gevangenispastoraal in actie
vrijwilligers in actie
de kleine prins 18 jaar
medewerker Nilton
gedetineerde moeders en hun baby's
investeren in de toekomst
medewerkster zuster Cécile

WELKOM op deze actuapagina van de pastorale activiteiten van Filip Cromheecke. Hier houden we je op de hoogte van recente evoluties en gebeurtenissen in de projecten waar Filip aan werkt.

25 december 2011

De Solidariteitsgroep Filip Cromheecke

 

wenst bezoekers van onze website

in deze Kerst- en Nieuwjaarstijd,

 

een zinvolle herdenking

van de geboorte van Jezus

 

en een jaar lang vrede,

goede moed


 

Goede vrienden,


 

Dit jaar vier ik Kerstmis op een andere manier. Op 14 december zijn padre Gabriel en ik, samen met twee seminaristen Leandro en Nordini, naar het bisdom Santarém in de deelstaat Pará. Een deelstaat in het Noorden van Brazilië, daar waar de Tapajós-rivier in de Amazone-rivier terechtkomt. We gaan er deelnemen aan de “missie” op de parochie Almeirim.

 






Prado-bisschop Dom Esmeraldo nodigde ons uit om gedurende 40 dagen op bezoek te gaan bij de mensen aan de rand van de rivier, met hen het leven te delen, te bidden en eucharistie te vieren.  De parochie heeft de grootte van twee maal België en telt 35.000 inwoners. Ten noorden grenst de parochie aan Frans Guiana. De gemeente is één van de grootste producenten van buffelmelk in de staat Pará. Er wonen verschillende indianenstammen.

 

Ik ben ooit met mijn ouders naar Manaus geweest, de hoofdstad van de staat Amazonas, en ik heb bezinningsdagen begeleid in Itacoatiara in het Amazonegebied, maar telkens voor een korte periode. Deze keer krijg ik de kans om de situatie en de mensen in de Amazone beter te leren kennen: een grote diversiteit aan inheemse culturen, maar bedreigd door de houtkap. Die houtkap is weliswaar vermindert, maar gaat gestaag door, evenals de agrobusiness groeit met zijn oprukkende sojaplantages. Om nog te zwijgen van grootse projecten zoals de bouw van de waterkrachtcentrale Belo Monte op de Xingu-rivier die 516 km² indianengebied onder water zullen zetten om de vraag naar steeds meer elektriciteit te kunnen voldoen.

Kerstmis anders vieren’ is ook het voorstel van ons bisdom Salvador, dat met een grootscheepse campagne Jezus terug centraal wil stellen i.p.v. de consumptiefeestende Kerstman. Door middel van een kerststallenwedstrijd en allerlei alternatieven wordt daar de aandacht op gevestigd.

Mijn ervaring leert dat kerstmis vieren met daklozen onder een viaduct of in de gevangenis met de gedetineerden de mogelijkheid biedt om de ware betekenis van God die mens wordt, beter aan te voelen. Jezus is gekomen als Licht in onze duisternis, om te redden en niet om te veroordelen, om heel te maken wat gebroken is.

Bidden wij opdat we Hem mogen herkennen en Hem aanbidden in de kleine, zwakke mens. Jezus, de Christus, wil opnieuw geboren worden in elk van ons. Laat ons daartoe de wegen effenen, de hindernissen van eigenbelang, onverschilligheid, jaloezie en vijandschap opheffen. Opdat Hij in ons mag komen wonen en wij ook licht zouden mogen zijn voor anderen. Dan zal er een nieuwe hemel en een nieuwe aarde tot stand komen.

 

Dat is onze hoop. Zalig kerstmis!

 

Filip

 

 


21 oktober 2011

GIFTEN MET FISCAAL ATTEST: PROBLEEM OPGELOST

Beste schenkers en toekomstige schenkers,
Beste lezers van  De Kleine Prins,
 
we hebben goedkeuring van Kontinenten vzw. om bij hen aan te sluiten als partner om verder te kunnen zorgen voor fiscale attesten en dus belastingvermindering voor schenkers die dat willen.
De vzw. Kontinenten werd opgericht voor projecten van missionarisen en religieuzen in het Zuiden. 
 
Individuele schenkers die dus een storting van minimum 40 euro (op jaarbasis) wensen te doen voor de projecten van Filip,
en die daarvoor een fiscaal attest willen ontvangen kunnen vanaf nu terecht op het nieuwe rekeningnummer:
 
BE21 0000 7186 7603 (BIC: BPOTBEB1)
van Kontinenten vzw. te Kortrijk.
 
Gelieve telkens te vermelden: Solidariteitsgroep Filip Cromheecke.
 
Schenkers die hun stortingen eerder al deden (aan vzw. Volens) met een permanente opdracht en die hebben stopgezet,
kunnen nu opnieuw starten met een permanente opdracht naar vzw. Kontinenten langs dit nieuwe rekeningnummer.
Neem daarvoor contact met uw bankinstelling. U kan dat ook aanpassen langs uw pcbanking.
 
Nog even uw aandacht:
- indien u tussen 01/01/2011 en 15/10/2011 al één of meerdere stortingen deed aan vzw. Volens voor in totaal 40 euro of MEER, dan zal u van vzw. Volens nog een fiscaal attest ontvangen voor het volledig gestorte bedrag.
- indien u tussen 01/01/2011 en 15/10/2011 één of meerdere stortingen deed aan vzw. Volens voor in totaal MINDER dan 40 euro, dan zal u van vzw. Volens natuurlijk geen attest ontvangen.
 
- indien u voor uw giften langs de nieuwe vzw. Kontinenten voor dit jaar 2011 een fiscaal attest wil ontvangen, dan moet uw gift minumum 40 euro bedragen en hen bereiken vóór 31 december 2011.
 
De schenkers die geen fiscaal attest willen kunnen hun giften verder doen langs het andere gekende rekeningnummer
BE76 0832 4110 2795 (BIC: GK CCBEBB) van Filip Cromheecke, met vermelding: gift projecten Filip Cromheecke-Brazilië
 
 
We herinneren er u graag aan dat de giften worden gebruikt voor de projecten van Filip in Salvador da Bahia.
De projecten hebben betrekking op de zorg voor gedetineerden, ex-gedetineerden, hun families en hun kinderen.
Onze steun vanuit België is noodzakelijk voor de werking van de talrijke vrijwilligersgroepen die wekelijks op bezoek gaan bij de gedetineerden en voor de sociale en pastorale activiteiten in de gevangenis. Dat geeft 'Licht achter de tralies'.
Maar uw steun helpt ook voor de verdere uitbouw van het mensenrechtencentrum van de gevangenispastoraal, voor de hulp door een jurist en van de medewerk(st)ers die actief zijn met de ex-gedetineerden.
Ook voor het kinderopvangcentrum Nova Semente naast het gevangeniscomplex, waar tientallen kinderen in internaatsverband een thuis vinden.
En voor de werking met de ex-gevangenen, om met hen aan een nieuwe toekomst te werken door opleiding, tewerkstelling en reintegratie in de samenleving, langs het project 'Vrijheid en Burgerzin'.
De gevangenispastoraal werkt in heel de staat Bahia aan de bevordering van een menswaardige benadering van de gedetineerden en hun families, en wil ook een structurele aanpak langs een vernieuwend beleid.
 
Bedankt voor uw keuze om de projecten verder te steunen of om te beslissen dat vanaf nu te doen!
 
Van harte gegroet,
Solidariteitsgroep Filip Cromheecke
 
Meer nieuws in De Kleine Prins - ons kwartaaltijdschrift/volgende editie december 2011  en op www.filipsalvador.be


kerk en leven 12-10-2011
Brazilië, land van wolkenkrabbers en favela’s, dooreengeschud door eigen groei
een interview met Filip Cromheecke in Kerk + Leven van 12 oktober 2011.



Augustus 2011

 

Hallo,

  

Ik heb de laatste tijd stilgestaan bij de verrijzenisicoon van de Grieks - Romaanse school van de 18 de en 19 de eeuw met een grafische voorstelling van de verheerlijkte Christus die de poorten van de hel vertrapt en de hand van Adam vastgrijpt om hem met kracht uit de duisternis van de dood te trekken. Met Adam wordt gans de mensheid gered uit de dood. Aan zijn rechterkant komt Eva uit het graf, met een rode mantel omgeslagen, symbool van de mensheid en de nederigheid, als moeder van alle levenden. Achter Adam en Eva verschijnen de rechtvaardigen: achter Adam staan koning David en zijn zoon Salomon (met kroon), daarachter Johannes de Doper. Achter Eva staan Mozes, Jonas en een andere profeet.

 

 

 

Het tafereel omvat een aantal vaste elementen: het doorboren van de rotsachtige aardkorst, het verbrijzelen van de hellepoorten met gekruiste deurpanelen, sleutels, boeien en andere symbolen van dood en slavernij onder de voeten van Jezus.

 

De gevangenis doet sterk aan dit dodenrijk denken. “We worden hier levend begraven” zei één van de gevangenen uit het gesloten systeem me. Toch is er die reddende hand van Gods liefde.

 

ZOALS BIJ FABIO

 

Fabio, een van de gedetineerden, voelde die op zijn schouder. Ooit dacht hij eraan om in het seminarie binnen te gaan. Maar toen ontvlamde plots de woede in hem zo fel dat in één moment van zinsverbijstering  alles anders werd. Hij werd veroordeeld voor poging tot doodslag en kwam in de gevangenis terecht. Vorige week kwam hij terug vrij.  Hij kwam ons onmiddellijk opzoeken op het bisdom om te danken voor alle steun. Wat een vreugde om hem in vrijheid te kunnen ontmoeten. Zijn ogen glinsterden en hij wist met zijn blijheid en vrijheid geen blijf.

 

Nu is er in zijn leven een nieuwe fase aangebroken om al die plannen en dromen in werkelijkheid om te zetten. Dat gaat niet zomaar vanzelf. Er is veel doorzettingsvermogen voor nodig. In de gevangenis nam hij deel aan het koor van het Dom Avelarfonds. Hij is nog teruggegaan om deel te nemen aan de slotvoorstelling. Ontroerend hoe op relatief korte tijd ze een mooie potpourri instudeerden van liedjes uit verschillende genres. Ook de familie mocht aanwezig zijn. Ik belde hem op zijn verjaardag en omdat niemand aan een taart gedacht had, hebben we thuis “lang zal hij leven” gezongen, een kaars uitgeblazen en een stuk taart gegeten. Hij wil maatschappelijk werker worden. Misschien kunnen we een beurs voor hem bekomen aan de katholieke sociale hogeschool. Ik bid dat hij zijn weg mag vinden. Is dat niet een beetje uit de doden opstaan?  Ik geloof dat Jezus Christus nedergedaald is ter helle.          

   

ZOALS OP MOEDERDAG

 

Moederdag is in de vrouwengevangenis altijd een moeilijk moment. Velen zijn moeders, maar zien nauwelijks hun kinderen of vragen zich angstig af wie er nu voor hen zorgt. Sommigen mogen rekenen op familie die hun kinderen opvangen, anderen wisten de weg naar ons opvangcentrum Nova Semente te vinden. Schuldgevoelens van geen goede moeder geweest te zijn; van gemiste kansen om hun kinderen goed op te voeden, drukken als een zware steen op hun hart. Hoe kan je dan “gelukkige moederkesdag” zeggen?

 

Maar de First Lady van de gouverneur, Fátima, wilde de vrouwengevangenis vlak voor moederdag komen bezoeken om een cursus bakken in de kersverse bakkerij in te huldigen. Na veel aandringen en geduld is het Dom Avelar-fonds van het bisdom erin geslaagd om de medewerking van de directrice te verkrijgen om die cursus op te zetten. De nieuwe directrice is een politiecommissaris die enkel aan veiligheid denkt. Het is een fel contrast met de vorige met wie we jarenlang een zeer goede verstandhouding hadden. Maar goed, de vrouwengevangenis die in verbouwing is, werd zo goed en zo kwaad als het kon in gereedheid gebracht om de vrouw van de gouverneur waardig te kunnen ontvangen.


De kinderen van de gedetineerden die bij ons in Nova Semente verblijven, hadden liedjes en dansjes ingestudeerd voor het onthaal. Ze hadden tegen Letícia gezegd dat ze die rozen aan die vrouw in het wit moest geven op het einde van hun presentatie. Maar vermits er twee vrouwen in het wit gekleed waren, kreeg niet Fátima, maar de andere de bloemen (ha,ha). Toen volgden de toespraken, maar Fatima had algauw door dat de kinderen niet zo lang konden blijven stilzitten, zodat ze het protocol verbrak en vroeger dan voorzien de koffiepauze met versnaperingen aankondigde. De politiekers die van de aanwezigheid van de pers gebruik wilden maken om zich in de kijker te stellen, zagen hun kans mooi verkeken.

 

Ik maakte van de koffiepauze gebruik om met haar het probleem van de vrijgekomen moeders aan te kaarten. Justitie dringt erop aan dat ze zo snel mogelijk hun moederschap terug zouden opnemen, maar hoe doe je dat zonder woonst of werk? Ik vroeg haar of ze niet kon bemiddelen om voorrang te geven aan die moeders in het overheidsprogramma “Mijn huis, mijn leven” die de sociale huisvesting regelt. Ze vond dat een goed idee en ze zou er zich voor inspannen.

 

 

De gevangen bakkersvrouwen van de cursus waren in het wit, de gevangen moeders met kindjes in het knalgele uniform dat ze haten. Een vriendin van Fatima, een zakenvrouw van verschillende chocoladewinkels van het merk “Kopenhagen”, deelde zakjes met chocolade uit. De kinderen gingen door het dolle heen. De genodigden stapten terug in hun officiële wagens, de moeders terug naar hun cel. Moederdag zit erop. Maar toch is er weer een beetje hoop, op nieuw leven.

 
Van die hoop leven wij,

Filip

JOSEPH (JOSÉ) COMBLIN, PROFEET IN BRAZILIË

 
Brussel 1923 – Salvador da Bahia/Brasil 2011

Een reflectie van Eduardo Hoornaert.

Op zondag 27 maart 2011 is de Belgische priester Joseph Comblin gestorven in Salvador, hoofdstad van de Braziliaanse staat Bahia. De tekst die hier volgt is hoofdzakelijk opgebouwd uit zeldzame vertrouwelijke gedachten die bij hem opwelden toen zijn vrienden (en vriendinnen) in 2007 rond hem samenkwamen om zijn zestig jaren priesterschap te herdenken. Hij heeft zich dan ‘bezondigd’ aan het vertellen van enkele markante feiten uit zijn eigen leven, iets wat helemaal niet in zijn aard lag.

1. Reeds als jongen werd zijn intellectuele begaafdheid alom erkend door familie en opvoeders. Toen hij, naar vermoeden rond de 15 of 16 jaar, aan zijn nonkel pastoor vertelde dat hij missionaris wou worden, antwoordde deze: ‘Geen missionaris, daarvoor zijt gij te verstandig. Professor, dat wel. Professor aan de universiteit van Leuven!’. Inderdaad, Joseph studeerde theologie in Leuven en werd aldaar sterk beïnvloed door de werklust, degelijkheid en intellectuele eerlijkheid van professoren als Lucien Cerfaux en Gustave Thils. Toen de doctor theologicus werd benoemd als onderpastoor in Brussel, viel de parochie helemaal buiten zijn smaak. Hij voelde aan dat er geen toekomst meer was voor het katholicisme in België. Toen, op aanvraag van paus Pius XII, in Leuven een Latijns-Amerikaans college werd geopend voor seculiere priesters die wensten naar Amerika te vertrekken, was hij dan ook een van de eerste kandidaten.

2. Op 35-jarige leeftijd, in 1958, vertrok hij naar Brazilië. Gedurende het gesprek van 2007 stond hij erop te vertellen dat hij niet vertrokken was om aan de oproep van de paus te beantwoorden noch omdat het continent gevaar liep van communisme, protestantisme en spiritisme. Hij vertrok ook niet omdat er in Brazilië priestertekort was. Hij vertrok omdat hij had ingezien dat het christendom in Europa verleden tijd was, definitief misvormd door eeuwen kolonialisme, slavenhandel, uitmoorden van volkeren, verdrukking ook van menselijke capaciteiten en levenskracht.

Alleen buiten Europa zag hij nog kans voor het christendom. Het was voor hem dan ook een aangename verrassing dat hij hier mensen ontmoette die deze visie bevestigden. Hij was onmiddellijk onder de indruk van de Braziliaanse mens. Zijn eerste contacten verliepen met jonge mannen en vrouwen van de katholieke arbeidersjeugd (KAJ - JOC). Zoals vele priesters van zijn generatie was Comblin beïnvloed door de uitstraling van Cardijn en zo begon hij dus met JOCisten. Het was een verrassing. Opgevoed in een milieu waar beleefdheid, volgzaamheid, discretie en zelfs schuchterheid in zekere mate werden gewaardeerd en zelfs aangemoedigd, deed het hem goed in contact te komen met mensen die noch beleefd, noch volgzaam, nog schuchter waren. ‘Ik ontmoette mensen die zich toonden zoals ze waren, rechtuit. Ik ontmoette echte mensen’.

De fascinatie voor de Braziliaanse mens heeft hem blijkbaar nooit meer losgelaten en dit werd me onverwachts bevestigd in 1980, toen zijn zuster me zei, ter gelegenheid van een ontmoeting in Brussel: ‘Wat hebben ze aldaar met mijn broer gedaan? Hij is dezelfde niet meer!’.

3. Comblin was nooit in Rome: ‘Wat zou ik daar doen?’. Maar toen aartsbisschop Helder Câmara hem vroeg een tekst op te stellen voor de Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie van Medellin (Colombië) in 1968, typte hij een ganse dag door, zonder ophouden, op zijn schrijfmachine. Ik ben getuige want we woonden toen in hetzelfde huis, deuren en vensters stonden altijd open. Voornamelijk uit teksten van Joseph Comblin, Gustavo Gutiérrez (Peru) en Juan Luis Segundo (Uruguay) is dan de fameuze slogan ‘optie voor de armen’ ontstaan. Het was de  uitdrukking en bevestiging van een nieuwe spiritualiteit, onstaan bij het ‘pact van de catacomben’ dat door enkele bisschoppen op het einde van het Vaticaans concilie in Rome werd ondertekend.

De drie theologen wisten dat ze op stevige grond bouwden, zoals later bleek door de ontwikkeling van de bevrijdingstheologie. Dom Helder Câmara, die een scherpzinnig mens was, had in 1965 aan Joseph Comblin gevraagd bij hem te komen werken in Recife. Zo kwam de raadsman van Câmara mettertijd in aanraking met andere vooruitstrevende Latijns-Amerikaanse bisschoppen zoals Leônidas Proaño (Ecuador), Aloísio Lorscheider (Brazilië) en vele andere.

De visie van de bevrijdingstheologen bestond hoofdzakelijk in het verwerpen van de ontwikkelingsideologie en het leggen van de nadruk op thema’s zoals verdrukking, dictatuur van de wereldeconomie, verdwazing van de mens door de media.

Toen zijn tekst van 1968 wegens indiscretie in de handen viel van de militairen (sinds 1964 heerste in Brazilië een militair regime) kwam Comblin in een moeilijk parket. In 1972 werd hij uit het land gezet. Hij poogde dan naar Chili te gaan wonen maar ook daar nam Pinochet de macht in 1974. De enige mogelijkheid die overbleef, bij de geleidelijke politieke ‘openheid’ sinds 1977, bestond erin als ‘toerist’ sporadisch voor drie maanden in Brazilië te verblijven. Zijn civiel statuut werd genormalizeerd in de loop van de jaren 1980.

4. Ondertussen veranderde Comblin nogmaals van koers. Vaarwel aan priesteropleiding op seminaries en theologische instituten, vaarwel aan de grote steden. Comblin verdween en begon een jarenlange pelgrimstocht kris kras doorheen het immense binnenland van Noord-oost Brazilië, op zoek naar mensen die iets voelden voor de ‘haktheologie’ die hij aan het uitbouwen was.

De traditionele landbouw in het binnenland van Noord-oost Brazilië bestaat erin de grond met een soort schoffel om te hakken om die losser te maken en dan te zaaien (er bestaat geen ploeg). De ‘haktheologie’ vertrekt vanuit de wereldvisie van de landbouwer, iets wat een echte ‘omwenteling van alle waarden’ betekent voor een theoloog gevormd door Cerfaux en Thils. Als ‘haktheoloog’ was Joseph Comblin pelgrim tot drie dagen voor zijn dood, toen hij rustig op zijn bed ging gaan liggen en stierf.

In de laatste jaren had hij het geluk te kunnen rekenen op de onvoorwaardelijke toewijding van Mônica Muggler, die alles deed om de ‘haktheoloog’ in staat te stellen te werken en te reizen tot hij 88 jaar oud werd. Zij was zijn chauffeur (hijzelf kon niet sturen!), belegde vergaderingen (in de laatste jaren intensief langs GSM), legde contacten, stippelde reisplannen uit, zetten teksten langs haar laptop op het internet, knoopte contacten aan met lokale leiders. Joseph had ook zijn laptop en heeft me nog enkele woorden gestuurd ter gelegenheid van zijn verjaardag, vijf dagen voor zijn dood.

5. Het wonder bestaat hierin dat een buitenlandse intellectueel van teruggetrokken aard erin slaagde een blijkbaar stabiel verband te leggen met de ongeletterde cultuur van het Braziliaanse binnenland. Een wonder dat, zoals alle wonderen, onbegrijpelijk is.

Op dit moment verneem ik dat de kaarsjes reeds branden op zijn graf in Solânea, in de mooie rustige natuur van het Paraibaans binnenland, onder de bomen. Een vrouw verklaarde reeds dat ze genezen is na een gebed bij het graf van Joseph Comblin. Sic transit historia mundi.

Eduardo Hoornaert, 31 maart 2011

E-mail: e.hoornaert<at>yahoo.com.br
   

 

 




KARNAVAL VOORBIJ – VASTENCAMPAGNE GESTART -

OP DE UITKIJK NAAR PASEN!

Goede vrienden,

In Brazilië begint het werkjaar pas echt na karnaval. Vermits het paasfeest bepaald wordt door de maankalender viel ook karnaval – op 8 maart - laat. Daardoor kregen we hier in Bahia een lange warme zomer met veel volkse feesten.

De toeristische sector kon zich in de handen wrijven. Er werd een record geboekt aan hotelbezettingen, aanmerende cruiseschepen en extra vluchten die werden ingelegd. In andere streken van Brazilië zoals Rio de Janeiro en Mato Grosso waren het moeilijker tijden. Overstromingen als gevolg van de felle regens, maakten vele dodelijke slachtoffers, daklozen. Ze veroorzaakten ook een mislukte oogst.

De opwarming van de aarde en de klimaatveranderingen, die we aan den lijve ondervinden, brengen ons meteen bij het thema van de vastenactie die hier in Brazilië in alle katholieke gemeenschappen met Aswoensdag begonnen is.  “Het leven op onze planeet” is de titel van de campagne. Dat leven wordt bedreigd door onze levenswijze. We moeten dringend anders gaan leven, is de kernboodschap. Of nog: vanuit christelijk perspectief moeten we onze relatie als schepselen met onze Schepper herzien en herwaarderen.

Het doet me denken aan de Wereldraad van Kerken die in het Zwitserse Basel in 1989 al opriep tot een conciliair proces voor gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping. Niets is echter zo moeilijk als het veranderen van gewoontes en het bewustmakingsproces om tot een nieuw mentaliteit te komen.

Brazilië is een land met continentale afmetingen, met een ongelooflijke rijkdom aan natuurlijke bronnen en ecosystemen. Brazilianen moeten beseffen dat deze bronnen ook eindig zijn en deze ecosystemen kwetsbaar.

Juist nu de economische groei in Brazilië de welvaart heeft doen toenemen, moet er op de rem geduwd worden en gedacht worden aan een ander economisch model dat duurzamer is. Dat leidt onvermijdelijk tot belangenconflicten tussen milieuactivisten en economische machten. Voorbeelden daarvan zijn de omstreden megaprojecten Belo monte (waterkrachtcentrales) in de staat Pará en de wateroverheveling van de Sint-Franciscusrivier in het Noord-Oosten.

Maar ook op individueel vlak laten we ons eerder leiden door het gemak dan door de duurzaamheid: huisvuil selecteren, de auto enkel gebruiken als het niet anders kan, geen wegwerp-producten kopen, enz. Veel tijd is er echter niet meer, willen we alsnog het tij keren.

Een interessante actie is bijv. die die door een katholieke school gevoerd wordt hier in Salvador. Er worden  voedselpakketten (rijst, bonen, suiker, spagetti, enz.) ingezameld voor arme gezinnen. Ze krijgen die in ruil voor het binnenbrengen van geselecteerd huisvuil dat op zijn/haar beurt verkocht wordt aan recyclagefirma’s. Met de opbrengst worden boompjes gekocht om te planten aan de Sint- Franciscusrivier.        

Enfin, ik ben blij dat we – nu karnaval voorbij is - terug in de normale gang van zaken zijn beland. En dat het terug wat minder warm is. 

 Filip Cromheecke, Salvador da Bahia

 

 

 

VAN RIVALITEIT naar SAMENWERKING!?

 

De rivaliteit die er bestaat tussen de verschillende christelijke kerken die “evangeliseren” in de gevangenis, is – in mijn ervaring - een anti-getuigenis van wat Christus altijd bedoeld heeft met: “Dat allen één mogen zijn. ( Jo 17,21) Één kudde en één herder.”(Jo 10, 16)

De katholieken beschuldigen de protestantse pinksterkerken proselieten (bekeringsijveraars) en op geld uit te zijn. De protestanten beschuldigen de katholieken van het aanbidden van valse goden (heiligenbeelden). In een gevangenis heeft het toch geen zin om te beginnen discussiëren over doctrine. “We zitten allemaal in hetzelfde schuitje?” Daarom heb ik altijd vermeden om kritiek te uiten op andere kerken die ook actief zijn in de gevangenis, ook al is hun intolerantie soms hemeltergend.

Raimundo, de informele leider van de gevangenen van paviljoen 1 in de Lemos Brito-gevangenis, nam in februari het initiatief om de vertegenwoordigers van de verschillende religieuze groepen en levensbeschouwingen uit te nodigen voor een bijeenkomst. Het zou zijn bedoeling zijn om één keer per maand een gemeenschappelijke activiteit te organiseren, waar alle levensbeschouwingen zouden aan deelnemen.

Ik vond het een schitterend idee. Ik had me trouwens al een paar keer laten ontvallen dat we een weg moesten vinden om de muren tussen de verschillende groepen af te breken. In een gevangenis staan al genoeg muren die ons scheiden.

Ik was uitgenodigd bij Raimundo – in de cel - op zondagmiddag te komen eten. De babalorixá (de priester van de candomblé) Ricardo zat reeds aan tafel te genieten van een kippenboutje toen ik aankwam. We geraakten in gesprek.

Hij dacht dat ik een conservatieve pastoor was omwille van een incident dat ooit had plaatsgevonden tijdens TV-opnames voor een reportage over godsdiensten in het gevangeniswezen. Ik verduidelijkte dat het me toen niet ging om de sessie van de candomblé die gefilmd werd, maar om het lawaai tijdens onze paasviering die in een ruimte ernaast plaatsvond. We hadden immers toen alles duidelijk op voorhand met de directeur afgesproken hadden.  

Doordat hij van mij die toelichting bij dat oude ‘incident’, werd het nu een hartelijke uitwisseling. Na de maaltijd, toen de dominees van de andere kerken toegekomen waren, begon de vergadering. Raimundo legde de bedoeling van de vergadering uit en gaf het woord aan een dominee van de ‘Universele kerk van het Rijk Gods’ die een radioprogramma heeft met als naam: “Het Moment van de Gevangene”. Het wordt door veel gevangenen en hun families beluisterd. Hij stak meteen van wal met een vurige preek, en noemde de vertegenwoordiger van de candomblé een macumbeiro (wat hier als een scheldwoord wordt beschouwd). Het zou in Vlaanderen klinken als makkak tegenover een immigrant.

ANd9GcSCHp3s0ZC0zoDYgT3jupL87ptAsADjQLptFhZ4_YiRgM_gQrew9A 
De babalorixá Ricardo reageerde meteen en eiste respect. Hij legde de oorspronkelijke betekenis van het woord uit. Macumbeira is in feite diegene die het muziekinstrument macumba bespeelt, een soort trommel. De dominee verontschuldigde zich. Het incident was gesloten.

Toen ik aan het woord kwam, loofde ik de initiatiefnemer en zei dat we op die manier elkaar beter kunnen leren kennen. Het zou ons helpen om vooroordelen weg te nemen die we soms ongewild in ons meedragen. Bij stemming werd er beslist om een eerste gemeenschappelijke activiteit te organiseren rond het thema ‘de familie’. We kwamen er nog niet uit hoe dat moest gebeuren. Zoiets vraag tijd. Het zal nog wel even duren vooraleer we samen tot een concrete actie kunnen komen, maar de weg die we gaan is al de moeite waard. Het begin van een interlevensbeschouwelijke samenwerking.

 

Filip.

 

BIODANSEN met mensen van de straat

 

Bij deze foto horen niet veel woorden. Het is het slotmoment van een namiddag ‘biodansen’ met een twintigtal mensen die op straat geleefd hebben of dat nog doen. Twintig mensen die in het kader van het project Levant Te (Sta op) regelmatig een aanbod krijgen om meditatief in beweging te komen.

Tijdens deze sessie gaf Filip hen de begeleiding voor een aantal dansoefeningen die tot rust en verdieping brengen, tot beweeglijkheid en ontstressen. Tot de kern. 

De laatste twintig minuten van de sessie wordt een Bijbeltekst gelezen. Deze keer een Paulustekst over onze roeping om één lichaam te vormen en respect te hebben voor elk onderdeel omdat het volle betekenis heeft. Elk van de deelnemers mocht een lichaamsdeel – een voet, een arm, het hoofd, een hand,… uitkiezen. Vanuit die keuze konden zij inbrengen welk rol zij speelden in de gemeenschap van dit project.

Op het einde van de sessie werden de delen weer samengevoegd.

We laten elkaar niet los. Toch?!





ZORGZAAM NIEUWJAAR 2011

Hallo,

Kerstmis en het jaareinde staan voor de deur.

Tussen evaluatie- en planningsvergaderingen door wil ik iets van het leven weergeven: van achter de tralies of op de straat, kleine tekenen van een nieuwe toekomst of grote gebeurtenissen die willens, nillens ons leven mee bepalen, echte dingen tussen zoveel schijn en licht in de duisternis, voor wie met ogen van geloof het goddelijke in het menselijke ontwaart.

Advent is een tijd om onze realiteit met ander ogen te bekijken, om ons niet te laten meesleuren in negativisme, maar de Messias te ontwaren tussen de gemarginalizeerden van onze maatschappij. “Zijt Gij de komende of hebben we een ander te verwachten?” vraagt Johannes de Doper aan Jezus. “Gaat aan Johannes zeggen wat ge hoort en ziet” antwoordt Jezus. “Blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden genezen en doven horen, doden staan op en aan de armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd.” Mensen die opstaan uit wanhoop, depressie, minderwaardigheidsgevoel, onmacht, uitbuiting, slachtofferrol, cunsumptiedrang, verslaving...

Zie je het gebeuren? Geloof je dat het kan? Johannes zat vast in de gevangenis en kon dus niet gaan kijken. Hij stuurde zijn leerlingen erop uit en zij getuigden van de messiaanse tekenen. Ook vandaag hebben gevangenen nood aan mensen die kunnen getuigen van het Licht, het ware Licht dat iedere mens verlicht en in onze wereld is gekomen om de duisternis weg te nemen. Niet alleen gevangenen...maar wij allen kijken hoopvol uit naar dat volle Licht dat tot ons is gekomen, in ons wil wonen en door ons heen wil stralen.

Zalig Kerstmis en gelukkig Nieuw Jaar. 

 
KERSTMIS

 
Kerstmis in de gevangenis is geen gemakkelijke tijd. Er zijn veel mensen die hopen dat deze periode zo snel mogelijk voorbij gaat. Dat is trouwens niet alleen zo in de gevangenis. Het hangt sterk samen met wat er van Kerstmis gemaakt wordt: een familie-feest, gezellig met z’n alles thuis rond de kerstboom vol cadeautjes en de feestdis met kalkoen. De reclame met al zijn glitter en bellen die iedereen opjut om er een mooi feest van te maken. Voor velen is dat niet weggelegd, want de familie is ‘uit elkaar’ of er is geen geld voor al dat moois. Eigenlijk gaat Kerstmis om heel wat anders. Kerstmis moet gevierd worden met de mensen die aan de rand van de maatschappij leven, want daar werd/wordt Jezus geboren. Er was geen plaats voor Hem in de herberg. Je ziet het Licht beter vanuit de duisternis. Als je midden in het licht gaat zitten, wordt je verblind. Kerstmis is voor de hoeders van de schapen die de nacht buiten doorbrengen.

 
De gevangenen van Paviljoen 1 wilden een kerstviering in openlucht op de binnenplaats waar ze elke dag rondlopen. Ze vormden een koortje en studeerden enkele kersliederen in. Ze schreven een brief naar Padre Aderbal, wiens stem ze kennen van onze diocesane katholieke radio Excelsior (http://am840.fdabv.com.br/), om hem uit te nodigen de viering voor te gaan. Aderbal is directeur van Radio Excelsior.” Hij is ook een collega van mij in de Pradobeweging (zie verder). Hij kwam nog nooit in een gevangenis. Na enige aarzeling, ging hij met een klein hartje in op hun voorstel.
 
De aandacht tijdens Aderbals preek was treffend, je kon een speld horen vallen. Hij had het over de herder die zijn 99 schapen in de steek laat om het ene verloren schaap te zoeken. Hij wist het hart van deze mannen te raken en werd zelf ook geraakt door hun onthaal. 

Als verbroedering achteraf wilden de gedetineerden voor iedereen een hotdog en frisdrank serveren. Edinha en Lourdes, twee vrijwilligsters van de gevangenispastoraal, schooiden in hun parochies de ingrediënten bij elkaar en maakten 200 hotdogs klaar. Wat een eenvoudige vreugde straalde er uit van deze mannen die initiatief hadden genomen om echt Kerstmis te vieren. Ver van alle drukte in en rond de shoppingcentra, waren we getuigen van de ware kerstvreugde die niet te koop is, maar gevonden kan worden in het verlangen naar nieuw en echt leven.

João Batista (Johannes de Doper), zo heet de man die tijdens een bijeenkomst in de voorhechtenisgevangenis getuigde over zijn ommekeer. Niet meer van de jongste, met zijn ruige baard en zijn brilletje doet hij aan de kerstman denken.

Voor hij gevangen genomen werd, zo zei hij, kende hij God noch gebod. Tijdens een depressieve bui begon hij de Bijbel te lezen en ontdekte er interessante verhalen in die hem veel over zijn eigen leven duidelijk maakten. Ze gaven hem kracht en een nieuw perspectief. Nee, dit is geen goedkoop opgepept verhaaltje om zieltjes te winnen voor de Heer, zoals het Leger des Heils er tien in een dozijn opdient. Dit is echt. Hij ontpopt zich tot een echte apostel of profeet, niet alleen in woorden, maar ook in zijn bekommernis voor zijn medegevangenen. Hij meldt ons wanneer er iemand ziek is, of iemand al langer dan een jaar op een audiëntie met de rechter wacht. Hij bedenkt schuilplaatsen tegen de felle zon of regen op de patio om samen te komen en klaagt wantoestanden aan.
 
Elke week wil hij uitwisselen over een nieuwe ontdekking in de Bijbel. De psalmen zijn nu zijn geliefde inspiratie. Door de “evangelicals” (de sektekerken die heel actief zijn in de gevangenissen) wordt hij als heiden beschouwd, omdat hij zich niet wil vastzetten in hun kerkdoctrine. Hij grinnikt als hij dit vertelt. Hij denkt veel aan zijn zoon en alles wat hij nagelaten heeft om hem met liefde op te voeden. “Ik ben hier niet toevallig aanbeland. Ik heb hier al veel met scha en schande geleerd”. João Batista, waarlijk een profeet.

 

Filip, december 2010.

 

FILHOS DO CÁRCERE

KINDEREN VAN DE GEVANGENIS

 

Aline D’Éca is in 2006 met grootste onderscheiding afgestudeerd in journalistiek aan de Federale Universiteit van Bahia (UFBA) met haar eindwerk: “Kinderen van de gevangenis”. Het werd onlangs in boekvorm uitgegeven.

Aline deed voor haar onderzoek vooral beroep op ons Centrum Nova Semente dat kinderen van gevangenen opvangt tijdens de periode dat hun ouders hun straf uitzitten. In tegenstelling tot de klassieke berichtgeving over het gevangenissysteem die meestal oppervlakkig en sensationeel is, gaat Aline dieper in op de oorzaken van de criminaliteit en het profiel van mensen die tegen de lamp lopen: hun socio-economische context, hun onderwijsniveau en hun familiale relaties. 

Het feit dat kinderen geboren worden, opgroeien en leven in een gevangenismilieu en blootgesteld worden aan allerlei risico’s, is voor de meesten nog een ongekend gegeven. Dit onderwerp wordt in de Braziliaanse strafwetgeving samengevat in het recht van gedetineerde moeders om hun kinderen bij zich te hebben tijdens de borstvoedingsperiode (de eerste 6 maanden) én in de plicht om in de vrouwengevangenissen crèches te organiseren. Als enkel de vader in de gevangenis zit is de moeder vrij om voor het kind te zorgen en kan ze naar de gevangenis komen met het kind om hun vader te bezoeken. Maar wanneer het tegenovergestelde gebeurt en de moeder gedetineerd is, leven de kinderen in de gevangenis of komen ze in instellingen voor minderjarigen terecht. 

Een crèche buiten de gevangenismuren die specifiek kinderen van gedetineerden onthaalt - zoals ons Centrum Nova Semente - is nieuw en voor zover we weten een unicum in Brazilië. Vandaar dat de auteur van het boek uitgebreid  inging op de manier van werken en de problemen die we ondervinden in het Centrum. 

Via interviews met vrouwelijke gevangenen, hun familieleden, sociaal assistenten en verzorgsters in de crèche is Aline er in geslaagd een scherp beeld te geven van deze complexe realiteit. Enerzijds moet het kind beschermd worden tegen negatieve invloeden, anderzijds heeft de moeder (en de vader) het recht haar/zijn kind te zien. Het centrum Nova Semente doet er alles aan om de band tussen ouder en kind levend te houden, opdat ze na hun vrijlating, hun ouderschap op natuurlijke manier terug zouden kunnen opnemen. 

We zijn Aline dankbaar voor haar liefdevolle kijk op deze realiteit en tegelijkertijd haar competentie waarmee zij dit interviewboek heeft geschreven.



EEN GROET uit de LENTE naar jullie in HERFSTDAGEN

Verjaardagen worden in Brazilië uitgebreid gevierd. Als nuchtere Belg, wat ik toch altijd blijf, lijken zo’n feesten wat overdreven. Anderzijds kan ik niet ontkennen dat het deugd doet zoveel genegenheid en erkentelijkheid te mogen ontvangen.

Het is ook mij onlangs weer overkomen.  Je hoeft niks te organiseren, maar gewoon thuis te blijven om je vrienden te ontvangen. Al van ’s morgens vroeg kreeg ik telefoontjes, soms van gespecialiseerde firma’s die boodschappen met gelukwensen op achtergrondmuziek laten horen. Een andere firma komt een ontbijtmand brengen. ’s Avonds komen de vrienden met taart en frisdrank, met allerlei hapjes, wijn en cadeautjes: parfum, zeep, hemden, een broek, sandalen, een pyjama, een riem, handdoeken met mijn naam erop geborduurd, enz. Iemand komt met een gitaar zingen, anderen dansen en in een mum van tijd is er een geweldige sfeer. Op een bepaald moment, naar het einde van de avond, moet de jarige de taart aansnijden. Daarvoor wordt er “Lang zal ‘m leven” gezongen en moeten de kaarsjes op de taart uitgeblazen worden (meestal kaarsjes die vanzelf weer aangaan). Wensen en blijken van genegenheid worden uitgesproken en men kijkt stiekem toe of je geen traantje van emotie laat. Brazilianen zullen altijd spontane, hartelijke en warmbloedige mensen blijven.     

 

Nog meer verjaardagen

 
Gisteren – 19 september - hebben de gevangenen van het Observatiecentrum een verrassingsverjaardagsfeestje georganiseerd voor twee vrijwilligers van de gevangenispastoraal die deze week verjaarden. Maria die 50 is geworden en Alex 27. “Het mooiste cadeau dat we hen kunnen geven, is de eucharistie” zei een gevangen priester. Daar stemden de anderen volmondig mee in. Ze hadden ballonnen opgehangen en een gelegenheidskoortje zong tijdens de mis.

Na het evangelie over de parabel van de zaaier, gaven verschillende aanwezigen commentaar. “Deze verjaardag , gevierd in de gevangenis, zal je niet gauw vergeten” zei Tomas, één van de oudsten tegen Alex. Maria kon haar tranen niet bedwingen, toen ze vertelde hoe ze dankzij het contact met de mensen in de gevangenis innerlijk gegroeid is en nu echt weet wat leven volgens het evangelie betekent. “Hier heb ik geleerd om mijn kwetsuren te laten genezen” zo zei ze. Ze heeft als gescheiden moeder geen gemakkelijk leven en grote kinderen met grote zorgen. Ze had taart en frisdrank meegebracht om na de mis samen te verorberen. Alex is seminarist, heeft een broer die drugverslaafd is, en is door de scheiding van zijn ouders als puber een jaar gaan zwerven op straat, tot zijn moeder hem teruggevonden heeft en hij bij zijn grootmoeder gaan wonen is. Ze schreef hem in bij de catechese en zo leerde hij de kerk kennen. Hij straalde toen hij verwelkomt  en omhelst werd door de gedetineerden.

 
Ik was onder de indruk van het gebeuren: mensen die in een nabij of ver verleden soms verschrikkelijke misdaden hebben begaan, worden geraakt door de eenvoudig warmmenselijke  aanwezigheid van vrijwilligers, drukken hun erkentelijkheid uit  en leggen in alle eerlijkheid hun leven in Gods handen.  God zo werkzaam mogen zien is pure genade.

 
Naar een congres

De meeste onderzoekers en specialisten in strafrecht en criminologie zijn het erover eens: de gevangenis als instelling doet meer kwaad dan goed, is niet effectief en moet dus afgeschaft worden. Anderzijds zijn de meesten het er ook over eens dat misdaden niet ongestraft mogen blijven. In dat dilemma leven we al eeuwen en tot op de dag van vandaag zijn er buiten de gevangenis, nog maar weinig alternatieve straffen. Er zijn nog geen afdoende middelen gevonden om de criminaliteit te bestrijden en delinquenten terug op het rechte pad te helpen. Er worden dikke doctoraatsthesissen geschreven over al deze begrippen, maar in de praktijk zie ik weinig concrete alternatieven vorm krijgen.

 
Ik stond dan ook met grote ogen te kijken, hoe op een internationaal congres hier in Salvador met verschillende buitenlandse sprekers (waaronder ook de Vlaming Gert Vermeulen, professor aan de Universiteit Gent), ons programma met ex-gevangenen “Vrijheid en Burgerzin” in één van de werkwinkels over educatieve praktijken na detentie als blikvanger alle aandacht kreeg en door de specialisten onderzocht wil worden. Enerzijds kan ik daar alleen maar blij om zijn, maar anderzijds dacht ik “als zo’n initiatief, dat in principe eenvoudig is, als iets héél bijzonder en speciaals wordt beschouwd, hoe erg moet het dan niet gesteld zijn op andere plaatsen?”

 
Camille van de gevangenispastoraal van de deelstaat Espirito Santo werkt op het openbaar ministerie, vroeg me om met twee openbare aanklagers, vóór het congres begon, de  psychiatrische gevangenis te bezoeken. Ze had een video gezien over deze instelling. Ik ging hen op de luchthaven afhalen. Toen we in de gevangenis aankwamen, was onze equipe van de gevangenispastoraal reeds aanwezig. We werden goed ontvangen en in de paviljoenen rondgeleid. Het is een oud gebouw met gebrekkige infrastructuur. De bedden staan op de gang. De gevangenispastoraal vraagt bijv. al lang kastjes in de slaapruimtes waar de patiënten hun gerief in kwijt kunnen. We willen ook waterfilters laten installeren. Binnen het chaotische gevangenissysteem is de psychiatrische gevangenis het zwakste broertje, omdat de gedetineerden hun stem niet kunnen laten horen om voor hun rechten op te komen. Toch moet gezegd dat de hygiëne verbeterd is, omdat er nu een speciale firma voor is gecontracteerd.

 
Ondanks de chaos, ontdek je soms mensen die met hart en ziel hun taak opnemen en werkelijk ongelooflijke dingen realiseren. Zo leerden we Graça kennen die les geeft aan de patiënten. Ze is sociologe en heeft een specialisatiecursus gevolgd in mensenrechten. Ik was onder de indruk over de manier waarop ze haar leerlingen boeide, met de beperkte middelen die ze heeft. Ze vond het spijtig dat ze niet ingelicht was over het congres hier in Salvador dat juist over onderwijs in de gevangenissen gaat. Ik beloofde haar alle materiaal dat ik op het congres kon krijgen, door te spelen.

 
Na het bezoek bracht ik hen naar het vijf sterren hotel waar het congres doorging. Toen ik Camille de volgende dag in het restaurant van het hotel ontmoette, zei ze dat het contrast tussen de psychiatrische gevangenis en het vijfsterrenhotel haar nog lang had wakker gehouden die nacht.

  

Het salomonsoordeel

 
Met de publicatie van een nieuwe wet die het verblijf regelt van minderjarigen in een instelling, is het voor de kinderrechter zo klaar als pompwater. Kinderen hebben recht op een familie. Langdurig verblijf in een instelling (meer dan 2 jaar), hoe goed die ook mag zijn, werkt negatief voor de affectieve ontwikkeling. Ouders die niet willen of kunnen zorgen voor hun kinderen moeten vervangen worden door pleegouders. Als de kinderen nog klein zijn, is de druk voor adoptie groter, omdat er daarvoor nog pleegouders te vinden zijn. De redenering is eenvoudig en logisch, de praktijk is echter heel wat ingewikkelder.

 
Deze week kwam de kinderrechter Dr. Salomão (mooie naam voor een rechter, niet?) met zijn gevolg ‘Nova Semente’ - ons opvangcentrum voor kinderen van gevangenen - “bezetten”. In opdracht van de nationale justitieraad worden immers alle opvangcentra voor kinderen en adolescenten door de rechter bezocht en alle dossiers op punt gesteld. Speelgoed, kleurboeken en schoolgerief maakten plaats voor de laptops van het gerecht, het openbaar ministerie en de openbare verdedigers.

 
De tafels van ons opvangcentrum werden op dezelfde manier opgesteld zoals in het gerechtshof. Bange kinderen en ouders, al dan niet gedetineerden, moesten hun opwachting komen maken. Angstig wachtten ze op het verdict. De meeste ouders van de kinderen die bij ons in het Centrum Nieuw Zaadje opgevangen worden, zitten straffen van meer dan twee jaar. Zelfs als ze vrijkomen is het niet gemakkelijk om onmiddellijk het ouderschap terug op te nemen, zonder werk of vaste woonplaats of omdat hun partner nog in de gevangenis zit, of in de drugswereld. Kinderen zomaar naar het ‘thuisfront’ sturen is gewoon schadelijk voor hun toekomst.

 
Ik voelde een heftige woede in mij opkomen. Wat doet dezelfde overheid immers opdat ex-gevangenen hun kinderen menswaardig zouden kunnen opvoeden?  Buiten ons programma ‘Vrijheid en Burgerzin’ bestaat er geen enkele begeleiding voor deze mensen. Als men geen rekening houdt met de moeilijke situatie van ex-gevangenen, dan is het gemakkelijk om iemand als onverantwoordelijk te veroordelen en zijn ouderschap af te nemen. Dr. Salomão liet de kinderen niet letterlijk in twee hakken, maar liet wel innerlijk verscheurd achter. et laatste woord is echter nog niet gesprokenHet      Het laatste woord is nog niet gevallen. Ik ging het probleem aankaarten bij een bevriende rechter van het hooggerechtshof die ik nog ken uit andere conflictsituaties. We wachten nu op zijn advies. Of wordt het een salomonsoordeel?

 
Twee barmhartige Samaritanen

 
Lúcio
is een grapjas, een entertainer en dé romantische zanger in afdeling 1 van de Lemos Brito gevangenis. Hij kwam deze maand meedoen aan onze jaarlijkse bezinningsdag. Met  zijn deelgroepje bracht hij een eigentijdse toneelversie van Jezus’ parabel over de barmhartige Samaritaan. Hij putte daarvoor uit een recent voorval op zijn gevangenisafdeling.

 
De “geredde man” die zij speelden in het toneelstuk,  zat in werkelijkheid tussen het publiek. Hij kreeg langzaam door dat het over hem ging. Na afloop getuigde hij dat het inderdaad echt zo gegaan was. Op een dag werd hij ziek terug op de afdeling gebracht. Lúcio zag hem dubbel geplooid van de pijn op de grond zitten en vroeg of hij een aspirientje nodig had. Dat nam hij maar al te graag aan. Lúcio raadde hem aan om veel water te drinken om het vochtverlies te compenseren.  Hij werd langzaam beter. Dagen nadien kwam de moeder van de zieke op bezoek. Hij vertelde wat er gebeurd was en hoe een medegevangene hem geholpen had. Toen zijn moeder Lúcio kwam bedanken, bleek hij die vrouw reeds te kennen, ook al wist hij niet dat de man die hij geholpen had, haar zoon was.

 
Van emotie begon Lúcio een lied te zingen over eenzaamheid en saudades in de nor. Iedereen kreeg tranen in de ogen. Maar op het einde zei hij, “Vergeet echter het verdriet van de familie van de slachtoffers niet.” Ik stond versteld van zijn oprechte bekommernis. Ik had dit nog maar zelden uit de mond van een gevangene gehoord.

  

Flávio, een kleine, jonge man uit het binnenland, had zijn beste kleren aangetrokken om mee te doen aan de bezinningsdag. Zijn celmaten vroegen lachend of zijn lief op bezoek kwam. Van kindsbeen af was hij altijd sterk betrokken geweest bij zijn parochie, als catechist, jeugdleider en bloemenschikker in de kerk. Hij had zelfs al deelgenomen aan een voorbereidende groep voor het seminarie en droomde ervan om priester te worden. Tot hij door een drama plots in de gevangenis terecht kwam en alles in rook zag opgaan.

 

Als trouwe deelnemer deed het hem pijn dat er maar weinigen gehoor gaven aan de oproep van de gevangenispastoraal. Maar mede dankzij zijn volhardend uitnodigen was er die dag toch een behoorlijke groep komen opdagen. Hij gaf een sterke getuigenis over zijn engagement en zei dat dit de mooiste dag van zijn leven was, omdat hij nu de kans had om tegen zijn collega’s te zeggen wat hem op het hart lag. Ik bewonderde zijn moed om zich zo kwetsbaar op te stellen tegenover gasten die God nog gebod kennen.

 

Al bij de ingang van de patio kwam ik de beruchte drugbaron Ravengar tegen, de onbetwiste leider van de gevangenen van afdeling 1, “de wieg van de gevangenisbeschaving” zo had hij aan de ingang van het paviljoen laten schilderen. Hij gaat er prat op dat in “zijn” afdeling geen geweld voorkomt.

 

Inbreuk op zijn wetten wordt niet geduld en geweldenaars moeten de afdeling verlaten of overleven het niet. Ik vroeg hoe het met hem ging, hoewel ik aan zijn gezicht wel kon zien dat hij het moeilijk had. Toen vroeg hij me plots of een mis opdragen of bidden voor overledenen zin had. Ik voelde meteen vanwaar de wind kwam, maar vroeg hem vanwaar die vraag. “Wel”, zo zei hij, “je zult wel vernomen hebben dat enkele maanden geleden mijn zoon door de politie vermoord is. Dat doet nog altijd veel pijn.” Ik zei dat het in elk geval helpt om het leed te dragen. “Op het einde van onze bezinningsdag hebben we een eucharistieviering en ik zal je zoon er speciaal in gedenken. Je bent alvast uitgenodigd.” Hij bedankte en kwam even later met zijn gevolg meedoen. Bij de uitwisseling van ervaringen over helpen en geholpen worden, vertelde hij dat hij altijd veel mensen geholpen had met het geld van zijn drughandel. Maar toen hij gevangen werd genomen van zo goed als niemand steun heeft gekregen, uitgezonderd een eenvoudige vrouw uit zijn wijk die hem zeep en tandpasta kwam brengen. Daar was hij diep door geraakt.

 

Van harte, Filip

 


GODDELIJK GASTVRIJ

Filip Cromheecke sprak op 18 juli 2010 in onze kerk onderstaande predicatie uit, bij de lezingen Gn.18,1-10  en Lc.10,38-42. Hij deed dat in het kader van de dankviering voor de 20ste verjaardag van zijn zending naar Salvador da Bahia, Brazilië. Het afdrukken van deze homilie is meteen ook een dankwoord voor de giften van die dag (650 €), die integraal worden besteed aan de gevangenispastoraal en de kinderen van de gedetineerden.

Goede vrienden,

Het centrale tema van de lezingen van deze zondag is de gastvrijheid en hoe het goddelijke daarin voelbaar kan worden. Iedereen kent de ervaring van onthalen en onthaald worden. Zo vreugdevol het is om goed ontvangen te worden, zo triestig is het wanneer men slecht onthaald wordt. We kunnen verlangend uitzien naar iemand en het onthaal tot in de kleinste details van dagen tevoren voorbereiden. We kunnen ook plots iemand onverwacht ontmoeten en onthalen, en temidden onze dagelijkse beslommeringen ineens een feestje bouwen. De kwaliteit van het onthaal bepaalt of het een echte ontmoeting kan worden, van ziel tot ziel.

In de eerste lezing uit het boek Genesis hoorden we het verhaal van Abraham die drie mannen onthaalt, die plots voor hem staan. De iconenschilder Rublev zal dit verhaal als inspiratiebron gebruiken om de Goddelijke drie-eenheid te schilderen. Het is God zelf die bij Abraham op bezoek komt, daar onder de eik van Mamré. Abraham nodigt hen uit om bij hem onder de boom te rusten. Hij laat water halen om de voeten te wassen en te verfrissen en laat een maaltijd bereiden.et is Gd zelfH Terwijl zij aten, bleef hij staan. En dan komt de belofte van nieuw leven: Sara, hoewel een vrouw op leeftijd en kinderloos, zal een zoon krijgen. Het onmogelijke wordt plots mogelijk. God wil bij ons op bezoek komen, wil in ons wonen, wil ons nieuw leven schenken. Maar staan we er voor open? Hebben we er tijd en ruimte voor? Zijn we niet teveel bezig met onze eigen planning, onze zelf-ontplooing, zodat er geen ruimte meer is voor een onverwachte ontmoeting waarin het goddelijke zich kan openbaren?

Het bezoek van Jezus aan Marta en Maria in het evangelie van vandaag, volgt op de lezing van vorige zondag: het verhaal van de barmhartige Samaritaan. Het vertrekpunt is in de ander je naaste zien. De evangelist Lucas gaat nog verder: in de ander het goddelijke, Christus zien. Dat vragen wij ook telkens in gebed met de vrijwilligers vooraleer we de gevangenis binnengaan: dat we in de gevangenen Christus, de Lijdende Dienaar, mogen herkennen, ondanks het leed en de pijn die de gedetineerden hebben berokkend aan anderen. We bidden om het goddelijke te mogen ontwaren en niet alleen de misdaad te zien.

We vragen in ons gebed ook dat zij in ons iets van Gods liefde mogen ervaren en dat het tot een echte ontmoeting mag komen. God niet ver daarboven, maar aanwezig en herkenbaar in je medemens is misschien wel de unieke bijdrage van het Christendom waarin de “caritas” zich ontwikkeld heeft tot een bron van geloof en inspiratie. In het contact met de gevangenen en hun families leren we geloviger worden, kunnen we God meer plaats geven in ons leven.

Maar in het onthaal gaat het niet alleen om van alles klaar maken, lekker eten, een zacht bed, een aangename propere omgeving, maar om aanwezigheid en luisterbereidheid.  Marta is zo druk met vanalles bezig en ergert zich aan het feit dat Maria daar maar zit te luisteren en niets doet om haar te helpen. De Marta uit het evangelie is in een patroon geraakt waarin ze alleen maar waardering voelt voor wat ze doet, maar niet voor wat ze is.

Ik herken mijzelf in die houding als ik mijn agenda volzet omdat ik me dan nuttig en betekenisvol voel, omdat ik op die manier waardering krijg van andere mensen. Onbewust hengel ik naar erkenning in mijn doen, maar daarin loop ik mezelf soms voorbij. Jezus wil niet zeggen dat we maar bij de pakken moeten blijven zitten, dat we het allemaal maar op zijn beloop moeten laten. Om goed te ontvangen, moet je het ene en het andere doen. Heel liefdevol spreekt Jezus Marta aan bij haar naam (tot tweemaal toe) en zegt: “ Jij mag er voor mij ook gewoon zijn. Ik waardeer je niet alleen om wat je voor mij allemaal doet, maar om wie je bent.” 

In deze prestatiemaatschappij klinkt deze boodschap bevrijdend. In die 20 jaar Brazilie  heb ik leren “tijd verliezen” om bij mensen te zijn. Efficientie en punctualiteit staan daar niet op de eerste plaats. Ik heb al veel geduld moeten oefenen, maar tegelijkertijd ook al veel gekregen in toevallige ontmoetingen die alleen maar mogelijk waren omdat ik niet vast zat aan mijn schema of er soepelder leerde mee omgaan.

Tenslotte ervaren we een ontmoeting als iets goddelijks als er niet allen gepraat, maar ook echt geluisterd wordt. “ Luisteren met het hart” zo zeggen we bij Marriage Encounter. Dat betekent zo aanwezig zijn bij iemands verhaal, dat de gevoelens die verwoord worden in onszelf weerklank beginnen te krijgen. Echt luisteren is niet gemakkelijk. Steeds weer komen er andere gedachten en associaties in ons op: van wat nog komen moet, van wat we zelf al meegemaakt hebben. Bij de ander blijven, zeker als we het verhaal al eens of meerdere malen gehoord hebben, zoals in een gevangenis, vraagt discipline. Zo ook in het luisteren naar het Woord van God. We moeten kunnen stilvallen, ons leegmaken, om ruimte te maken voor wat God ons te zeggen heeft. Het Woord van God niet manipuleren of gebruiken om onze standpunten te onderleggen, maar ons erdoor laten bevragen. Telkens weer ontdekken we dan een ander aspect dat ons uitdaagt om intenser te leven, zielsverbondener. Zo gaat het Woord van God beluisteren in een gevangenis radicaler klinken. Het wordt een kwestie van leven of dood. Het kan ons niet onverschillig laten.

Onthalen en onthaald worden, waarderen en gewaardeerd worden, luisteren en beluisterd worden. Dankbaar kijk ik terug op die “eerste” 20 jaar in Brazilie. Dankbaar om er mee kerk en maatschappij te mogen vormen. Als vreemdeling je thuis mogen voelen in een andere cultuur, dankzij het hartelijke onthaalvan zovele mensen daar. Maar ook dankbaar om jullie hier, trouwe medestanders,  die me laten gaan en steunen in gebed, financieel, moreel en psychologisch en me telkens weer onthalen met een aandachtig oor. Zonder die achterban, dat vertrouwen, weet ik niet of ik zou kunnen doen wat ik doe of zijn wie ik ben. Mogen delen van wat ik daar krijg, in verbondenheid en geloof uitwisselen wat me ten diepste toe beweegt en ontroert hier, is een goddelijke ervaring en ontmoeting. Het geeft me kracht om weer verder te gaan, vol van hoop op ongebaande wegen... .           

Filip




WERELWIJD VOETBAL/WERELDWIJD ARMOEDE – juni 2010

 
Hallo,
 

De voetbalwaanzin is weer begonnen. Dat de Brazilianen mij niet horen, want voetbal is hier koning en zowat de helft van de bevolking loopt hier al rond in de geelgroene voetbaltruitjes van de nationale voetbalploeg. Bekijk goed de kalender om geen enkele andere activiteit te plannen tijdens een belangrijke voetbalmatch, want die is gedoemd te mislukken.


Ook het nieuws op radio en TV herleidt zich tot voetbal, alsof er plots niets anders meer gebeurd in de wereld. Grote merken (bierbrouwers, automobielindustrie, banken, elektronica, cosmetica, etc.) sponsoren het gebeuren en eisen exclusiviteit, zodat de kleinen bij voorbaat uitgesloten worden. En vooral, de volgende keer, in 2014, is het aan ons, Brazilië. Dus laten we goed kijken hoe je zo’n wereldgebeuren organiseert.


Het enige echte nieuws is dat de wereldbeker in Zuid-Afrika doorgaat en daardoor de aandacht van de wereldpers, voor één keer, naar dit “vergeten continent” gaat. In de rand krijgen we dan toch reportages die het cliché van het arme Afrika met zijn hongerende kinderen moeten doorprikken. Om onvergeeflijke uitlatingen te voorkomen zoals die van president Lula die ooit op reis in een Afrikaans land zei ‘dat het niet leek dat hij in Afrika was, omdat het er zo proper en georganiseerd uitzag’.

 

Maar laat ik niet alleen zo negatief kritisch zijn. Er is ondanks dit alles een charme van met de ganse wereld verenigd te zijn rond één gebeuren, de simpele vreugde van een goal, het samenbrengen van mensen onafgezien hun sociale klasse. Maar moest het zijn om de honger uit de wereld te helpen of om iedereen gelijke kansen te geven in onderwijs, gezondheidszorg, huisvesting...


Laten we ons geen zand in de ogen strooien als we ontroerd kijken naar het levensverhaal van één van die Braziliaanse voetballers die arm geboren zijn en nu steenrijk in Italië leven? Wat draagt het bij aan een rechtvaardigere wereld?

 

Mijn vraag is altijd: Hoe zou Jezus naar dit gebeuren kijken? Wat zou Hij doen? Wat zou Hij zeggen? Moet ik niet zijn spreekbuis zijn? Hij zou zeker de vreugde van zovele eenvoudige mensen die zich fier en erkend voelen in hun natie niet ontnemen. Maar zou hij het goedvinden dat die voetballers zoveel loon verdienen? En de “big business” die daarrond draait? Zovele dingen die niet gezegd en verzwegen worden.

 
Brazilië staat in de top 10 van de ongelijkheid. In een land met 200 miljoen inwoners, hebben de 10 % rijksten 50 % van alle rijkdom. En de 10 % armsten slechts 1 % van alle rijkdom. In de wereld leven 1 biljoen mensen onder de armoedegrens, met minder dan twee dollar per dag. In Brazilië zijn dat 7,5 miljoen mensen. Om deze realiteit te veranderen moeten we de economische en politieke macht democratiseren. Dat kan alleen als we ons niet in slaap laten sussen door de consumptiemaatschappij.

  

Als wakkere burgers moeten we de onderliggende onrechtvaardige structuren durven blootleggen, politieke invloed uitoefenen en zelf bewust anders gaan leven: soberder, stiller en samenhoriger. Dat heeft alles te maken met Jezus zijn project: een nieuwe hemel en nieuwe aarde, nieuwe relaties, geen onderdrukker en onderdrukte meer, broeder en zuster worden van mekaar. Er moeten andere wereldbekers gewonnen worden.

 

Van harte,

 

Filip Cromheecke

 








Ook in Brussel hangen Braziliaanse immigranten de Braziliaanse nationale vlag uit t.g.v. de Wereldbeker voetbal. Zoals hier in de Huidevettersstraat, midden de Marollen.

 





ZALIG PASEN 2010!

 

Goede vrienden,

 

Terwijl wij hier uitkijken naar een beetje frisse wind, wachten jullie op de warme zon. Sneeuw in België en 35 graden in Bahia in maart, zijn uitzonderlijke toestanden. De klimaatswijzigingen doen zich gevoelen. Dat heeft te maken met ons model van economische ontwikkeling, groei ten koste van...het leven op deze planeet.  Het begrip “economie” komt van het Griekse “oikos + nomos” wat letterlijk het beheer, de zorg voor het huis betekent.

 

Vastenactie over economie

 

De vastenactie in Brazilië wil dit jaar de christelijke kerken en alle mensen van goede wil, samenbrengen ter bevordering van een economie ten dienste van het leven, zonder uitsluiting, en bijdragen aan de opbouw van een cultuur van solidariteit en vrede. Nu Brazilië economisch in de lift zit, moet men beseffen dat er grenzen aan de groei zijn en we zorgvuldiger moeten omspringen met de natuurlijke bronnen. 

 

Aardbeving doodt Braziliaanse stichteres kinderpastoraal 

 

In januari werd de wereld opgeschrikt door de aardbeving in Haiti die het leven aan meer dan 100.000 slachtoffers kostte, waaronder 11 Braziliaanse militairen van de VN-vredesmissie en Zilda Arns, zus van de kardinaal op rust van São Paulo, Paulo Evaristo Arns, en stichteres van de kinderpastoraal die dankzij hun netwerk en effectieve aanpak het aantal kindersterftes in Brazilië drastisch heeft doen dalen. 

 

Zilda was een voordracht aan het geven toen de aardbeving het kerkgebouw waar ze zich bevond, deed instorten. Ze stierf in zending, zoals ze geleefd heeft, “opdat allen zouden leven en wel in overvloed” Ik leerde haar persoonlijk kennen op een congres in São Paulo van de kinderpastoraal in mei 2007 waar ik een werkwinkel moest geven over de kinderen van gevangen moeders. Ze maakte toen op mij een grote indruk en behoud goede contacten met haar zoon Nelson die ook pediater is en achter de schermen van de organisatie werkt. Er kwamen ook in Brazilië heel wat solidariteitsacties op gang om het leed van de Haïtianen te verzachten. De ruines van een kerk waar alleen maar het kruisbeeld van rechtop bleef, deden ook hier op internet de ronde.

 

Ondertussen in Salvador en omstreken

 

Ik leerde een ander carnaval kennen in het binnenland. Carnaval in Salvador is een grote industrie geworden voor toeristen, brengt wel veel geld in het laadje, maar verliest zijn volkse karakter. In Maragogipe, 139 km. van Salvador, is er nog een traditioneel carnaval waar iedereen zich verkleed en zijn creativiteit botviert, waar er gezongen en gedanst wordt met de ganse familie en kinderen zonder gevaar kunnen spelen. We gingen er met onze Franse gasten een kijkje nemen.

 

Pelgrimstocht doet halt houden en vooruitgaan

 

We zijn ook op pelgrimstocht geweest met de mensen van de Trindade-kerk in het binnenland. Zeven dagen stappen, alleen het hoogstnoodzakelijke meenemen, leven van de goddelijke voorzienigheid, onthaald worden ten huize van de mensen van de gemeenschappen, bidden en zingen, eenvoudiger en aandachtiger worden. Soms alleen in stilte stappen, soms per twee of meer uitwisselen, mekaar leren kennen.

 

Af en toe halt houden, om te rusten en te eten, in de schaduw van een boom langs de weg, om het evangelie te lezen en het leven van Charles de Foucould te horen vertellen, een man die Jezus zo letterlijk mogelijk in armoede wilde navolgen en in Nazareth in de anonimiteit is gaan leven. Daarna als universele broeder in de woestijn verbleef, aan het einde van de wereld, in volledige overgave aan zijn Heer. Zo moet Jezus zijn leerlingen onderricht hebben, al stappend van het ene dorp naar het andere, getuigend van de Blijde Boodschap. Een vrouw huilde bij ons afscheid en zei : “Wat hou ik van de dingen van God. Ik wou dat ik met jullie meekon.” 

 

De gevangenis is een kruistocht

 

Vandaag werd er in de gevangenis een kruisweg gehouden tijdens deze vastenperiode. Jezus’ lijden gedenken in een gevangenis, geeft een bijzonder gevoel. Jezus die gevangen genomen en gemarteld werd, wiens kleren werden afgenomen, beschimpt en bespuwd werd. “Dat maken wij nu ook aan den lijve mee,” zei Walter, “alleen was Hij onschuldig en heeft Hij zijn leven voor ons gegeven.” “De rijken hebben geen gedacht van wat wij beleven”, zei Erivelton, na de kruisweg gegaan te hebben “een innerlijke vreugde die niet te koop is, van leven en hoop die de dood overwint”.

 

Dat elk van ons, in onze armoede, die vreugde mag aanvoelen, van goddelijk nieuw leven, over alle pijn en lijden heen. Dat is mijn paaswens voor u.

 

Van harte, Filip

 

20 JAAR: FILIP IN SALVADOR

 

En meteen beseft u ook dat u mogelijks één van de mensen bent die Filip heeft weten vertrekken, en dus nu twintig jaar ouder bent. Dat u al zolang trouw bent en tegelijk veel hebt bijgedragen aan de pastorale en sociale projecten. Mogelijks bent u iemand die later aangepikt hebt. En dan zal het u mogelijks verwonderen dat met vereende krachten zoveel pastorale en sociale geschiedenis is geschreven in Bahia. 

 

Hoe dan ook. Filip heeft doorheen het tijdschrift De Kleine Prins vele geïnteresseerden te laten delen in hoop en vrees, in opstanding en lijden, in nieuwe projecten en soms ook tegenslagen. Ook al twintig jaar dus. De website die sinds enkele jaren wereldwijd bericht van die realiteit heeft dezelfde bedoeling: hoop en perspectief geven door goed nieuws!

 

Wil je die twintig jaar een beetje meevieren dan kan je ingaan op onze uitnodiging. We willen die twintig jaar in Brazilië vieren tijdens een eucharistieviering op zondag 18 juli om 10 uur in de Drievuldigheidskerk aan de Wapenstilstandlaan 55 in 2600 Berchem. Filip zal er ook zijn. We houden het eenvoudig. Uw aanwezigheid is het belangrijkste.

 

Van harte welkom!


CHRIS DE STOOP WINT NOORD-ZUID Persprijs 2009
 
Vorig jaar trok Knack-journalist Chris De Stoop naar Filip in Salvador da Bahia, om er een reportagereeks te maken over de gevangenis- en 'onderwereld' van Brazilië. De voorbereidingen werd in België doorgepraat en Chris De Stoop reisde Filip achterna voor een korte tijd.
 
We vernemen dat Chris de Noord-Zuid Persprijs van 2009 wint. Proficiat!
Je kan er alles over lezen - ook de bekroonde artikels - langs deze link: http://ontwikkelingssamenwerking.vlaanderen.be/nlapps/docs/default.asp?id=156


KERST- EN NIEUWJAARSGROETEN 2009 - 2010

Goede vrienden,

De trommels beginnen weer feller te roffelen vanuit de Pelourinho. Het zijn de oefeningen in percussie om de traditionele zomerfeesten op te luisteren.

Het begon op 4 december 2009 met het feest van Santa Barbara met vuurwerk en knallertjes in alle vroegte en dat gaat door tot aswoensdag 2010: O.L.V. Onbevlekt Ontvangen, Santa Lucia, Kerstmis, Onschuldige kinderen, oudejaarsavond, nieuwjaarsdag met Bom Jesus dos Navegantes (Goede Jezus van de stuurlui), ‘Lavagem’ do Bomfin en alle andere ‘schoonmaakbeurten’ van de trappen van de kerken met reukwater en dansende Bahianas, Driekoningen, Yemanjá.

 
Kleuren schitteren in het zonlicht, een nieuw hoogseizoen is weer van start gegaan, toeristen alom. Gymmen om er op het strand presenteerbaar uit te zien, etc. Zonnecrème factor 50, veel water drinken, veel douchen, de tijd van mangos en cajús. Bahia zet een nieuwe zomer in terwijl in São Paulo door de vele regens alles onderloopt.


Ik wens jullie allen een zalig kerstfeest. Dat Jezus opnieuw geboren mag worden in elk mensenkind en Zijn Liefde alle duisternis mag verdrijven.

Dank voor die blijvende verbondenheid en solidariteit weldra al 20 jaren lang. Want dit is de vierde Kleine Prins van de 19de jaargang. Volgend jaar jubelen we met de 20ste jaargang.

 
Um abraço forte, 

Filip

Salvador da Bahia, 10 december 2009 (Mensenrechtendag)

 

DEZE KERSTACTUEEL is ook een oproep voor steun

Deze kerstactueel op onze website is een oproep om te denken aan een bijdrage.

Dat kan in de vorm van een steun voor ‘De Kleine Prins’. Je leest veel meer in dat tijdschrift van ons dat straks zijn 20ste jaargang ingaat. Ga naar de rubriek ‘De Kleine Prins’ en stort een bijdrage op het rekeningnummer.

Maar je kan ook steunen in de vorm van een kerstgift voor de algemene werking van de gevangenispastoraal en de deelprojecten. Met deze link kom je bij de rekeningnummers terecht http://www.filipsalvador.be/projecten.htm#Onderstaande_projecten 

 
Volgend werkjaar zetten we immers door met onze werking en zullen we ook ons mensenrechtensecretariaat versterken. De oproep van de regering om terug de alternatieve gevangenismethode APAC op de agenda te zetten, zal ook gevolgen hebben voor onze inzet. Zoals je verder zal merken werken we ook ernstig door aan de vorming van vrijwilligersploegen in heel de staat Bahia.

 
Bedankt dat we op u kunnen rekenen!

 
 

GEVANGENISPASTORAAL IN SALVADOR EN BAHIA IN ACTIE

 
ESPERAR

Het Portugese werkwoord  “esperar” betekent zowel wachten of verwachten als hopen, verlangen. Dat ene werkwoord geeft goed weer waar het in deze adventstijd, als voorbereiding op Kerstmis, om gaat.  Wat is mijn diepste verlangen? Niet alleen voor mezelf of mijn familie, maar voor de ganse wereld? Dat was ook het thema van onze eerste adventsbijeenkomst met de gedetineerden.

Het begon nogal stroef, ieder zat er zo futloos bij, maar een lied en een kennismakingsdynamiekje deed de grimmige sfeer langzaam wegebben. We stelden de vraag naar hun diepste verlangen in de kring van gedetineerden en gaven hen tijdschriften om een foto uit te knippen die het beste hun hoop en verlangen op dat moment weergaf. Vogels in de lucht vertelden over het verlangen naar vrijheid. Een bouwvakker over hun verlangen naar werkgelegenheid bij hun vrijlating.  Een vader die zijn kind omarmt, een lachende familie, het verlangen naar thuiskomen, verbondenheid. Iemand die water aan de planten geeft, het verlangen om terug in de aarde te kunnen wroeten en in de natuur te zijn, enz.

De uitwisseling maakte ons menselijker, beweeglijker, de goede Geest kwam ons bewonen. Het woord van God werd voorgelezen en ging over het verlangen naar bevrijding, naar heelheid, naar gerechtigheid en vrede dat in Jezus gestalte krijgt. 

Kerstmis is niet alleen gedenken dat Jezus lang geleden geboren is in een kribbe, maar dat Hij voortleeft in de harten van de mensen die voor zijn boodschap open staan en één met Hem worden en dat Hij door ons heen alles nieuw maakt met Zijn liefde. Kerstmis is geloven dat Hij terug zal komen, op het einde der tijden, om te vervolmaken, wat we met al onze inspanningen voor een betere wereld geprobeerd hebben te doen. Niemand weet precies wanneer dit zal geschieden. Daarom  is het beter waakzaam te zijn, aandachtig de tekenen van de tijd te ontwaren en als wakkere burger initiatief te nemen daar waar het leven bedreigd wordt, samen met andere mensen van goede wil.  En dit zowel  op macro- (de klimaatsconferentie in Kopenhagen, Noord-Zuid verhouding, de migratieproblematiek bvb.) als op micro-vlak  (recyclage, aandacht voor de buren, zieken, bejaarden bvb.)

 

VALSELIJK BESCHULDIGD

 
Dat doet me denken aan Hilda, één van onze vrijwilligsters van de gevangenispastoraal, die onlangs valselijk beschuldigd werd geprobeerd te hebben om een chip van een GSM binnen te smokkelen. Ze was in de andere gevangenis gewoon om haar tas aan de ingang in bewaring te geven en had die kleine chip vergeten. Er werd een onderzoek ingesteld en ze moest zich verantwoorden tegenover een commissie. Dat deed bij haar alle pijn van discriminatie weer boven komen. Ze werd al vroeg als kind als een soort Assepoester bij een familie in de stad grootgebracht, omdat er geen eten was voor iedereen van het gezin in het binnenland. Toch wist ze zich altijd door haar geloof in een liefhebbende Vader gedragen, ook wanneer haar huwelijk mislukte en ze er alleen voorstond als moeder van vier kinderen.

 
Een gemakkelijk leven heeft ze nooit gehad. En wanneer gevangenen vertellen over hun strijd om te overleven herkent ze veel van haar eigen verhaal. Ze kwam in de verleiding om de gevangenispastoraal vaarwel te zeggen na zoveel onbegrip. Toch zette ze door en kreeg haar toegangskaart terug. Ik moest denken aan de zaligsprekingen: “Zalig zij die vervolgd, misprezen en gehoond worden omwille van Mijn Naam. Verheug u want groot zal uw beloning zijn in de hemel.”(Mt.5, 11-12)  

 

ZE HEBBEN HAAR VADER VERMOORD

Jamile is mijn petekind. Het eerste kindje dat werd opgevangen in onze crèche Nova Semente. Ze heeft haar eerste vijf levens jaren met haar moeder  in de vrouwengevangenis doorgebracht. Enerzijds gaf die behouden moederband haar een basisvertrouwen in het leven, anderzijds werd ze al heel vlug blootgesteld aan allerlei negatieve invloeden van een gevangenis. Nu blijven kinderen die geboren worden in de gevangenis maximaal zes maanden bij hun moeder voor de borstvoeding.
 
Jamile is ondertussen 15 en al een hele jufrouw geworden. Ze woont terug bij haar moeder die ondertussen is vrijgekomen, maar komt regelmatig nog naar de crèche.  Ze volgt naast de gewone school een cursus informatica en heeft daar een vriendje leren kennen. Vorige week is haar vader die voortvluchtig was, door de politie vermoord.  Ze is naar de begrafenis geweest die zeer tumultueus en emotioneel is verlopen. Veel kans om haar vader beter te leren kennen heeft ze niet gehad. 

Toch zag ze hem graag en hoopte ze dat hij uit de criminaliteit zou stappen. Ze heeft nog een broer in de gevangenis en haar moeder die al een tijd gescheiden was, heeft een nieuwe vriend waar ze niet veel van moet hebben. Haar grote referentie is het centrum Nova Semente en zuster Adèlia. Daar voelt ze zich thuis en heeft ze vriendinnen.
 

VRIJ EN NU BEGINT HET
 

Jorge is vrijgekomen! In de gevangenis was hij gekend als Jorgette, de “vrouw” van Ravengar, één van de voormalige grote drughandelaars van Salvador en bendeleider van paviljoen 1. Normaal denk je dan aan een transseksueel, maar niets is minder waar in het geval van Jorge die huurling was in Afrika en het Midden Oosten en daar de bijnaam van beschilderde duivel had, omdat hij zijn gezicht camoufleerde met zwarte verf. 

Hij heeft verschillende kinderen verspreid over de wereld  die ondertussen al volwassen zijn en in het voetspoor van hun vader een militaire opleiding hebben gevolgd. Hij heeft slechts  één dochter, Taisa, die hem is blijven bezoeken in de gevangenis, tegen de wil van de familie in die hem de rug toekeerde en Salvador verlaten hebben. Jorge is de nor ingedraaid, niet omwille van zijn misdaden in Afrika of het Midden Oosten, maar omdat hij zich emotioneel met de dochter van een rechter had ingelaten die hem beschuldigde en onschuldig veroordeelde tot 10 jaar gevangenisstraf. De nationale justitiecommissie die in een grootscheepse schoonmaakbeurt alle processen nakijkt, stelde vast dat de veroordeling op luchtkastelen was gebouwd en verplichtte de rechtbank van Bahia om hem onmiddellijk vrij te laten. 

Nu zoekt hij steun bij de gevangenispastoraal om een nieuw leven te beginnen, samen met zijn dochter die haar carrière als atletiekster in rook zag opgaan en zich volledig voor de gevangenen van paviljoen 1 inzette. Ze vroegen een tent, want hebben geen huis en leven graag in de natuur. Het lijkt wat utopisch, maar omdat hier nu het droge seizoen begint, is dat nog geen slecht gedacht en kunnen ze zich makkelijk verplaatsen al naar gelang de plaats waar ze werk vinden. 

Jorge heeft een haat-liefde verhouding met de kerk. Het heeft te maken met een affaire in de jaren tachtig van diefstal van antieke beelden in verschillende kerken. Hij zoekt naar een manier om in het reine te komen met zichzelf en tegenover God, maar hij is bang dat door het verleden terug op te halen, zijn psychologische kwetsuren nog meer pijn gaan doen.  Toch is er geen andere weg om tot verzoening te komen met zichzelf, de anderen en God. 
 

SUBSIDIES VOOR EEN VAN ONZE PROJECTEN 

Een laatste goed bericht: onze subsidie voor ons programma Vrijheid en Burgerzin is verlengd. We hebben nu twee sociaal assistentes (Andréia en Marcelo) een sociale ondernemer (Hélio) en een administratieve hulp (Leandro, de broer van Fabíola). We kunnen daarnaast nog rekenen op een sociaal assistente (Fátima) van de gevangenisraad en vier studenten recht van het patronaat voor gevangenen en ex-gevangenen die nu ook hun publiek voor juridische bijstand hebben verruimd tot de familie van de (ex-)gedetineerden. 

Het programma begint in de gevangenis met een cursus ter voorbereiding van hun in vrijheidsstelling, een computerklas, een bakkerij en een cursus op afstand (via internet en TV) in bouw, elektriciteit, loodgieterij. Eens ze vrijkomen worden ze uitgenodigd voor een gesprek met de sociaal assistente op het secretariaat van de gevangenispastoraal op het bisdom. Daar wordt er samen bekeken wat mogelijk is i.v.m. de werkgelegenheid, woonst, gezondheidszorg, administratie, documenten. Maandelijks hebben we vormingsbijeenkomsten met de ex-gevangenen en ook met de ondernemers die hun eigen zaakje hebben opgezet. 

In Nova Semente zijn de kinderen een kerstspel aan het voorbereiden dat zondag op ons kerstfeestje met de vrijwilligers wordt opgevoerd. De kinderen zijn enthousiast. Fernando, een ex-gevangene en artiest, leerde de kinderen het kerstspel aan. Het is in Franciscaans-Middeleeuwse stijl en Edinha en Dilma leggen de laatste hand aan hun naaiwerk voor de kostuums. Volgend jaar willen we een kapel-multifunctionele ruimte bouwen en nog een tweede module voor woonst. Zuster Adèlia is terug uit Italië en men vroeg haar of in Nova Semente ook het noviciaat van haar congregatie kon komen. Er zijn momenteel twee aspiranten die meewerken in de equipe van de crèche. Ze heeft nu eindelijk ook beslist dat ze haar knieën zal laten opereren. Gelukkig is de jonge Braziliaanse zuster Edi een sterke rechterhand. 
 

En tenslotte kunnen we ook rekenen op onze kardinaal Dom Geraldo die dit jaar onze kerstviering wil voorgaan in de speciale disciplinegevangenis. Vierend het jaar uit.

 


VAN DE WINTER NAAR DE LENTE 2009

 Salvador da Bahia, 7 september 2009  - Bij jullie is het nieuwe werk- en schooljaar begonnen en de herfst is in al zijn kleurenpracht in aantocht.  Bij ons wordt het lente, minder regen, meer bloemen en hogere temperaturen.  Op onze vrije maandagen kunnen we terug af en toe naar het strand, hoewel de zee nog vrij woelig is.

In het gevangenissysteem zijn er verschillende nieuwe directeuren benoemd. Het zijn meestal  militairen en vak-bondsvertegenwoordigers van het cipierssyndicaat . Allemaal hebben ze het discours dat de gevangenispastoraal als vrijwilligersorganisatie een belangrijke rol speelt in het systeem en door hen als partners beschouwd worden. In de praktijk blijven wij van de gevangenispastoraal voor velen pottenkijkers, een steen des aanstoots, en moeten we goed oppassen dat we niet mis-/ge-bruikt worden om hun lacunes op te vullen . 

De “linkse” regering in Bahia slaat regelmatig de bal mis als het over de basisbehoeften van de  mensen gaat. Ze pakken graag uit met hun verwezenlijkingen en geven nu al het dubbele uit aan propaganda in vergelijking met de vorige regering. Zo subsidieerden ze heel zwaar de komst van het Canadese Cirque du soleil, met toegangskaartjes aan de prijs van een minimum maandinkomen. Veel geld ging ook naar de organisatie van een wedstrijd van stockcars  op de terreinen en wegen van het administratief centrum. Deze autorace moest het toerisme en de automobielindustrie komen bevorderen. Straks wacht ons ook nog een Formule 1 manifestatie.  Maar de gezondheidszorg, het onderwijs en de openbare veiligheid waar vooral de armsten afhankelijk van zijn, laat veel te wensen over. Ik was blij dat toch één parochie in die zin reageerde en aan het regeringsgebouw betoogde met spandoeken. Aanvankelijk werden ze gewelddadig geweerd door de politie, maar nadien werd een commissie van vijf leden ontvangen door een woordvoerder van de gouverneur.

Op nationaal vlak is Marina da Silva, senator van de staat Acre, ex-minister van milieu en medestichtster van de arbeiderspartij, naar de Groenen (Partido Verde) overgestapt. Ze stond er in de regering alleen voor en ondervond veel druk van de agro-industrie die alleen maar denkt in termen van economische groei en export. Ze was ook aanwezig op de 12de interkerkelijke bijeenkomst van de basisgemeenschappen die plaatsvond te Porto Velho (Rondônia) van 21 tot 25 juli en als thema had: “Ecologie en Missie; van moeder aarde, de kreet die komt van het Amazonegebied”. Er waren 3010 gedelegeerden aanwezig, 56 bisschoppen, 331 priesters en vertegenwoordigers van meer dan 20 landen. De bedreigingen voor de indianenvolkeren die in het Amazonegebied wonen zijn groot. De bouw van nieuwe stuwdammen, de ontbossing ten voordele van weiland, soja- en suikerrietplantages en de houtindustrie, werden sterk aangeklaagd. Men verbond zich ertoe om in de basisgemeenschappen politiek actief te blijven aan de basis, het ecologisch bewustzijn en de Bijbelstudie te bevorderen, en een diaconale kerk te zijn met vele verschillende diensten in dialoog met andere kerken en instellingen.

September is traditioneel de Bijbelmaand in de Braziliaanse kerkgemeenschappen. De twee boeken worden samen gelegd: het boek van het leven en het Woord van God. Samen doen ze ons zien waar God vandaag op aanstuurt, waar Gods Geest aanwezig is en waar niet, hoe we als gelovige en als gemeenschap licht kunnen zijn in deze soms duistere tijden. In het Evangelie leren we Jezus kennen en worden we uitgenodigd om in Zijn Liefde te blijven. Dat is onze eerste taak, zegt Antoine Chevrier, de Franse priester die eind 19de eeuw radicaal voor de armen kiest en de Pradobeweging  stichtte.

Het symbool van de pradobeweging: kribbe, kruis en het tabernakel

Tijdens een nationale sessie eind augustus op het eiland Itaparica waren we met een 50-tal Pradopriesters uit gans Brazilië samen om via evangeliestudie waarachtige leerlingen en apostelen van Jezus te worden. Het gaat niet alleen om verkondiging van bevrijding in Jezus’ naam, maar ook om het profetisch aanklagen van onrecht, uitsluiting en onderdrukking.

Vandaag, 7 september, viert Brazilië haar onafhankelijkheid. Na de officiële militaire defilé, komen kerkgemeenschappen, syndicaten en sociale bewegingen op straat in een optocht die de “Kreet van de uitgeslotenen” wordt genoemd. Daarin wordt ondermeer de corruptie, de concentratie van macht en communicatie middelen, de privatisering, de milieuvervuiling en de economische politiek gebaseerd op productie voor de export, de banken en de hoge intresten op de buitenlandse schuld aangeklaagd. Daarin wordt het geloof uitgedrukt dat door organisatie een volk in staat is om een nieuwe wending aan haar geschiedenis te geven. Brazilianen zijn fier op hun land van continentale afmetingen en een rijke culturele verscheidenheid, maar tegelijkertijd bewust van de enorme problemen die enkel aangepakt kunnen worden als elke burger zijn verantwoordelijkheid opneemt. Hier en bij jullie, wereldwijd.

Van harte een goede start van nieuwe werkjaar!

               

 
GEVANGENISPASTORAAL IN SALVADOR EN BAHIA IN ACTIE!

Vrijwilligers zetten door: na 12 jaar of na een stage

 
In de voorbije maanden hebben we in Salvador een nieuwe groep vrijwilligers een kadervorming en een stage aangeboden. Maar tegelijk blijven we onze ‘oudere’ vrijwillig(st)ers koesteren en kansen geven. Een aantal van die sterkhouders nemen ook meer verantwoordelijkheid op. Marie-José is er één van. Eer portret.

 
Marie José – een vrijwilligster met anciënniteit

Maria José was op de nationale conferentie over openbare veiligheid in Brasilia eind augustus. Ze verkocht er artesanaat van onze gevangenen in Bahia en kreeg in de wandelgangen te horen waar de knelpunten lagen. We laten haar aan het woord over haar engagement in de gevangenispastoraal  en haar visie op dit hete hangijzer: de openbare veiligheid als een opdracht van de staat, maar ook een recht en verantwoordelijkheid van allen...

 
Maria-José (58) is één van de vrijwilligsters die in 1997, het jaar van de vastenactie over gevangenen, begonnen is in de gevangenispastoraal. Ze werd door haar pastoor als vertegenwoordigster van de parochie naar de animatiedag ter voorbereiding van deze vastenactie gestuurd en was meteen geboeid door het thema. Ze was altijd al bezig geweest met mensen die aan de rand van de maatschappij leven. Zo deelde ze wekelijks pap uit aan straatkinderen, tot ergernis van de goegemeente. Haar vader was iemand die altijd bereid was om anderen in nood te helpen en de christelijke waarden van naastenliefde kreeg ze van jongsafaan mee in haar familie.

 Maria-José was reeds actief in de parochie als catechiste en lid van het Marialegioen, maar is iemand die houdt van uitdagingen en toen ze in datzelfde jaar ’97 op vervroegd pensioen kon gaan van de bank waar ze altijd gewerkt had, besloot ze om haar tijd volledig in dienst aan God en de mensen te stellen.

 Na de vormingsdagen in het Franciscanenklooster, begon ze meteen met gevangenisbezoek in het halfopen systeem, waar ze als pastor werkt tot op vandaag. Het halfopen systeem vindt ze van alle gevangenissen het moeilijkst, omdat de gedetineerden meer vrijheid hebben, verstrooider zijn en minder naar God zoeken. In een gesloten systeem zoeken de gevangenen meer religieuze bijstand als steun in hun lijden, zo zegt ze. Toen ze enkele jaren geleden eraan dacht om van gevangenis te veranderen, heeft ze uiteindelijk besloten om te blijven omdat ze niet wou kiezen voor de gemakkelijkste weg en haar collega’s ook niet in de steek wilde laten. Ze houdt van de ongedwongen, spontane manier waarop de gevangenispastoraal contact legt met de gedetineerden. Ze worden tot niets verplicht, maar uitgenodigd, terwijl andere religieuze groepen onmiddellijk met hel en vagevuur afkomen als ze niet doen wat ze willen. Het getuigenis van de andere vrijwillig(st)ers is een steun voor haar om het niet op te geven, ook al ziet ze dikwijls geen resultaat. “Het gaat om aanwezigheid in Jezus’ Naam, dus moet het kwaliteitsvol zijn” zo zegt ze.

 Ze herinnert zich verschillende ex-gevangenen die een nieuw leven zijn begonnen en achteraf vertellen hoe belangrijk haar aanwezigheid was tijdens hun gevangenschap. Of hoe wraakgevoelens, dankzij geduldige begeleiding, kunnen omslaan in vergeving en barmhartigheid. Ze heeft een schrift waarin ze de voor haar belangrijkste gebeurtenissen of merkwaardige uitspraken in de gevangenis noteert. Ze voelt zich langzaam maar zeker steviger in haar zending tussen de gevangenen, dankzij de permanente vorming die maandelijks aan de vrijwilligers wordt gegeven. “De vergaderingen van de gevangenispastoraal hebben inhoud waar ik telkens wat aan heb,” zo getuigt ze. “Ook in het gevangenissysteem zijn we langzaam maar zeker meer aanvaard en erkend geworden. Het ministerie van justitie neemt nu verschillende ideeën van ons over, terwijl we vroeger eerder argwanend werden bekeken en als indringers beschouwd.”

 Haar teleurstelling is het gebrek aan engagement van de gevangenen ten opzichte van Christus. “Ze luisteren wel naar het Woord van God, bidden tot God als ze ’t moeilijk hebben, maar zijn het allemaal ook snel vergeten, wanneer ze de vrijheid terug geproefd hebben. Het is zoals met het zaad in de parabel van de zaaier.”

Eind augustus heeft ze als vertegenwoordigster van onze gevangenispastoraal deelgenomen aan de eerste nationale conferentie over openbare veiligheid te Brasilia waar ze artesanaat van de gevangenen heeft verkocht. De conferentie werd door het Ministerie van Justitie georganiseerd op vraag van de president Luís Inácio da Silva (Lula) om de nationale politieke richtlijnen i.v.m. de openbare veiligheid te bepalen. Er waren een 3000 deelnemers vanuit 27 staten van de federatie van Brazilië, zowel van de overheid als van niet-gouvernementele organisaties.

 
Het slotdocument bevat 10 principes en 40 richtlijnen die als basis zullen dienen voor de nationale politiek i.v.m. openbare veiligheid. De gevangenispastoraal heeft op nationaal vlak geprobeerd om zoveel mogelijk vertegenwoordigers van niet-gouvernementele organisaties naar de conferentie te sturen. Maria José zei dat ze toch vooral politie en penitentiair beambten heeft gezien. “Maar het wonderbaarlijke was dat het leek op het visioen van Jesaja waar het lam en de wolf samen grazen,” zo zegt ze. “Ook al waren er tegenovergestelde meningen, er was een sfeer van dialoog en wederzijds respect.” Ze vertelt fier dat Bahia de staat was die het meest artesanaat heeft verkocht. Maar ze sprak ook vol lof over een modeshow gebracht door 9 vrouwelijke gedetineerden uit de Paraná met kleren die ze zelf in de gevangenis hadden gemaakt. En een theatervoorstelling gebracht door gevangenen uit São Paulo over het leven in de gevangenis. De conferentie was prima georganiseerd en ze logeerde op kosten van de overheid in een hotelkamer met collega’s van de gevangenispastoraal uit Rio Grande do Norte en Sergipe. Het was voor haar een boeiende ervaring, waar ze verschillende mensen heeft leren kennen uit andere staten van Brazilië met dezelfde bekommernis: een vredevolle en rechtvaardige samenleving.

 

(interview Filip 9/9/2009)

 

Maar ook nieuwe vrijwilligers treden aan. 

Veertien nieuwe kandidaat-vrijwilligers zetten na een vormingsaanbod in april hun eerste stappen in de gevangenisafdelingen in Salvador. Vanuit die persoonlijke ervaring en vanuit onze evaluatie over hun engagement, werd hen gevraag om te kiezen voor dit engagement om dan gezonden te worden. De zendingsviering vond dit jaar plaats in de periode van vaderdag, Onze Lieve Vrouw Hemelvaart en het Naamfeest van de Heilige Maximiliaan Kolbe.

 

Eén van onze hulpbisschoppen – Don Josafat – ging voor in de zendingsviering. De foto’s getuigen van de intensiteit van het moment. Veertien mannen en vrouwen vervoegen zo de groep van getrouwe medewerkers. Een sterk moment.

 


Samen opstappen voor meer gerechtigheid!

In de ‘Grito dos excluidos’ op 7 september, onafhankelijksdag.

Voor het eerst hebben we het grote processiekruis dat we  tijdens de vasten wordt gedragen in de vastenoptocht naar de kerk van de Bomfin, ook in de mars "De kreet van de onderdrukten" gedragen. We bevestigden er de namen op van vermoorde jongeren.

Seminaristen die dikwijls uit dezelfde wijken komen waar deze jongeren slachtoffer werden van het geweld, droegen het kruis.

Diezelfde onafhankelijkheidsdag werden er 's morgens verschillende bussen in brand gestoken en politie-eenheden aangevallen als represaille bij de overplaatsing van een bendeleider naar een federale gevangenis in het zuiden van Brazilië. Woensdag konden we geen gevangenisbezoek doen omdat de politie de cellen doorzocht naar GSM's waarmee ze contact houden met de buitenwereld en hun aanvallen coördineren. Deze acties die nu al een paar dagen duren, creëren paniek in de stad en uit angst blijven de mensen meer binnen.  

Filip.

 

Gevangenispastoraal Salvador da Bahia in actie !

Een samenvatting van het jaarverslag 2008

Ook 2008 was voor het gevangenissysteem in Bahia een turbulent jaar. Het begon al in januari toen de overheid 20 containercellen kocht voor 280 gevangenen om de overbevolking in de politiekantoren te ontlasten in het vooruitzicht van de komende carnavalperiode. De gevangenispastoraal die deel uitmaakt van de mensenrechtenraad van Bahia veroordeelde het gebruik van deze containercellen omdat ze niet beantwoorden aan de vereiste normen van de wet der strafuitvoering. Toch werden er vlak voor carnaval 360 gevangenen uit de politiekantoren naar overgebracht in een politieactie die de naam “grote schoonmaak” kreeg (!?).  De rechter Andremara dos Santos van de uitvoeringsrechtbank te Salvador verbood uiteindelijk het gebruik van deze cellen nadat er 8 gevangenen uit ontsnapten en anderen er uit protest brand stichtten.

Maar de grootste politieactie in het gevangenissysteem van het jaar was ongetwijfeld operatie “Big Bang” op 2 juni die de georganiseerde misdaad in en vanuit de Lemos Britto gevangenis ontmantelde. Men vond in de cel van de bendeleider Genilson Lino da Silva, beter gekend als Perna R$ 280.000 (het equivalent van US$ 100.000), twee pistolen van 9 mm, 8 kg cocaine, 1 kg cannabis en 50 blokjes crack. We mogen ons terecht de vraag stellen hoe dit allemaal in een cel kan terechtgekomen zijn? 

Perna werd overgeplaatst naar de federale gevangenis te Catanduva/Parana. De gevangenisdirecteur Luciano Patricio werd ontslagen en 8 cipiers werden verplaatst. Maar ook de gerechtelijke macht werd aan een onderzoek naar de “verkoop van veroordelingen” onderworpen. Dit onderzoek van het Openbaar Ministerie waarbij advocaten en rechters betrokken zouden zijn, is nog steeds lopende. Deze acties ontketenden een oorlog tussen de twee grote misdaadbendes die de drughandel in Bahia in handen hebben, met dodelijke slachtoffers in verschillende wijken.   

Toch heeft de gevangenispastoraal binnen het systeem zijn activiteiten normaal kunnen verder zetten. Naast de wekelijkse gevangenisbezoeken waar vooral wordt geluisterd naar ieders persoonlijk levensverhaal, gedeeld rond Gods Woord en gevierd in Jezus’ Geest, werden in de verschillende gevangenissen, in het kader van het Paulusjaar, bezinningsdagen over de bekering van Paulus georganiseerd. Na een presentatie met bibliodrama werd er in kleine groepjes dieper ingegaan op ieders persoonlijk bekeringsproces. In een eucharistieviering werden de deelnemers uitgenodigd tot een fundamentele levenskeuze om een nieuwe weg te gaan. 

Zoals elk jaar werden ook vormingsdagen voor nieuwe vrijwilligers georganiseerd. Na een stageperiode en evaluatie werden dit jaar op het feest van de Heilige Maximiliaan Kolbe 26 nieuwe vrijwilligers de handen opgelegd door de bisschop.

 
In samenwerking met het Ministerie van Justitie zetten we cursussen op touw voor gevangenen die dicht bij hun vrijlating staan om hen voor te bereiden op hun re-integratie. Via het programma “Vrijheid en Burgerzin” hebben we 21 ex-gevangenen terug op de arbeidsmarkt gekregen door hen te stimuleren een eigen onderneming op te zetten (als kapper, fotograaf, naaister, ambulante verkoper). Ze worden begeleid door de sociaal ondernemer Hélio en sociaal assistente Andréia die terplekke gaan kijken en helpen in budgetbeheer. Anderen werden geholpen om terug en niet met lege handen thuis te geraken (busticketten, voedselpakketten) of met het terug in orde brengen van hun papieren (identiteitskaart, arbeidskaart, sociale zekerheid, enz.) of met cursussen of studiebeurzen, materiaal voor het vervaardigen van artisanaat, kleding, geneesmiddelen, enz.

 In het centrum “Nieuw Zaadje” dat naast het gevangeniscomplex te Mata Escura ligt, werden 40 kinderen tussen 6 maanden en 15 jaar opgevangen wiens ouders in de gevangenis straf uitzitten en geen familie hebben die deze kinderen kunnen opvangen. Een 15-tal vrijwilligerskoppels nemen deze kinderen op in hun gezin tijdens het weekend. Er is ook een dagverblijf met 94 kinderen waarvan hun vader in de gevangenis verblijft, opdat de moeder kan gaan werken om het gezin in zijn levensonderhoud te voorzien.

 Brazilië is het vierde land met de meeste gevangenen van de wereld. (440.000) Er leeft nog een sterke cultuur om overtreders van de wet vast te zetten. Alternatieve straffen voor kleinere delicten worden door justitie nog te weinig toegepast. Daarom besliste de overheid van Bahia dit jaar om een netwerk van justitiehuizen op te zetten ter ondersteuning en begeleiding van mensen die door gemeenschapswerk in hospitalen, crèches, bejaardentehuizen, jeugdhuizen, hun straf “uitzitten”. Buiten het feit dat dit goedkoper is voor de overheid dan gevangenissen bouwen, liggen recidivecijfers daar veel lager dan in het klassieke gevangenissysteem.

De kerk in Brazilië wil in dit verband via de vastenactie van 2009 bijdragen tot een breed maatschappelijke discussie over openbare veiligheid en ook de Braziliaanse overheid plant voor het eerst in de geschiedenis een nationale conferentie over openbare veiligheid in augustus 2009 te Brasilia. De gevangenispastoraal wil bij dit proces zoveel mogelijk mensen betrekken en organiseerde reeds in september 2008 een seminarie ter voorbereiding van deze kampanje met vertegenwoordigers van de verschillende bisdommen in Bahia.

 
De gevangenispastoraal maakt ook deel uit van een commissie die herstelrecht wil inplanten, waarbij sommige conflicten (sneller) kunnen opgelost worden zonder dat het tot een rechtszaak moet komen. De NGO “Juspopuli” heeft reeds in verschillende wijken wetswinkels opgezet die aan bemiddeling doen en geeft vorming aan lokale leidersfiguren. Vooral de sensatiepers en media bemoeilijken een evenwichtige kijk op de problematiek van toenemend geweld en criminaliteit. De gevangenispastoraal pleit voor nieuwe kansen voor wetovertreders, maar wil ook begeleiding voor slachtoffers; wil mensenrechten gerespecteerd zien zowel voor slachtoffers als overtreders. In 2008 kon ze die problematiek opentrekken en allerlei organisaties aantrekken om samen aan een vreedzaam samenlevingsmodel  te werken.

 Filip.

100 jaar Dom Helder Cámara

Mijn onvergetelijke ontmoetingen met een charismatisch man

Op 7 februari 2009 zou Dom Helder 100 jaar geworden zijn. Op vele plaatsen in Brazilië en de wereld werd die verjaardag herdacht met een eerbetoon dat nog over verschillende maanden loopt. Voor mij een reden om u te vertellen hoe ik deze man leerde kennen en wat hij in mijn leven betekende.

Ik ontmoette Dom Helder zelf voor de eerste keer toen hij kwam spreken in mijn geboortestad Antwerpen. Dat was in de jaren 70. Ik zat toen in het middelbaar. Dom Helder sprak Frans met een sterk Portugees accent, zijn enthousiasme werkte echter aanstekelijk en zijn woorden werden onderlijnd door wijdse armgebaren. Het maakte zijn kleine gestalte een stuk groter.

De volgende ontmoeting vond in een huiselijke sfeer plaats, in de leefgemeenschap van Gust van Haegenborgh en Leona Derde, twee personaliteiten in ons bisdom Antwerpen die ooit de Commissie Rechtvaardigheid en Vrede oprichtten. Wanneer Dom Helder in Antwerpen langskwam, logeerde hij bij hen. Zij vertelden mij dat hij weinig sliep en in de vroege ochtend opstond om te waken. Tijdens die uren, vertelde  Dom Helder, tracht ik eenheid te vinden, vooral de eenheid met Christus. Dat aspect intrigeerde me: hoe deze man strijd en contemplatie verbond. Opvallend was ook hoe ontspannen hij was en vol humor, schertsend met iedereen.

Hij was de eerste Braziliaan die ik ontmoette. Hij vertegenwoordigde voor mij een kerk, dicht bij het volk, warm, begaan met het bouwen aan het Rijk Gods. Hij sprak over de noodzaak om oude onrechtvaardige  structuren in de geïndustrialiseerde landen te vervangen zodat ook de ontwikkelingslanden kansen zouden krijgen. Alles moest gebaseerd worden op rechtvaardigheid en liefde. Hij noemde zichzelf “de ezel van de Heer” en wou de Blijde Boodschap wereldwijd brengen. Zijn initiatieven zorgden voor een boycot van grote multinationals zoals Coca-Cola en Nestlé, door het niet aankopen van hun producten, zodat ze verplicht zouden worden de mensenrechten te respecteren van hun werknemers in ontwikkelingslanden. Hij noemde dit de Morele Liberale Druk.

In het begin van de jaren tachtig woonde ik de voorstelling bij ‘de Symfonie van de twee werelden” in de Arenahal in Deurne. Deze symfonie was gecomponeerd door pater Pierre Kaelin, een Zwitserse dirigent, met teksten van Dom Helder Camara, die hij persoonlijk kwam voorlezen. Hij voelde zich zo betrokken bij het onderwerp dat hij weende tijdens de voorstelling. Het werd een immens succes in de tot de nok gevulde sporthal, men voelde daar hoe de hoop opnieuw geboren werd. Het was een artistieke evocatie over een droom van een betere wereld. 

Dom Helder vertelde dat hij zich nergens ter wereld een vreemdeling voelde, hij beschouwde alle mensen als broeders. José Comblin herhaalde deze uitspraak in Olinda, tijdens een bijeenkomst over de spiritualiteit van Dom Helder,  een tijdje na het overlijden van de gepensioneerde aartsbisschop. Om Dom Helder zijn universele geloofsvisie te begrijpen, haalde Comblin deze woorden aan: ‘In alles plaatste hij God centraal, en dat maakte dat hij zich goed voelde met mensen van gelijk welke religie of zonder religie’. Deze houding, die de weg opent naar dialoog en vrijheid van geest, heeft me enorm aangesproken in Dom Helder.

 

Op een dag sprak ik met mijn Antwerpse bisschop en haalde aan dat we nood hebben aan meer bisschoppen zoals Dom Helder, mensen die de moed hebben onrecht in naam van het Evangelie aan te klagen. Hij voelde zich ongemakkelijk en zei: ‘Maar ik ben Dom Helder niet!’. En dat klopt,  we moeten onszelf blijven. Dom Helder was uniek, net zoals wij uniek zijn, maar hij laat een leegte achter, dat kan niemand ontkennen. 

 

Filip Cromheecke

 

Zie ook de websites: http://www.centenariodomhelder.com.br/homenagens of http://www.ccesp.puc-rio.br/helder100/homem.html


* Op 25 en 26 april namen een 60-tal vrijwilligers en kandidaat-vrijwilligers deel aan de vormingsdagen van de gevangenispastoraal die doorgingen in de school OLV van Licht te Pituba/Salvador.
Het werden twee rijk gevulde dagen met speciale inbreng van de rechter van de uitvoeringsrechtbank Andremara dos Santos voor het juridische apect van de vorming. De franse pelgrim Henrique van de Drievuldigheidskerk die mensen van de straat opvangen, stond in voor de spiritaliteit van waaruit we de gedetineerden benaderen. De priester-psycho-analist João Batista Deferrari gaf een inleiding over de psychologisch-pastorale begeleiding van gedetineerden. Tussendoor waren er getuigenissen zowel van vrijwilligers als van ex-gevangenen over de betekenis van de gevangenispastoraal in hun leven.
Dit was ook de laatste activiteit van Fabiola die ontslagnemend is, omwille van familiale redenen. We zijn haar erg dankbaar voor de zes jaren dat ze met hart en ziel heeft gewerkt aan de uitbouw van dit netwerk voor gevangenen, hun familieleden en ex-gevangenen. We verwelkomen Luciene (30) die haar vervangt. Ze studeert administratie en is pastoraal actief op haar parochie Dom Bosco waar de Belg André Seutin pastoor is.
 
Filip Cromheecke 



* Van vasten naar pasen, maandag 30 maart - Salvador da Bahia


 
Goede vrienden,
 

Terug vanuit mijn vertrouwde plek aan het pleintje van de Saúde, heb ik gewerkt aan de inleidende woorden van het lentenummer van “De Kleine Prins”, die terug in jullie bus is gevallen. Een beetje een bijzonder nummer omdat we wegens computer en tijdsproblemen niet alle info hebben kunnen doorsturen.

Wil je een abonnement op 'De Kleine Prins' dan kan je dat bestellen langs redactie.dekleineprins@hotmail.com.
 
Maar ondertussen ben ik blij terug aan de slag te kunnen, te midden het bruisende leven van deze fascinerende grootstad Salvador, maar soms ook met heimwee terugkijkend naar een contemplatieve periode, waar veel meer ruimte voor gebed en stilte was. Het zal wel altijd een zoeken blijven om een evenwicht te vinden tussen strijd en inkeer.

Na een maand geestelijke oefeningen bij de Jezuïeten te Itaici/Sao Paolo, besef ik meer dan ooit dat de band met ons innerlijke zelf, met God, fundamenteel is om in het spoor van Jezus aan bevrijding te werken, zowel in mezelf als naar de gemeenschap toe. In die zin ben ik blij dat onze kardinaal Dom Geraldo me gevraagd heeft om te helpen op het seminarie bij de geestelijke begeleiding van de seminaristen. En volgens de laatste berichten is de kans groot dat ik er zelfs een Vlaamse collega bijkrijg, met name Jan de Bie hulpbisschop-emeritus van Mechelen/Brussel, die eerder rector was van dit seminarie.

De vraag waarmee ik zat -of ik op mijn vijftigste niet iets anders moest gaan doen- vertaalt zich meer naar een bezinning over de manier waarop ik bezig ben en me laat leiden door de Geest. In de leerschool van Jezus blijven staan, om van Hem te leren hoe God verlangt dat ik bijdraag aan de nieuwe schepping, lijkt me nu essentiëler. 

Dat wil niet zeggen dat we bij de pakken moeten blijven zitten, integendeel. Het is vijf voor twaalf, zoals L. Boff terecht sprak op hjet Wereld Sociaal Forum in Belèm, over de huidige crisis. Niet alleen kijken naar het resultaat (in deze maatschappij, die dikwijls alleen op efficiëntie gericht is), maar aandacht hebben voor de manier waarop je samen het resultaat probeert te bereiken. “We build the road and the road builds us” (Wij bouwen aan de weg en de weg bouwt aan ons), een zin van de Sarvodaya-beweging in Sri Lanka die nog steeds in mij blijft nazinderen.

Het doet me denken aan de startdag voor echtparen van Marriage Encounter die we enige tijd geleden organiseerden. Het zag prima in elkaar, al zeg ik het zelf. Maar plots kwam er een koppel binnen waarvan de man zwaar fysiek gehandicapt was en op uitnodiging van een ander koppel zijn poëziebundel kwam voorstellen. Wij van de organisatie wisten van niets en vermits de man maar langzaam en met veel moeite uit zijn woorden geraakte, duurde het een hele tijd en geraakte het tijdsschema hopeloos achterop. Ik kon geen geduld opbrengen om hem te beluisteren en begon samen met enkelen alvast de schotels af te wassen van het middagmaal. Maar nadien tijdens de toespraak van een criminoloog over openbare veiligheid, het thema van de vastenactie dit jaar, gaf hij zijn mening over hoe we allen op één of andere manier kunnen bijdragen tot een vredevollere samenleving. Ik begon me in te spannen om zijn boodschap te begrijpen. Ik begon zijn moed te bewonderen om, tegenover een voor hem toch vreemde groep, zijn opinie te geven. En ik dacht aan al die mensen die, toen ik hier pas aankwam, moeite hebben gedaan om mijn Portugees te verstaan. En ik zag zijn vrouw naast hem liefdevol en geduldig met een zakdoek zijn mond schoonmaken. En ik dacht: hier begint de vrede, geduldig kunnen luisteren naar iemand die ondanks zijn handicap, met veel inspanning, zich duidelijk wil maken.

Geen grote theorieën, maar werken aan de kwaliteit van onze relaties, een aandachtspunt voor mij in deze vastentijd. Dat wil niet zeggen dat we het macro-niveau uit het oog moeten verliezen en ons moeten nestelen in het eigen veilige nest. “Think globaly, act localy” (Denk wereldwijd, handel lokaal)

Op weg gaan met Jezus naar Jeruzalem, waar de kruisdood, maar ook de verrijzenis op Hem wachten, is doorheen pijn en verdriet, tekort en mislukking ook nieuw leven geboren zien worden, van binnenuit.


Zalig Pasen !

Filip

 





* Zondag 15 februari organiseerde de gevangenispastoraal een tweede seminarie ter voorbereiding van de vastenactie 2009 rond openbare veiligheid met meer dan 400 deelnemers van de verschillende parochies van het aartsbisdom. Het was een overrompeling en hoewel we vroegen om op voorhand in te schrijven, zijn er nog veel geinteresseerden op de dag zelf gekomen. Daardoor hadden we te weinig materiaal en onvoldoende plaats voor de werkwinkels. Bovendien was het bloedheet en dropen de zweetdruppels van de kin van onze bisschop Dom Geraldo tijdens de slotviering.
 
Het is blijkbaar een thema dat niemand onberoerd laat, zeker niet in Salvador waar de cijfers van het toenemende geweld alamerende vormen aanneemt. Maar dat wordt nu tijdens de karnavalperiode gecamoufleerd om de toeristen niet af te schrikken. Als gevangenispastoraal zijn we blij dat de ganse kerkgemeenschap wil nadenken en zoeken naar alternatieven om de vrede te bevorderen. We voelden ons voordien eerder alleen staan als het ging over dit onderwerp. Dat was in België en Europa ook zo als het een vijftiental jaar geleden ging over mensen zonder papieren. Ook daarrond zijn er nu meer medestanders opgestaan.  (Filip)



* op 3 februari is Filip terug aangekomen in Salvador da Bahia.Hij nam er zijn taken terug op en heeft zich nu ook geëngageerd in de ploeg van geestelijke begeleiders van het Seminarie van het Bisdom Salvador. Op 4 februari overhandigde hij 800 euro als geschenk van zijn thuisparochie H.Drievuldigheid aan de kerk van Trindade in Salvador. Deze kerkgemeenschap die werkt met de mensen van de straat,, zal het bedrag gebruiken om werken uit te voeren zodat ze kunnen zorgen voor hun eigen watervoorziening.

* van 02 januari tot 31 januari is Filip in retraite geweest in een klooster van de Jezuïeten in de omgeving van Sao Paolo. Hij deed er de 30daagse oefeningen van Sint-Ignatius.

 

Gevangenispastoraal Salvador da Bahia in actie! Ook dank zij U!

* Onze equipe van de gevangenispastoraal in Salvador een seminarie ter voorbereiding op de vastenactie van 2009 over openbare veiligheid voor de bisdommen van Bahia en Sergipe. We waren met een 50-tal deelnemers die dan met al de opgedane informatie de campagne in hun eigen bisdom, school of instelling gaan animeren. Er was reeds een deel van het animatiemateriaal ter beschikking zoals de affiche en de basistekst. Die affiche leek ons op het eerste zicht geen voltreffer. Het is inderdaad geen blikvanger, maar als je er langer bij stilstaat ontdek je er toch heel wat in.

De basistekst is weer opgedeeld volgens de zien-oordelen-handelen-methode van Cardijn. We opteerden voor een creatieve omgang met de inhoud van de tekst door mensen uit te nodigen die getuigden over hun ervaringen en initiatieven. Aan de ene kant hadden we een collage met krantenknipsels opgehangen over alle mogelijke vormen van geweld, aan de andere kant een muurkrant die we stilaan opbouwden met vredesinitiatieven die werden voorgesteld. De vrijdagavond begonnen we met een panelgesprek met vertegenwoordigers van de militaire en civiele politie en van het openbaar ministerie. Onze kardinaal Dom Geraldo en de hulpbisschop Dom Gregório vertegenwoordigden onze kerkprovincie.

 

Riccardo Cappi, een criminoloog, gaf de inleiding die iedereen meteen aan het denken zette: wat verstaan we als we het hebben over veiligheid, alleen de afwezigheid van geweld? Wordt er niet gemakkelijk weer de schuld gegeven aan de armen? Bestaan er dan echt geen alternatieven dan alleen maar straffen? Hoe kunnen we onze sociale inzet politiseren? Wat kan er gedaan worden voor de slachtoffers? Hoe gaan we om met symbolische geweld? Het trok de ganse problematiek meteen uit de roddelperssfeer die graag spectaculaire moorden op hun voorpagina's zetten om zoveel mogelijk gazetten te publiceren. Verder kregen we getuigenissen van buurtwerkers over conflictbemiddeling, vrijwilligers die aan slachtofferhulp doen, politie die kansarme kinderen begeleiden met naschoolse activiteiten en daklozen die een eigen krant uitgeven. Boeiende initiatieven die tonen dat er wel degelijk aan een cultuur van vrede gewerkt kan worden. Tot slot een bezinning over hoe Jezus met de Samaritaanse vrouw omgaat in het evangelie van Johannes - hoofdstuk 4. Hoe ook wij, in navolging van Hem, herstel kunnen bewerken en niet alleen straffen.

 

* Een boeiend initiatief dat de gevangenispastoraal i.s.m. het ministerie van justitie uitbouwde en reeds in twee gevangenissen toepaste in dit tweede semester van het jaar, is de cursus: "Denkend aan de vrijheid" voor gevangenen die er bijna hun straf hebben opzitten. We merkten dat velen vrijkomen zonder er eigenlijk op voorbereid te zijn. Men kijkt zo uit naar de dag dat men vrijkomt, maar als die er uiteindelijk is, beginnen er een heleboel nieuwe problemen: niet alleen van praktische aard zoals woonst en werk, maar ook: Hoe ga ik met mijn meest nabije kennissen om na al die jaren? Hoe neem ik mijn rol in het gezin terug op? Hoe zorg ik weer voor mezelf zonder dat iemand zegt wat mag en niet mag? Hoe kom ik weer in orde met mijn papieren? Hulpverleners en leerkrachten brachten de thema's op een creatieve en dynamische manier aan bod (zie artikel van professor Milton Júlio in de laatste kleine prins) Er werden ook heel praktische vaardigheden aangeleerd zoals met de PC werken, sociale zekerheid in orde brengen, enz. De reacties van de deelnemers waren merendeels positief, zowel bij de mannen als de vrouwen van het half-open regime. Het is nu nog afwachten of ze effectief weerbaarder zijn geworden in het aanpakken van hun leven in vrijheid.

* De bezinningsdagen voor gevangenen n.a.v. het Paulusjaar in het teken van de bekering van Paulus. Het rollenspel gebracht door de seminaristen was een voltreffer en maakte echt indruk. Nieuw waren die bezinningsdagen in de gevangenis met een zwaardere discipline voor gedetineerden die in andere gevangenissen al moeilijkheden hadden veroorzaakt. Het was de eerste keer dat we de ganse dag met hen zo'n traject mochten en konden afleggen. Er werd ook massaal op ingeschreven (80 a 100 deelnemers per keer).

 

Met een klein hartje werd er aan begonnen, hopend dat alles vlot zou verlopen. God zij dank, waren er geen noemenswaardige problemen en werd er flink meegewerkt. Fijn was ook de oecumenische samenwerking met de protestantse pinksterkerkleden, wat zeker geen evidentie is. De hulpbisschop Dom Gregório kwam er ook op bezoek en beantwoordde in een openhartig gesprek de vele vragen van de gedetineerden. Of hij nooit met een vrouw gemeenschap heeft gehad of weed gerookt.

* In ons centrum 'Nieuw Zaadje' voor de kinderen van gedetineerden werd een speciaal kerstfeest voorbereid. Een ex-gevangene, Fernando, onderlegd in de knepen van het theatervak, bereidt een kerstspel voor met de kinderen dat ook in de gevangenis zelf zal opgevoerd worden. Zuster Adèlia hoopt dat haar jonge Braziliaanse collega's zullen terugkomen van Italië op het einde van het jaar om haar bij te staan in het vele werk. Ze droomt van een polyvalente ruimte waar dergelijke evenementen beter aan hun trekken zouden komen. Als erkende instelling kon de multidisciplinaire equipe met psychologe, sociaal assistente, pedagoge en pediater dit jaar gefinancierd worden dankzij de subsidies van de overheid. Er komt wel een ganse papierwinkel bij kijken.

 

* Ook in de nieuwe gevangenis van de buurgemeente Lauro de Freitas is een equipe gevangenispastoraal van start gegaan. We waren in de parochies vrijwilligers gaan ronselen zonder veel resultaat. Er was namelijk heel wat weerstand van de bevolking toen die nieuwe gevangenis daar werd gebouwd. Maar dankzij een enthousiaste diaken hebben enkele parochianen de stap durven zetten. Maria-José van onze equipe in Salvador, heeft als ervaren vrijwilligster, de nieuwelingen mee op weg gezet. Er zijn nog wel wat problemen in de gevangenis om een stevige werking op gang te zetten. In het begin zijn er altijd veel weerstanden bij directie en penitentiair beambten. Ze weten ons niet goed te plaatsen: we zijn geen familiaal bezoek, maar ook geen werknemers. Soms worden we als indringers beschouwd. Maar langzaam vertrouwen winnen, het volhardend aanwezig zijn, rustig blijven en open staan voor iedereen zijn fundamentele bouwstenen om een verandering in mentaliteit te bewerkstelligen.

* Niet alles lukt wat we proberen. Zoals de geplande ontmoetingsdag voor penitentiair beambten. We zijn ons ervan bewust dat het een stresserende job is en er weinig opvang bestaat voor cipiers die over hun toeren gaan. Vandaar ons aanbod om via groepsdynamieken de mens in de cipier aan bod te laten komen. In het eerste semester was zo'n ontmoetingsdag een succes. Niet veel deelnemers, maar wie erbij was, is entoesiast naar huis gegaan en ging collegas motiveren voor een volgende bijeenkomst. Het is niet duidelijk of de totale afwezigheid te maken had met onze aanklacht, waarna zes corrupte cipiers verplaatst zijn geworden, of de datum, onmiddellijk na een algemene vergadering van het syndicaat.

Van harte gegroet en bedankt voor uw steun.

Padre Filip Cromheecke


 

Gevangenispastoraal en haar vrijwilligers in actie 

 

In onze equipe van de gevangenispastoraal werkt er ook een landgenote mee, Hilda Hendrickx (75) die sinds 1967 in Salvador woont. Zij is de zevende medewerkster die ik wil voorstellen


Hier lees je het volledige artikel.

 

 

De Kleine Prins is 18 jaar


en dat was een aanleiding voor het tijdschrift DACO van het bisdom Antwerpen om een gesprek te voeren met Filip over 18 jaar kleine prinsjes.


Hier kan je het volledige artikel lezen.



Gevangenispastoraal Salvador da Bahia in actie!

Een bijzondere medewerker van onze gevangenispastoraal die we u langs deze weg willen voorstellen is Nilton de Oliveira (47).

Nilton is leerkracht aardrijkskunde met specialisatie in waterkunde en geeft les in een vrije school te Pituba, de wijk in Salvador waar hij ook woont.

Hij is afkomstig van Elísio Medrado, een landelijke gemeente op 220 km. van Salvador waar hij directeur was van een gemeenteschool en voor het eerst in contact kwam met een achttal gevangenen van het plaatselijke politiekantoor die hij regelmatig bezocht en alfabetiseerde.

Hij herinnert zich geëmotioneerd de dag dat hij een brief kreeg van een ex-gevangene die met zijn steun in de gevangenis leerde lezen en schrijven. Hij maakt als vrijwilliger deel uit van de Focolare (www.focolare.org), een wereldwijde katholieke spiritualiteitsbeweging, gesticht door Chiara Lubich, die vooral de eenheid nastreeft door terug te gaan naar de bronnen van het Evangelie.

 
Toen hij overplaatsing vroeg naar Salvador en bij zijn gescheiden zus ging wonen met twee kinderen, opende hij een krantenkiosk en naast het lesgeven wilde hij iets met volwassenencatechese doen. Vier jaar geleden zag hij de uitnodiging op het mededelingenbord van de kerk om zich in te schrijven voor een vormingscursus voor nieuwe vrijwilligers in de gevangenispastoraal. En op de vooravond van zijn verjaardag, vroeg de parochiepriester of hij niet mee een kijkje wilde komen nemen in de gevangenis waar hij een viering ging voorgaan.

 
Dit bezoek trof hem zo dat hij dit als een goddelijk verjaardagsgeschenk beschouwde en reeds voor de cursus met regelmatig gevangenisbezoek begon. Sindsdien laat de gevangenispastoraal hem niet meer los. Hij begon in de gesloten mannengevangenis waar hij de betekenis van de uitdrukking "de zon vierkant zien opkomen" begreep, toen hij de gevangenen door kleine vierkante openingen naar buiten zag staren.

Daarna ging hij naar een gevangenis met een strenger regime voor "moeilijke" gedetineerden. Onlangs nam hij er de benedictijnse hulp-bisschop Dom Gregório mee voor een vragenuurtje met 80 internen die actief deelnamen.

 Daar groeide bij hem ook het verlangen om die mannen die vele uren op cel zitten zonder enige activiteit, tot lezen aan te zetten. Hij begon een boeken- inzamelactie en stelde in elke afdeling een bibliothecaris aan die zorgvuldig de boeken uitleent en na verloop van tijd terug opvordert.

Hij is ook één van de grote promotoren van het APAC-project dat helaas nog niet van start is kunnen gaan in Bahia. Hij ging ook een week met de gevangenen van de APAC-modelgevangenis te Itaúna/MG samenleven (zie het ervaringsartikel in het vorig nummer van Jan de Cock) en begeleidde gedurende 21 zaterdagen de eerste APAC - vrijwilligerscursus te Simões Filho.

Hij vertegenwoordigt de gevangenispastoraal in het comité ter bestrijding van martelingen en volgde onlangs een cursus rond "monitoramento de detenção" (Raad van toezicht op de detentiecentra). Nilton houdt van de natuur en trekt er regelmatig op uit naar de Chapada Diamantina, een beschermd natuurgebied op zo'n 500 km van Salvador. Hij is ook lid van een lokale NGO die afval recycleert en daarmee vijf families in hun levensonderhoud voorziet. Zijn levensmotto is "altijd blijven geloven".

 
 

GEDETINEERDE MOEDERS EN HUN BABY'S
EEN BAANBREKEND PROJECT
van onze GEVANGENISPASTORAAL & DE KINDERPASTORAAL

De samenwerking tussen de gevangenispastoraal en de kinderpastoraal is een viertal jaren geleden begonnen als een pilootproject in twee bisdommen, Salvador in de staat Bahia en São José do Rio Preto in de staat São Paulo. Dat was een eerste idee dat ontstond tijdens een nationale bijeenkomst van de sociale pastoraal van de CNBB (nationale bisschoppenconferentie van Brazilië) om tegemoet te komen aan de nood aan begeleiding van kinderen van gevangenen, die dikwijls aan hun lot werden overgelaten en die hun ouders in de delinquentie volgden.
Wij hadden in Salvador al een opvang met het Centrum Nova Semente (Nieuw Zaadje) wat de uitbouw van het pilootproject zou vergemakkelijken. Eerst dachten we er aan om via de gevangen ouders hun families (en kinderen) te gaan bezoeken, maar dat stootte op heel wat weerstand. Zowel bij de vrijwilligers van de kinderpastoraal die terugdeinsden bij het idee om families van "criminelen" te gaan bezoeken, als bij de families zelf die dachten dat ze door de gevangenis gestuurd waren om te komen "controleren". Vandaar dat het idee groeide om de vormingscursus voor leid(st)ers in de kinderpastoraal in de gevangenis zelf te geven. Met die informatie zouden ze beter hun kinderen onthalen op de bezoekdag, de borstvoeding gestimuleerd worden voor babies die tot zes maanden bij de moeder mogen blijven en na de gevangenschap zich makkelijker terug integreren als gevormde leidster van de kinderpastoraal.


Cursus in de vrouwengevangenis van Salvador

Een eerste cursus werd gegeven in de vrouwengevangenis van Salvador met een twintigtal deelneemsters, waarvan er een elf met een certificaat de cursus beëindigden. Aanvankelijk was er veel weerstand van de penitentiaire beambten die het alleen als extra werk zagen, er was geen locaal ter beschikking, de weegschaal mocht niet binnen, enz. Maar het klimaat in de vrouwengevangenis veranderde, er werd meer aandacht besteed aan de specifieke noden van die vrouwen (gynaecologie, prenatale zorg, extra voeding voor verwachtende moeders) en nu beseft de overheid dat die gevangenis helemaal niet geschikt is voor vrouwen en hun baby's, zodat men een nieuwe vrouwengevangenis gaat bouwen.

Ook in het binnenland van Bahia groeide de belangstelling en ging men samenwerken in de gevangenis van Jequié en in het politie-complex te Barreiras. In Jequié worden ook de gevangen vaders uitgenodigd om de cursus te volgen. Met wegwerpmateriaal maakten ze reeds prachtig speelgoed voor hun kinderen. Er is zelfs een vader die zijn verwachtende vrouw via de telefoon alle mogelijke adviezen gaf die hij in de cursus geleerd had. In Salvador is er al een ex-gevangene in haar gemeenschap actief als leidster van de kinderpastoraal en met veel waardering voor haar toewijding.


In mei, tijdens het bezoek van Benedictus XVI, werd er door de kinderpastoraal een nationaal congres georganiseerd te Sao Paulo, waarin één van de werkwinkels de presentatie van ons pilootproject was. Geïnteresseerden konden achteraf hun naam opgeven om uitgenodigd te worden om een bezoek te brengen aan de plaatsen waar het project reeds loopt. Zo kregen we in Bahia bezoek van vertegenwoordig(st)ers van bisdommen uit gans Brazilië.

Één van de vrouwelijke gedetineerden in Salvador zei toen ze vernam dat al die mensen vanuit gans Brazilië kwamen leren hoe zij het deden : "Sjiek, hé, ze komen zelfs vanuit het uiterste Zuiden en Noorden van Brazilië om te kijken hoe wij dat hier doen."

We ijveren nu voor een spelotheek in elke gevangenis, meer kwaliteit in de prenatale begeleiding en een aparte afdeling voor moeders met hun baby's.

Filip Cromheecke
http://www.pastoraldacrianca.org.br/portugues/jornal/132/pag11.pdf




WIJ INVESTEREN IN DE TOEKOMST
MET UW STEUN WORDT DEZE MAN
STRAKS ADVOCAAT VAN DE ARMEN

Deivson Cerqueiro Bomfin (31) is vader van twee schattige dochtertjes Maria-Eduarda (7) en Maria-Louisa (5) en gehuwd met Mônica. Ze wonen in een huisje onder dat van zijn moeder in de populaire wijk São Caetano.

Hij werkt zoals zijn overleden vader als politieman. Eigenlijk wenste hij voor zichzelf een andere job, maar met de plotse komst van Maria-Eduarda moest er brood op tafel komen en werden de studies onderbroken. Toch ziet hij nu een oude droom werkelijkheid worden, mede dankzij steun van onze achterban.

Hij zit nu in zijn 7de semester aan de faculteit rechten aan één van de beste universiteiten van Salvador ("de 2de juli"-universiteit genaamd naar de onafhankelijkheidsdag van Bahia). Deivson wil zich als toekomstige advocaat ten dienste stellen van de gevangenispastoraal en de armsten. Dit sociaal engagement zat er van jongsaf aan in. Zijn moeder stimuleerde de kinderen om actief aan het parochieleven deel te nemen. Zo engageerde hij zich reeds vroeg in de catechese, kinder- en jeugdpastoraal en was anderhalf jaar seminarist bij de paters te Governador Valadares/MG waar hij stage liep in een favela en een nederzetting (assentamento) van landloze boeren. Door het overlijden van zijn broer in een auto-ongeluk en het drankprobleem van zijn vader brak zijn seminarietijd vroegtijdig af, om zijn moeder meer tot steun te kunnen zijn. Hij leerde Mônica kennen en ze beslisten snel een gezin te stichten.

Deivson heeft ook een tijdje als coördinator van het gemeenschapscentrum Chico Mendes in Saramandaia gewerkt toen ik er pastoor was.

De sociale ongelijkheid, het verhulde racisme en de corruptie stoten hem fel tegen de borst. Deivson zegt dat het mis is gelopen in Brazilië met de amnestie in 1979 voor de militairen die tijdens de dictatuur vele onschuldige burgers gefolterd en vermoord hebben. "Hiermee werd er een straffeloze staat geïnstalleerd die tot op vandaag heerst. Uiteindelijk heerst in Brazilië nog steeds een koloniale structuur waarin een rijke blanke elite de arme, zwarte of mestiese meerderheid onderdrukt, weliswaar in een andere vorm, maar daarom niet minder wreedaardig. De onafhankelijkheid, het uitroepen van de republiek, het afschaffen van de slavernij en het einde van de militaire dictatuur hebben daarin geen verandering gebracht."

Hij herhaalt de woorden van Steve Biko: "De kracht van de onderdrukker zit 'm in de geest van de onderdrukte." Zolang elke Braziliaan geen kans krijgt op een degelijk onderwijs, waardoor hij een kritische burger wordt en protagonist van zijn geschiedenis, komt er geen wezenlijke verandering.

Deivson ziet zichzelf cultureel als behorend tot de zwarte bevolkingsgroep, hoewel hij mesties van uiterlijk is. "Waarom is er nooit een film gemaakt in Brazilië over de zwarten, hoe de slaven hier werden geïmporteerd vanuit Afrika? Zwarten dienen hier enkel voor vermaak als goede voetballers, zangers en dansers." Maar naast zijn kritische maatschappijanalyse, kan hij ook genieten van een goede voetbalwedstrijd, vooral als zijn geliefde Bahia-voetbalteam aan de winnende hand, van de Braziliaanse populaire muziek of een dampende feijoada (bonen en vleesgerecht).

Tot slot citeert hij Nietzsche: "Wordt wat je bent" "Er is veel schijn en leugen", zo zegt hij. "We moeten eerlijk durven zijn met onszelf, ons geen rad voor de ogen (laten) draaien. Brazilië wordt voorgesteld als het land van de carnaval, de lachende gezichten, de samba, maar dat is eigenlijk een overlevingstactiek om niet ten onder te gaan aan de miserie. We zijn misschien spontaner, speelser, maar er ontbreekt nog veel solidariteit en medemenselijkheid."

 
Gevangenispastoraal Salvador da Bahia in actie!

De vijfde bijzondere medewerkster van onze gevangenispastoraal die ik in deze editie wil voorstellen is de Franse zuster Cécile.

Zuster Cécile (70) trok na jaren algemeen overste van haar congregatie Auxilaires do Sacerdoce geweest te zijn en deel uitgemaakt te hebben van de nationale equipe van de migrantenpastoraal in Frankrijk, naar Brazilië om terug helemaal van vooraf aan te beginnen. "Terug als novice in de leer gaan. De taal, gebruiken en cultuur leren." Je moet het maar kunnen op die leeftijd. Ze woont in een kleine gemeenschap van drie zusters, dicht bij het seminarie. Ze stelde zich als vrijwilligster ter beschikking van de gevangenispastoraal en begon met de equipe van de psychiatrische gevangenis elke donderdag de patiënten te bezoeken. Aanwezig zijn bij deze dikwijls verlaten en verwaarloosde mensen, is geen sinecure. Er wordt samen gezongen, gebeden en gedanst. Ze hebben nood aan een luisterend oor, maar je moet wel bereid zijn om dikwijls hetzelfde verhaal te horen.

Momenteel werkt ze in de voorhechtenis-gevangenis en in een gevangenis met een speciaal regime voor zwaardere criminelen. Het zijn zondermeer de moeilijkste afdelingen. Ze werkt graag met tekeningen en vraaggesprekken. Ze brengt altijd bloemen uit de tuin mee om het altaar te versieren tijdens de eucharistievieringen. Bloemen zijn een weldaad in de gevangenis. Haar onvoorwaardelijke aandacht voor de zwaksten, maakt haar heel geliefd bij de gevangenen. Ze noteert de verzoeken heel nauwgezet in een schrift en legt contact met de familie van de gevangenen via telefoon of huisbezoek. Omwille van haar rijzige gestalte en haar respectvol omgaan, wordt ze door de gevangenen "Madre" (Moeder) genoemd.Naast de gevangenispastoraal, zingt ze graag in het koor van het nabije jezuïetencollege en doet regelmatig een oproep onder de koorleden om zeep en tandpasta te schenken voor de gevangenen die geen bezoek krijgen. Ze geeft ook catechese aan de vormelingen op de parochie en zorgt voor een medezuster die aan kanker lijdt.