik zag zijn vrouw naast hem liefdevol en
geduldig met een zakdoek zijn mond schoonmaken. En ik dacht: hier
begint de vrede, geduldig kunnen luisteren naar iemand die ondanks zijn
handicap, met veel inspanning, zich duidelijk wil maken.
Geen
grote theorieën, maar werken aan de kwaliteit van onze relaties, een
aandachtspunt voor mij in deze vastentijd. Dat wil niet zeggen dat we
het macro-niveau uit het oog moeten verliezen en ons moeten nestelen in
het eigen veilige nest. “Think globaly, act localy” (Denk wereldwijd,
handel lokaal)
Op
weg gaan met Jezus naar Jeruzalem, waar de kruisdood, maar ook de
verrijzenis op Hem wachten, is doorheen pijn en verdriet, tekort en
mislukking ook nieuw leven geboren zien worden, van binnenuit.
Zalig Pasen !
Filip
* Zondag 15 februari organiseerde de
gevangenispastoraal een tweede seminarie ter voorbereiding van
de vastenactie 2009 rond openbare veiligheid met meer dan 400
deelnemers van de verschillende parochies van het aartsbisdom. Het was
een overrompeling en hoewel we vroegen om op voorhand in te schrijven,
zijn er nog veel geinteresseerden op de dag zelf gekomen.
Daardoor hadden we te weinig materiaal en onvoldoende
plaats voor de werkwinkels. Bovendien was het bloedheet en dropen de
zweetdruppels van de kin van onze bisschop Dom Geraldo tijdens de
slotviering.
Het is blijkbaar een thema dat niemand onberoerd
laat, zeker niet in Salvador waar de cijfers van het toenemende geweld
alamerende vormen aanneemt. Maar dat wordt nu tijdens de
karnavalperiode gecamoufleerd om de toeristen niet af te schrikken. Als
gevangenispastoraal zijn we blij dat de ganse kerkgemeenschap wil
nadenken en zoeken naar alternatieven om de vrede te bevorderen. We
voelden ons voordien eerder alleen staan als het ging over dit
onderwerp. Dat was in België en Europa ook zo als het een
vijftiental jaar geleden ging over mensen zonder papieren. Ook
daarrond zijn er nu meer medestanders opgestaan. (Filip)
* op 3 februari is Filip terug aangekomen in Salvador da Bahia.Hij nam
er zijn taken terug op en heeft zich nu ook geëngageerd in de ploeg van
geestelijke begeleiders van het Seminarie van het Bisdom Salvador. Op 4
februari overhandigde hij 800 euro als geschenk van zijn thuisparochie
H.Drievuldigheid aan de kerk van Trindade in Salvador. Deze
kerkgemeenschap die werkt met de mensen van de straat,, zal het bedrag
gebruiken om werken uit te voeren zodat ze kunnen zorgen voor hun eigen
watervoorziening.
* van 02 januari tot 31 januari is Filip in retraite geweest in een
klooster van de Jezuïeten in de omgeving van Sao Paolo. Hij deed er de
30daagse oefeningen van Sint-Ignatius.
Gevangenispastoraal
Salvador da Bahia in actie! Ook dank zij U!
*
Onze equipe van de gevangenispastoraal in Salvador een seminarie ter
voorbereiding op de vastenactie van 2009 over openbare veiligheid voor
de bisdommen van Bahia en Sergipe. We waren met een 50-tal deelnemers
die dan met al de opgedane informatie de campagne in hun eigen bisdom,
school of instelling gaan animeren. Er was reeds een deel van het
animatiemateriaal ter beschikking zoals de affiche en de basistekst.
Die affiche leek ons op het eerste zicht geen voltreffer. Het is
inderdaad geen blikvanger, maar als je er langer bij stilstaat ontdek
je er toch heel wat in.
De
basistekst is weer opgedeeld volgens de zien-oordelen-handelen-methode
van Cardijn. We opteerden voor een creatieve omgang met de inhoud van
de tekst door mensen uit te nodigen die getuigden over hun ervaringen
en initiatieven. Aan de ene kant hadden we een collage met
krantenknipsels opgehangen over alle mogelijke vormen van geweld, aan
de andere kant een muurkrant die we stilaan opbouwden met
vredesinitiatieven die werden voorgesteld. De vrijdagavond begonnen we
met een panelgesprek met vertegenwoordigers van de militaire en civiele
politie en van het openbaar ministerie. Onze kardinaal Dom Geraldo en
de hulpbisschop Dom Gregório vertegenwoordigden onze kerkprovincie.
Riccardo
Cappi, een criminoloog, gaf de inleiding die iedereen meteen aan het
denken zette: wat verstaan we als we het hebben over veiligheid, alleen
de afwezigheid van geweld? Wordt er niet gemakkelijk weer de schuld
gegeven aan de armen? Bestaan er dan echt geen alternatieven dan alleen
maar straffen? Hoe kunnen we onze sociale inzet politiseren? Wat kan er
gedaan worden voor de slachtoffers? Hoe gaan we om met symbolische
geweld? Het trok de ganse problematiek meteen uit de roddelperssfeer
die graag spectaculaire moorden op hun voorpagina's zetten om zoveel
mogelijk gazetten te publiceren. Verder kregen we getuigenissen van
buurtwerkers over conflictbemiddeling, vrijwilligers die aan
slachtofferhulp doen, politie die kansarme kinderen begeleiden met
naschoolse activiteiten en daklozen die een eigen krant uitgeven.
Boeiende initiatieven die tonen dat er wel degelijk aan een cultuur van
vrede gewerkt kan worden. Tot slot een bezinning over hoe Jezus met de
Samaritaanse vrouw omgaat in het evangelie van Johannes - hoofdstuk 4.
Hoe ook wij, in navolging van Hem, herstel kunnen bewerken en niet
alleen straffen.
*
Een boeiend initiatief dat de gevangenispastoraal i.s.m. het ministerie
van justitie uitbouwde en reeds in twee gevangenissen toepaste in dit
tweede semester van het jaar, is de cursus: "Denkend aan de vrijheid"
voor gevangenen die er bijna hun straf hebben opzitten. We merkten dat
velen vrijkomen zonder er eigenlijk op voorbereid te zijn. Men kijkt zo
uit naar de dag dat men vrijkomt, maar als die er uiteindelijk is,
beginnen er een heleboel nieuwe problemen: niet alleen van praktische
aard zoals woonst en werk, maar ook: Hoe ga ik met mijn meest nabije
kennissen om na al die jaren? Hoe neem ik mijn rol in het gezin terug
op? Hoe zorg ik weer voor mezelf zonder dat iemand zegt wat mag en niet
mag? Hoe kom ik weer in orde met mijn papieren? Hulpverleners en
leerkrachten brachten de thema's op een creatieve en dynamische manier
aan bod (zie artikel van professor Milton Júlio in de laatste kleine
prins) Er werden ook heel praktische vaardigheden aangeleerd zoals met
de PC werken, sociale zekerheid in orde brengen, enz. De reacties van
de deelnemers waren merendeels positief, zowel bij de mannen als de
vrouwen van het half-open regime. Het is nu nog afwachten of ze
effectief weerbaarder zijn geworden in het aanpakken van hun leven in
vrijheid.
*
De bezinningsdagen voor gevangenen n.a.v. het Paulusjaar in het teken
van de bekering van Paulus. Het rollenspel gebracht door de
seminaristen was een voltreffer en maakte echt indruk. Nieuw waren die
bezinningsdagen in de gevangenis met een zwaardere discipline voor
gedetineerden die in andere gevangenissen al moeilijkheden hadden
veroorzaakt. Het was de eerste keer dat we de ganse dag met hen zo'n
traject mochten en konden afleggen. Er werd ook massaal op ingeschreven
(80 a 100 deelnemers per keer).
Met
een klein hartje werd er aan begonnen, hopend dat alles vlot zou
verlopen. God zij dank, waren er geen noemenswaardige problemen en werd
er flink meegewerkt. Fijn was ook de oecumenische samenwerking met de
protestantse pinksterkerkleden, wat zeker geen evidentie is. De
hulpbisschop Dom Gregório kwam er ook op bezoek en beantwoordde in een
openhartig gesprek de vele vragen van de gedetineerden. Of hij nooit
met een vrouw gemeenschap heeft gehad of weed gerookt.
*
In ons centrum 'Nieuw Zaadje' voor de kinderen van gedetineerden werd
een speciaal kerstfeest voorbereid. Een ex-gevangene, Fernando,
onderlegd in de knepen van het theatervak, bereidt een kerstspel voor
met de kinderen dat ook in de gevangenis zelf zal opgevoerd worden.
Zuster Adèlia hoopt dat haar jonge Braziliaanse collega's zullen
terugkomen van Italië op het einde van het jaar om haar bij te staan in
het vele werk. Ze droomt van een polyvalente ruimte waar dergelijke
evenementen beter aan hun trekken zouden komen. Als erkende instelling
kon de multidisciplinaire equipe met psychologe, sociaal assistente,
pedagoge en pediater dit jaar gefinancierd worden dankzij de subsidies
van de overheid. Er komt wel een ganse papierwinkel bij kijken.
*
Ook in de nieuwe gevangenis van de buurgemeente Lauro de Freitas is een
equipe gevangenispastoraal van start gegaan. We waren in de parochies
vrijwilligers gaan ronselen zonder veel resultaat. Er was namelijk heel
wat weerstand van de bevolking toen die nieuwe gevangenis daar werd
gebouwd. Maar dankzij een enthousiaste diaken hebben enkele parochianen
de stap durven zetten. Maria-José van onze equipe in Salvador, heeft
als ervaren vrijwilligster, de nieuwelingen mee op weg gezet. Er zijn
nog wel wat problemen in de gevangenis om een stevige werking op gang
te zetten. In het begin zijn er altijd veel weerstanden bij directie en
penitentiair beambten. Ze weten ons niet goed te plaatsen: we zijn geen
familiaal bezoek, maar ook geen werknemers. Soms worden we als
indringers beschouwd. Maar langzaam vertrouwen winnen, het volhardend
aanwezig zijn, rustig blijven en open staan voor iedereen zijn
fundamentele bouwstenen om een verandering in mentaliteit te
bewerkstelligen.
*
Niet alles lukt wat we proberen. Zoals de geplande ontmoetingsdag voor
penitentiair beambten. We zijn ons ervan bewust dat het een
stresserende job is en er weinig opvang bestaat voor cipiers die over
hun toeren gaan. Vandaar ons aanbod om via groepsdynamieken de mens in
de cipier aan bod te laten komen. In het eerste semester was zo'n
ontmoetingsdag een succes. Niet veel deelnemers, maar wie erbij was, is
entoesiast naar huis gegaan en ging collegas motiveren voor een
volgende bijeenkomst. Het is niet duidelijk of de totale afwezigheid te
maken had met onze aanklacht, waarna zes corrupte cipiers verplaatst
zijn geworden, of de datum, onmiddellijk na een algemene vergadering
van het syndicaat.
Van
harte gegroet en bedankt voor uw steun.
Padre
Filip Cromheecke
Gevangenispastoraal en haar
vrijwilligers in actie

In
onze equipe van de gevangenispastoraal werkt er ook een landgenote mee,
Hilda Hendrickx (75) die sinds 1967 in Salvador woont. Zij is de
zevende medewerkster die ik wil voorstellen
Hier lees je het
volledige artikel.
De
Kleine Prins is 18 jaar
en dat was een
aanleiding voor het tijdschrift DACO van het bisdom Antwerpen om een
gesprek te voeren met Filip over 18 jaar kleine prinsjes.
Hier kan je het
volledige artikel lezen.
Gevangenispastoraal
Salvador da Bahia in actie!
Een
bijzondere medewerker van onze
gevangenispastoraal die we u langs deze weg willen voorstellen is Nilton
de Oliveira (47).
Nilton
is leerkracht aardrijkskunde met specialisatie in waterkunde en geeft
les in een vrije school te Pituba, de wijk in Salvador waar hij ook
woont.
Hij
is afkomstig van Elísio Medrado, een landelijke gemeente op 220 km. van
Salvador waar hij directeur was van een gemeenteschool en voor het
eerst in contact kwam met een achttal gevangenen van het plaatselijke
politiekantoor die hij regelmatig bezocht en alfabetiseerde.
Hij
herinnert zich geëmotioneerd de dag dat hij een brief kreeg van een
ex-gevangene die met zijn steun in de gevangenis leerde lezen en
schrijven. Hij maakt als vrijwilliger deel uit van de Focolare (www.focolare.org), een wereldwijde
katholieke spiritualiteitsbeweging, gesticht door Chiara Lubich, die
vooral de eenheid nastreeft door terug te gaan naar de bronnen van het
Evangelie.
Toen hij
overplaatsing vroeg naar Salvador en bij zijn gescheiden zus ging wonen
met twee kinderen, opende hij een krantenkiosk en naast het lesgeven
wilde hij iets met volwassenencatechese doen. Vier jaar geleden zag hij
de uitnodiging op het mededelingenbord van de kerk om zich in te
schrijven voor een vormingscursus voor nieuwe vrijwilligers in de
gevangenispastoraal. En op de vooravond van zijn verjaardag, vroeg de
parochiepriester of hij niet mee een kijkje wilde komen nemen in de
gevangenis waar hij een viering ging voorgaan.
Dit bezoek trof hem zo dat
hij dit als een goddelijk verjaardagsgeschenk beschouwde en reeds voor
de cursus met regelmatig gevangenisbezoek begon. Sindsdien laat de
gevangenispastoraal hem niet meer los. Hij begon in de gesloten
mannengevangenis waar hij de betekenis van de uitdrukking "de zon
vierkant zien opkomen" begreep, toen hij de gevangenen door kleine
vierkante openingen naar buiten zag staren.
Daarna
ging hij naar een gevangenis met een strenger regime voor "moeilijke"
gedetineerden. Onlangs nam hij er de benedictijnse hulp-bisschop Dom
Gregório mee voor een vragenuurtje met 80 internen die actief deelnamen.
Daar
groeide bij hem ook het verlangen om die mannen die vele uren op cel
zitten zonder enige activiteit, tot lezen aan te zetten. Hij begon een
boeken- inzamelactie en stelde in elke afdeling een bibliothecaris aan
die zorgvuldig de boeken uitleent en na verloop van tijd terug
opvordert.
Hij
is ook één van de grote promotoren van het APAC-project dat helaas nog
niet van start is kunnen gaan in Bahia. Hij ging ook een week met de
gevangenen van de APAC-modelgevangenis te Itaúna/MG samenleven (zie het
ervaringsartikel in het vorig nummer van Jan de Cock) en begeleidde
gedurende 21 zaterdagen de eerste APAC - vrijwilligerscursus te Simões
Filho.
Hij
vertegenwoordigt de gevangenispastoraal in het comité ter bestrijding
van martelingen en volgde onlangs een cursus rond "monitoramento de
detenção" (Raad van toezicht op de detentiecentra). Nilton houdt van de
natuur en trekt er regelmatig op uit naar de Chapada Diamantina, een
beschermd natuurgebied op zo'n 500 km van Salvador. Hij is ook lid van
een lokale NGO die afval recycleert en daarmee vijf families in hun
levensonderhoud voorziet. Zijn levensmotto is "altijd blijven
geloven".
GEDETINEERDE
MOEDERS EN HUN BABY'S
EEN BAANBREKEND PROJECT
van onze GEVANGENISPASTORAAL & DE KINDERPASTORAAL
De
samenwerking tussen de gevangenispastoraal en de kinderpastoraal is een
viertal jaren geleden begonnen als een pilootproject in twee
bisdommen, Salvador in de staat Bahia en São José do Rio Preto in de
staat São Paulo. Dat was een eerste idee dat ontstond tijdens
een nationale bijeenkomst van de sociale pastoraal van de CNBB
(nationale bisschoppenconferentie van Brazilië) om tegemoet te komen
aan de nood aan begeleiding van kinderen van gevangenen, die dikwijls
aan hun lot werden overgelaten en die hun ouders in de delinquentie
volgden.
Wij hadden in Salvador al een opvang met het
Centrum Nova Semente (Nieuw Zaadje) wat de uitbouw van het
pilootproject zou vergemakkelijken. Eerst dachten we er aan om via de
gevangen ouders hun families (en kinderen) te gaan bezoeken, maar dat
stootte op heel wat weerstand. Zowel bij de vrijwilligers van de
kinderpastoraal die terugdeinsden bij het idee om families van
"criminelen" te gaan bezoeken, als bij de families zelf die dachten dat
ze door de gevangenis gestuurd waren om te komen "controleren". Vandaar
dat het idee groeide om de vormingscursus voor leid(st)ers in de
kinderpastoraal in de gevangenis zelf te geven. Met die informatie
zouden ze beter hun kinderen onthalen op de bezoekdag, de borstvoeding
gestimuleerd worden voor babies die tot zes maanden bij de moeder mogen
blijven en na de gevangenschap zich makkelijker terug integreren als
gevormde leidster van de kinderpastoraal.

Cursus in de vrouwengevangenis van Salvador
Een
eerste cursus werd gegeven in de vrouwengevangenis van
Salvador met een twintigtal deelneemsters, waarvan er een elf met een
certificaat de cursus beëindigden. Aanvankelijk was er veel weerstand
van de penitentiaire beambten die het alleen als extra werk zagen, er
was geen locaal ter beschikking, de weegschaal mocht niet binnen, enz.
Maar het klimaat in de vrouwengevangenis veranderde, er werd meer
aandacht besteed aan de specifieke noden van die vrouwen (gynaecologie,
prenatale zorg, extra voeding voor verwachtende moeders) en nu beseft
de overheid dat die gevangenis helemaal niet geschikt is voor vrouwen
en hun baby's, zodat men een nieuwe vrouwengevangenis gaat bouwen.
Ook
in het binnenland van Bahia groeide de belangstelling en ging men
samenwerken in de gevangenis van Jequié en in het politie-complex te
Barreiras. In Jequié worden ook de gevangen vaders uitgenodigd om de
cursus te volgen. Met wegwerpmateriaal maakten ze reeds prachtig
speelgoed voor hun kinderen. Er is zelfs een vader
die zijn verwachtende vrouw via de telefoon alle mogelijke adviezen gaf
die hij in de cursus geleerd had. In Salvador is er al een ex-gevangene
in haar gemeenschap actief als leidster van de kinderpastoraal en met
veel waardering voor haar toewijding.
In mei, tijdens het bezoek van Benedictus XVI, werd er door de
kinderpastoraal een nationaal congres georganiseerd
te Sao Paulo, waarin één van de werkwinkels de presentatie van ons
pilootproject was. Geïnteresseerden
konden achteraf hun naam opgeven om uitgenodigd te worden om een bezoek
te brengen aan de plaatsen waar het project reeds loopt. Zo kregen we
in Bahia bezoek van vertegenwoordig(st)ers van bisdommen uit gans
Brazilië.
Één
van de vrouwelijke gedetineerden in Salvador zei toen ze vernam dat al
die mensen vanuit gans Brazilië kwamen leren hoe zij het deden : "Sjiek,
hé, ze komen zelfs vanuit het uiterste Zuiden en Noorden van Brazilië
om te kijken hoe wij dat hier doen."
We
ijveren nu voor een spelotheek in elke gevangenis, meer kwaliteit in de
prenatale begeleiding en een aparte afdeling voor moeders met hun
baby's.
Filip
Cromheecke
http://www.pastoraldacrianca.org.br/portugues/jornal/132/pag11.pdf
WIJ
INVESTEREN IN DE TOEKOMST
MET UW STEUN WORDT DEZE MAN
STRAKS ADVOCAAT VAN DE ARMEN
Deivson Cerqueiro Bomfin (31)
is vader van twee schattige dochtertjes Maria-Eduarda (7) en
Maria-Louisa (5) en gehuwd met Mônica. Ze wonen in een huisje onder dat
van zijn moeder in de populaire wijk São Caetano.
Hij
werkt zoals zijn overleden vader als politieman. Eigenlijk wenste hij
voor zichzelf een andere job, maar met de plotse komst van
Maria-Eduarda moest er brood op tafel komen en werden de studies
onderbroken. Toch ziet hij nu een oude droom werkelijkheid worden, mede
dankzij steun van onze achterban.

Hij
zit nu in zijn 7de semester aan de faculteit rechten aan één
van de beste universiteiten van Salvador ("de 2de
juli"-universiteit genaamd naar de onafhankelijkheidsdag van Bahia).
Deivson wil zich als toekomstige advocaat ten dienste stellen
van de gevangenispastoraal en de armsten. Dit sociaal
engagement zat er van jongsaf aan in. Zijn moeder stimuleerde de
kinderen om actief aan het parochieleven deel te nemen. Zo engageerde
hij zich reeds vroeg in de catechese, kinder- en jeugdpastoraal en was
anderhalf jaar seminarist bij de paters te Governador Valadares/MG waar
hij stage liep in een favela en een nederzetting (assentamento) van
landloze boeren. Door het overlijden van zijn broer in een auto-ongeluk
en het drankprobleem van zijn vader brak zijn seminarietijd vroegtijdig
af, om zijn moeder meer tot steun te kunnen zijn. Hij leerde Mônica
kennen en ze beslisten snel een gezin te stichten.
Deivson
heeft ook een tijdje als coördinator van het gemeenschapscentrum Chico
Mendes in Saramandaia gewerkt toen ik er pastoor was.
De
sociale ongelijkheid, het verhulde racisme en de corruptie stoten
hem fel tegen de borst. Deivson zegt dat het mis is gelopen in Brazilië
met de amnestie in 1979 voor de militairen die tijdens de dictatuur
vele onschuldige burgers gefolterd en vermoord hebben. "Hiermee werd er
een straffeloze staat geïnstalleerd die tot op vandaag heerst.
Uiteindelijk heerst in Brazilië nog steeds een koloniale structuur
waarin een rijke blanke elite de arme, zwarte of mestiese meerderheid
onderdrukt, weliswaar in een andere vorm, maar daarom niet minder
wreedaardig. De onafhankelijkheid, het uitroepen van de republiek, het
afschaffen van de slavernij en het einde van de militaire dictatuur
hebben daarin geen verandering gebracht."
Hij
herhaalt de woorden van Steve Biko: "De kracht van de onderdrukker zit
'm in de geest van de onderdrukte." Zolang elke Braziliaan geen kans
krijgt op een degelijk onderwijs, waardoor hij een kritische burger
wordt en protagonist van zijn geschiedenis, komt er geen wezenlijke
verandering.
Deivson
ziet zichzelf cultureel als behorend tot de zwarte
bevolkingsgroep, hoewel hij mesties van uiterlijk is. "Waarom is er
nooit een film gemaakt in Brazilië over de zwarten, hoe de slaven hier
werden geïmporteerd vanuit Afrika? Zwarten dienen hier enkel voor
vermaak als goede voetballers, zangers en dansers." Maar naast zijn
kritische maatschappijanalyse, kan hij ook genieten van een goede
voetbalwedstrijd, vooral als zijn geliefde Bahia-voetbalteam aan de
winnende hand, van de Braziliaanse populaire muziek of een dampende
feijoada (bonen en vleesgerecht).
Tot
slot citeert hij Nietzsche: "Wordt wat je bent" "Er
is veel schijn en leugen", zo zegt hij. "We moeten eerlijk durven zijn
met onszelf, ons geen rad voor de ogen (laten) draaien. Brazilië wordt
voorgesteld als het land van de carnaval, de lachende gezichten, de
samba, maar dat is eigenlijk een overlevingstactiek om niet ten onder
te gaan aan de miserie. We zijn misschien spontaner, speelser, maar er
ontbreekt nog veel solidariteit en medemenselijkheid."
Gevangenispastoraal
Salvador da Bahia in actie!
De
vijfde bijzondere medewerkster van onze gevangenispastoraal die ik in
deze editie wil voorstellen is de Franse zuster Cécile.
Zuster Cécile (70) trok na jaren algemeen
overste van haar congregatie Auxilaires do Sacerdoce geweest te zijn en
deel uitgemaakt te hebben van de nationale equipe van de
migrantenpastoraal in Frankrijk, naar Brazilië om terug helemaal van
vooraf aan te beginnen. "Terug als novice in de leer gaan. De taal,
gebruiken en cultuur leren." Je moet het maar kunnen op die leeftijd.
Ze woont in een kleine gemeenschap van drie zusters, dicht bij het
seminarie. Ze stelde zich als vrijwilligster ter beschikking van de
gevangenispastoraal en begon met de equipe van de psychiatrische
gevangenis elke donderdag de patiënten te bezoeken. Aanwezig zijn bij
deze dikwijls verlaten en verwaarloosde mensen, is geen sinecure. Er
wordt samen gezongen, gebeden en gedanst. Ze hebben nood aan een
luisterend oor, maar je moet wel bereid zijn om dikwijls hetzelfde
verhaal te horen.
Momenteel
werkt ze in de voorhechtenis-gevangenis en in een gevangenis met een
speciaal regime voor zwaardere criminelen. Het zijn zondermeer de
moeilijkste afdelingen. Ze werkt graag met tekeningen en
vraaggesprekken. Ze brengt altijd bloemen uit de tuin mee om het altaar
te versieren tijdens de eucharistievieringen. Bloemen zijn een weldaad
in de gevangenis. Haar onvoorwaardelijke aandacht voor de zwaksten,
maakt haar heel geliefd bij de gevangenen. Ze noteert de verzoeken heel
nauwgezet in een schrift en legt contact met de familie van de
gevangenen via telefoon of huisbezoek. Omwille van haar rijzige
gestalte en haar respectvol omgaan, wordt ze door de gevangenen "Madre"
(Moeder) genoemd.Naast de gevangenispastoraal, zingt ze graag in het
koor van het nabije jezuïetencollege en doet regelmatig een oproep
onder de koorleden om zeep en tandpasta te schenken voor de gevangenen
die geen bezoek krijgen. Ze geeft ook catechese aan de vormelingen op
de parochie en zorgt voor een medezuster die aan kanker lijdt.
|